Categorieën
Uncategorized

Hoofdstuk 7

Ondanks dat ze het stuur met brute kracht omklemt, trillen Anita’s handen oncontroleerbaar. Vanuit haar ooghoek ziet Bonnie hoe ze helemaal rood is aangelopen. Vandaar heeft ze dat dus, dat ongecontroleerd blozen. En ook Bonnie voelt dat ze zo rood ziet als een tomaat. Wat is het ook grondig fout gelopen nog geen half uur geleden. Het begon allemaal vroeg vanochtend, toen Anita autoritair over Bonnie’s bureau kwam hangen.
“Binnen een uur gaan gij en ik naar een vergadering buitenshuis. Met Victor én Charlie. Over ons partnerschap.”
Bonnie’s mond voelde meteen kurkdroog aan. Ze probeerde haar blik nog af te wenden door zich te richten tot haar computerscherm, maar dat bleek al snel een verloren moeite.
“Kijk me aan als ik tegen u praat, Bonnie.”
Het was lang geleden dat haar moeder zo’n toon tegen haar aansloeg. Ze praatte deze keer echter niet als moeder, maar als baas. Tegenspraak werd niet geduld.

Zo gezegd, zo gedaan. Een uur later zaten ze in de veranda van de oude Victor aan een ronde tafel met de man in kwestie en zijn ondertussen alombekende charmante kleinzoon Charlie. Aangezien de tafel volgestouwd stond met verse koffiekoeken, fruitsap, koffie en champagne, was het niet moeilijk om een aangename sfeer te creëren. Het eerste kwartier leek er geen vuiltje aan de lucht. Er werd flink heen en weer gepraat over de gezondheidstoestand van Victor en de actualiteit. Maar toen moest er natuurlijk over zaken gepraat worden. En dat maakte Anita in één zin duidelijk.
“Mijne heren, hoe aangenaam ik het ook vind om hier met jullie te keuvelen, jammer genoeg heb ik nog veel op mijn agenda staan vandaag. Kunnen we to the point komen?”

Een appreciërende en begrijpende knik van zowel Charlie als Victor volgde. Het was Charlie, opnieuw strak in het pak en met zijn haren achteruit gekamd als een echte gangster, die als eerste het woord nam.
“Zoals al vaak genoeg aangekondigd, is het moment dat opa Victor een stapje opzij doet gekomen. Volgende week neem ik officieel alles over. Het is dus hoog tijd voor een gesprek van baas tot baas. Eerlijk gezegd betreur ik het dat je Bonnie hebt meegebracht. Hoewel ik goed genoeg weet dat jong geleerd oud gedaan is, moeten we allemaal toegeven dat ze voor deze gesprekken nog wat te groen is achter haar oren.”
Niemand durfde te reageren. Bonnie probeerde te slikken, maar er ontwikkelde zich een obstructie in haar keel. Met alle moeite van de wereld probeerde ze zich staande te houden.

“Ik wacht wel in de auto”, zei ze met een gebroken stem voor ze zonder omkijken het huis uit vluchtte en tot grote ergernis bij een gesloten wagen aankwam. Ontgoocheld zette ze zich op de stoeprand en rookte een sigaret, of drie. Tot haar moeder zonder enig woord de wagen in stapte. Bonnie kreeg nog net de tijd om in te stappen voor Anita met piepende banden, maar met trillende handen, wegreed.
“You don’t shit where you eat”, klinkt het opeens. “Kent ge die uitdrukking?”
Bonnie knikt stil, haar hoofd gebogen tegen haar borstkas, frutselend met de rits van haar jasje. Ze twijfelt of ze iets moet zeggen, maar haar moeder is haar voor.
“Charlie is onredelijk.”
Bonnie rolt haar ogen heen en weer in haar kassen. 

What the fuck is hij aan het doen?

“Al sinds dag één Bonnie, is Victor mijnen beste klant. Op ‘t vlak van coke, van wapens, van gokken, van witwassen. Op élk vlak van mijn organisatie, Bonnie.”
Anita’s stem gaat de hoogte in wanneer ze haar naam zegt. Ze neemt een diepe teug adem voor ze verdergaat.
“En nu denkt die klote Charlie dat ‘m de koning is, na jarenlang de prins te zijn.”
Stilte.
“Hebde nog in mijnen dagboek gelezen, Bonnie?”
Anita haalt haar ogen van de weg en kijkt haar dochter diep in de ogen.
“Past op!”, klinkt het opeens van die kant.
Anita heeft nog net de kans om een kat in het midden van de baan te ontwijken.
“Ja, ik heb nog in uwen dagboek gelezen.”
“Over Charlie?”
Bonnie knikt.
“Hebt ge ook gelezen hoe het tussen ons geëindigd is?”
Bonnie schudt zwijgzaam haar hoofd. Ze wil dit eigenlijk helemaal niet horen, maar beseft goed en wel dat ze op dit moment niets te zeggen heeft over het onderwerp van de conversatie. Anita gaat verder.
“Ik was op slag verliefd, Bonnie. Want ik zweer het u, wa ne vent was dat vijftien jaar geleden. Ik begrijp volledig wat ge in hem ziet, daar kunde van op aan.”
Bonnie kan het nog net vermijden om te kokhalzen, tot groot plezier van Anita.
“Maar ge moet oppassen voor Charlie, Bonnie. Hij ontvoert u naar zijnen eigen wereld. Als een spin rijgt hij u dichter en dichter, tot hij u opfret.”
Er zit geen greintje twijfel in het overdreven drama in Anita’s stem.
“Maar dat was niet het probleem tussen ons. Eén keer dat ge in zijn web zit, wilde ook niet liever dan opgefret te worden. Toen wij samen waren, was Charlie nog volop bezig met zich een weg te banen naar de top. Alles en iedereen die hem tegenwerkte, moest wijken. Zo ook ik, toen ik te groot werd en bleek dat ik mijn eigen bende had en hij ‘maar’ een werkkracht van zijn grootvader was. Ik ga niet in details treden over de aard van het twistpunt, dat moet ge maar in mijn dagboek lezen. Maar weet dat Victor één keer lijnrecht tegenover een advies van Charlie in is gegaan betreffende een deal met de BB. Sindsdien was het over tussen ons. Van de ene dag op de andere. Dus wat we toen, met uw zogezegde inwijding in scène hebben gezet, is niet helemaal uit de lucht gegrepen, neem dat maar van mij aan.”
Even houdt ze halt om naar een sigaret te grabbelen en ze trillend aan te steken.
“En dat ‘m nog geen haar veranderd is in al die tijd bewijst ‘m nu. De geschiedenis herhaalt zich. Bonnie, ge moet uw eigen keuzes maken. Maar weet da ‘k er zeker van ben dat ‘m op een dag misbruik zal maken van ulle relatie om zijne slag te slaan. Misschien niet vandaag of morgen, maar gebeuren zal het.”

‘20.00’ geeft Bonnie’s iPhone aan. Helemaal opgetut, tuurt ze met een sigaret bungelend op haar onderlip door haar dakraam. Daar is hij. Haar hart slaat overuren. De oldtimer stopt voor de deur van Den Bar, maar vanuit haar uitkijkpunt kan Bonnie niet zien wat er beneden op straat gebeurt. Haar gsm trilt na vijf seconden.
“Kom je of kom je niet? Mr. D.R.”
Een ongecontroleerde en ongewenste glimlach verschijnt op Bonnie’s lippen. Natuurlijk komt ze. Anders zou ze gewoon in haar trainingsbroek voor de televisie hangen.
“Ik kom. Bx.”
Snel loopt ze de trappen af en de deur uit. Even twijfelt ze voor ze het portier opentrekt. Eén blik op zijn glimlach en ze is verloren. De woorden van haar moeder spoken door haar hoofd wanneer hij haar een snelle kus geeft. The Cure vult de stilte in de wagen.

I would say I’m sorry
If I thought that it would change your mind
But I know that this time
I have said too much
Been too unkind

The Cure

“Is het voor u nog altijd een spelletje”, floept ze eruit.
Hij kijkt haar aan met gebroken ogen, maar kijkt dan terug naar de weg.
“Bonnie, ik vind het leuk om spelletjes te spelen. Maar dat maakt wat wij hebben geen spelletje.”
Ze kijkt hem met grote ogen aan in afwachting op wat hij verder nog te zeggen heeft.
“En wat daarnet betreft.”
Hij wacht even en neemt haar hand vast.
“Don’t mix work with pleasure. Ik had gelijk daarnet, daar blijf ik bij. Je hoorde er niet bij te zijn, tijdens die vergadering. En de manier waarop ik dat gezegd heb, is in mijn ogen ook correct. Ik wind er geen doekjes om tijdens zaken. Zaken zijn zaken. En wat jij en ik hebben, heeft daar niets mee te maken.”
Bonnie’s wenkbrauw gaat de lucht in.
“Wat is dat dan? Wat we hebben?”
Hij lacht zijn tanden voor het eerst vanavond bloot.
“Iets waar geen woorden voor zijn.”
De praatjesmaker. Opeens houdt hij halt en rijdt hij een parking in achter een gebouw. Meteen beseft Bonnie waar ze zijn, maar het is haar niet meteen duidelijk waarom ze er zijn. Vragend kijkt ze Charlie aan.
“En over dat jaloers zijn”, steekt hij van wal.
“Ik ben nog nooit jaloers geweest en ben dat ook nu niet van plan. En net dat… ga ik je vanavond bewijzen”, lacht de man geheimzinnig.
“Trouwens,” gaat hij verder, “de vorige keer dat je hier was, heb je onverwacht een deel van mijn wereld betreed. Ik wil je dit deel vanavond ten volle laten ontdekken.”
Bonnie schudt haar hoofd. Vreemde vent, deze kerel. Van zodra ze hand in hand Delight betreden, is iedereen in de weer om hen zo goed mogelijk te bedienen. Op hetzelfde plekje als bij Bonnie’s eerste bezoek, staat het duo met een gevulde en gekoelde champagne-emmer op te wachten. Nog voor ze goed en wel binnen zijn, staan er twee tot de nok gevulde coupes klaar. Charlie biedt er Bonnie één aan en neemt de andere voor zichzelf. Hij knipoogt wanneer zijn glas tegen het hare tikt.

“Welkom in een nieuw deel van mijn wereld. Mijn stoute deel. Je ziet er trouwens adembenemend uit in die jurk”, zegt hij terwijl hij haar een pirouette laat draaien.
“En dat voor een groentje.”
Hij lacht en gebaart haar zich in de sofa te nestelen, volgt haar voorbeeld en stopt haar de menukaart toe.
“Van welke diensten wil de juffrouw vandaag gebruik maken?”
Zijn geile blik is moordend. Bonnie weet even met zichzelf geen raad, maar beslist niet onder te doen en bladert wat diagonaal door de kaart. De woorden dansen voor haar ogen. Bonnie kan het niet laten te giechelen als een meisje als ze beseft dat Charlie bloedserieus is.
“Wat is jouw fantasie, Bonnie?”, klinkt het met een lage stem.
Even denkt ze na, maar eigenlijk weet ze het al meteen. Ze kijkt ondeugend terwijl ze haar woorden wikt en weegt.
“Eigenlijk heb ik meer dan één fantasie”, zegt ze uitdagend, wat duidelijk werkt.
“We hebben een hele nacht”, daagt Charlie uit.
“Maar de fantasie die er met kop en schouders bovenuit steekt en waarop ik telkens opnieuw masturbeer…”
Even wacht ze, wat zichtbaar op de zenuwen werkt van Charlie.
“Is een trio met twee mannen.”
Zijn wenkbrauw gaat de lucht in.
“Verrassend”, lacht hij. “Daar klink ik op!”
Bonnie is opgelucht door zijn ontspannen reactie en slaat haar glas tegen het zijne.
“Dat kan geregeld worden”, klinkt het opeens bloedserieus.
Bonnie weet even met zichzelf geen blijf en kijkt hem vragend aan.
“Bonnie, je bent hier in een gigolobar. Als er iets is wat ik je hier kan aanbieden is het een vent, of twee”, daagt hij lachend uit.
“Charlie, je hoeft me niets te bewijzen.”
Hij schudt zijn hoofd.
“Ik hoef je niets te bewijzen, ik heb hier gewoon zin in. Wat dacht je? Dat ik je zou laten wippen met twee van m’n venten? Nee, ik doe mee”, klinkt het uitzinnig.
Bonnie haalt haar schouders op. Waarom ook niet? Charlie knikt en kijkt dan de andere kant op. Hij wijst naar iemand die Bonnie niet kan zien en doet teken dat de persoon dichter moet komen. Bonnie moet even slikken als er voor haar een hengst van een kerel verschijnt, getooid in een strakke kostuumbroek en een getailleerd wit designerhemd. De man is voorzien van een ruig kort donker kapsel en een ringbaardje.
“Kenneth, dit is Bonnie. Bonnie heeft zin in een trio en ik laat haar mijn mannen zien.”
Dan kijkt hij Bonnie recht in de ogen.
“Wat vind je ervan?”
Weer kan Bonnie een giechel niet onderdrukken.
“Sorry”, zegt ze verontschuldigend tegen Charlie en Kenneth.
“Ik heb dit nog nooit gedaan.”
Charlie legt zijn hand op de hare.
“We kunnen ook nog wat de kat uit de boom kijken, Bonnie. Geen stress.”
Ze knikt waardoor Kenneth met één handbeweging de laan wordt uitgestuurd. Bonnie giet de resterende inhoud van haar glas champagne in haar keelgat en schenkt zich meteen een nieuwe voorraad in. Ze zal het nodig hebben vanavond. Hoewel ze wat onwennig is, vindt ze de situatie waarin ze verzeild is geraakt verdomd spannend. En no way dat ze zich terugtrekt. Vastbesloten neemt ze aandachtig de mannelijke inhoud van de kamer in zich op, tot haar blik blijft hangen bij één exemplaar. Hij staat in profiel waardoor ze én een blik krijgt op zijn meer dan appetijtelijke kont én op zijn stevige borstkas. Alsof hij voelt dat hij bekeken wordt, draait hij zich haar richting uit. Hij: een jonge kerel, een jaar of 25, met een kaaklijn om u tegen te zeggen en voorzien van de essentiële nonchalante stoppelbaard. Zijn lange haar zit op een paar plukken na hoog in een dotje. Ze moet nogal aan het staren zijn, want zijn hand gaat wat de lucht in en maakt een kleine zwaaibeweging. Ze vindt zijn blik die een knipoog werpt.
“Ben?”, klinkt het van de andere kant van de tafel.
“Minder verrassende keuze”, voegt hij er plagend aan toe.
Ze knikt zonder haar blik af te wenden.
“Verrassend of niet: die wil ik wel neuken”, zegt ze uitdagend waarna ze opnieuw recht in Charlie’s ogen kijkt. Geen spoor van jaloezie, enkel de bekende grijns.
“Dat kan geregeld worden. Ga jij maar naar kamer 3, open ze met deze kaart en maak het je alvast gezellig. Wij komen eraan.”

En weg is hij. Met de kaart in de hand blijft Bonnie even roerloos zitten. Waar is ze toch mee bezig? Maar haar nieuwsgierigheid neemt de bovenhand. Ze gooit de inhoud van het laatste glas in één keer naar binnen en gaat de derde kamer binnen. Ze herkent meteen het nummer dat door de luidsprekers klinkt: I Can’t Feel My Face van The Weeknd.

And I know she’ll be the death of me, at least we’ll both be numb.
And she’ll always get the best of me, the worst is yet to come.
But at least we’ll both be beautiful and stay forever young.

The Weeknd

Op de tafel ziet ze een nieuwe fles champagne en drie glazen. Als er op de deur geklopt wordt, hapt Bonnie nog een keer diep adem voor ze Charlie en Ben, klaarblijkelijk enkel gehuld in een kamerjas, binnen laat. Charlie werpt haar een knipoog toe voor hij Ben naar voor schuift.
“Ben, dit is Bonnie. Ze heeft je uitgekozen. En dat is heel wat. Vanavond is ze je koningin.”
Ben knikt, neemt Bonnie’s hand beet en kust hem intiem. Een flits van opwinding giert doorheen Bonnie’s lichaam.
“Goeieavond, majesteit.”
Onder toeziend oog van Charlie, die zich in een fauteuil in de hoek van de kamer nestelt, leidt Ben haar naar het bed en kleedt haar op haar pumps na volledig uit. Ben zet zich op het bed en trekt haar dichter naar zich toe. Zijn lippen vinden haar buik en haar borsten. Bonnie ademt diep in en slaat haar hoofd naar achteren wanneer hij zich een weg baant tussen haar benen. Zijn geoefende tong speelt al snel tikkertje met haar gloeiende clitoris. Bonnie kan het niet laten te kreunen. Maar wanneer ze haar ogen even terug opent en Charlie in het vizier krijgt, slaat ze dicht. Zijn priemende hemelsblauwe ogen kijken haar vreemd aan. Het is een blik die enerzijds volledige focus uitstraalt, maar anderzijds helemaal afwezig lijkt alsof hij door haar heen kijkt. Wanneer hij merkt dat ze hem aankijkt, krijgt ze een knipoog. Maar het kwaad is geschied. Ze schudt haar hoofd en trekt zich weg van Ben, die verbaasd opkijkt.
“Sorry, ik kan dit niet”, stamelt ze terwijl ze zacht met haar hand over zijn nog steeds in een dot gebonden haar strijkt.
Als ze opkijkt naar Charlie heeft zijn vreemde blik plaatsgemaakt voor de alom bekende grijns. Hij brengt zijn handen bij elkaar en begint langzaam te klappen. Ben kijkt hem aan en met één blik beseft hij dat hij zich uit de voeten moet maken. Nadat de deur terug in het slot valt, hangt er een ongemakkelijke stilte in de kamer terwijl Bonnie haar jurk opnieuw tracht aan te krijgen. Het is Charlie’s stem die de kamer opnieuw leven in blaast.
“Laat me je helpen, prinses”, klinkt het sussend.
Hij zet zich recht uit zijn fauteuil en stapt langzaam op haar toe waarna hij de ritssluiting van Bonnie’s jurk toetrekt. Zijn hete adem brandt in haar nek.
“Je hebt me zelfs de kans niet gegeven jaloers te worden”, fluistert hij uitdagend.
“Dat komt nog wel”, probeert Bonnie nog.
Maar ze weet goed en wel wat er net gebeurd is. Hij zit onder haar huid. Hij heeft haar in zijn macht.

Categorieën
Uncategorized

Hoofdstuk 6

Met een gelukzalig gevoel en nog steeds helemaal betoverd door de wereld van Charlie ploft Bonnie na haar onverwacht, maar oh-zo romantisch uitje, uitgeteld op haar bed. Gelukkig is ze onderweg geen bendelid tegengekomen en kan ze de confrontatie met een van hen tot morgen uitstellen. Terwijl ze een sigaret aansteekt, luistert ze naar de talrijke berichten op haar voicemail. Na twee nietszeggende berichten van haar moeder, klinkt een overstuurde Koen aan de andere kant van de lijn.
“Bonnie, waar zit ge meid? Ik heb u al tien keer proberen bellen. Ik zeg het u liever niet via voicemail, maar kom. Ik heb een ongeval gehad met m’n auto. Heel wat geluk gehad, maar ben er toch niet zonder kleerscheuren vanaf gekomen. Ik lig in het ziekenhuis. Bel me. Alsjeblieft.”
Bonnie’s hart staat even stil. Dat bericht is van vier dagen geleden. Zonder de andere berichten te luisteren, tikt ze Koens telefoonnummer in.
“Bonnie”, klinkt het opgelucht aan de andere kant van de lijn.
“Koen, sorry, ik zat onverwacht een paar dagen in het buitenland. Wat is er gebeurd?”
Een zucht weerklinkt.
“Dom geweest.”
Het blijft stil.
“Ik ben gecrasht me mijnen Audi.”
Bonnie slikt moeizaam en hoopt haar tong zo de nodige vochtigheidsgraad te geven om iets gezegd te krijgen, maar er komt niets.
“Ik was scheil en scheef”, volgt er na zeker 10 stille seconden.
Bonnie’s hoofd schudt ontgoocheld heen en weer.
“Ik moet in slaap gevallen zijn. Of efkes gewoon wég, want ik kan niet geloven dat ik in slaap ben kunnen vallen met al het spul da’k dienen avond in m’n lijf gejaagd heb. Alleszins ben ik op een rechte baan afgeweken en frontaal tegen een tegenligger gebotst.”
Ze voelt haar hartslag de hoogte in gaan naarmate het gesprek vordert, maar hoewel ze het probeert slaagt ze er nog steeds niet in er iets uit te brengen.
“Hij was op slag dood, diene gast. Ne kerel van onze leeftijd”, klinkt het gebroken.
Eindelijk slaagt Bonnie erin te reageren: “En jij, wat heb jij?”
“Niks dat in de buurt komt bij het lot van mijnen tegenligger. Komde ni gewoon nekeer langs?”, klinkt het na een tijdje.
“Koen, komaan gast. Ge kunt ni verwachten van mij dak nu gewoon in volle spanning naar u kom en dan pas te horen of te zien te krijgen wa ge voor hebt, verdomme.”
“Bonnie, ik heb gewoon ‘t één en ‘t ander gebroken, das al. Komt nu gewoon maar af.”
Ze knikt.
“Stuur me ‘t adres en uw kamernummer via sms. Maar ik kan echt pas ten vroegste morgen na ‘t werk komen. ‘k Moet daar echt eerst mijne kop late zien,” zegt Bonnie nog voor ze aflegt en verdwaasd achterblijft.

Terwijl ze naar het ziekenhuis rijdt waar Koen ligt, overloopt ze nog even de voorbije werkuren. Er stond een bezoek aan een klant met een berg achterstallige betalingen op de agenda. Het werd een vreemd bezoek. Partners in crime waren Desirée en Amy. Die laatste heeft haar sterren wel verdiend vandaag. Met brute kracht als enige wapen, heeft ze de 50-jarige vent ervan overtuigd om tegen het einde van de week 20.000 euro op te hoesten. Amy’s woorden ‘anders komen we nog eens terug en was dit maar een opwarmertje’ walsen nog door Bonnie’s hoofd.

Eenmaal Bonnie de kamerdeur van Koen opengooit, wordt ze met haar neus op de realiteit gedrukt en is er geen ruimte meer voor dagdromen. Een hoopje ellende ligt er in het bed. Een kleine glimlach kan eraf bij Koen, die in tegenstelling tot vorige keer nu volledig geschoren is. Zowel zijn baard als het haar op zijn hoofd zijn gereduceerd tot een millimeter of drie.
“Hey meid, eindelijk bezoek.”
Bonnie kust Koen op z’n met schrammen overladen voorhoofd en gaat naast ‘m zitten.
“Hebde nog geen bezoek gehad, ofwa?”
Koen schudt zijn hoofd.
“Mijn ouders zijn den eersten dag geweest, na ‘t ongeval. Maar toen uit de resultaten van mijnen bloedtest bleek da’k onder invloed was van ‘drank en drugs’, zijn ze ‘t afgetrapt. Ma natuurlijk ni voor ze duidelijk gemaakt hebben, da’k ni meer naar huis moest komen.”
Bonnie slikt moeizaam.
“Wanneer moede hier weg?”
Koen antwoordt niet.
“Wat hebde nu voor eigenlijk?”
In één beweging slaat Koen het laken van zich af. Zijn enige arm zit van boven tot onder in het gips en rond zijn ribbenkast zit een dik verband.
“Nu ziet ge d’r wel heel zielig uit”, klinkt het zachtjes uit haar mond.
Koen trekt een pruillip. 
“Mijnen arm is op twee plaatsen gebroken. Tijdens een operatie hebben ze alles met pinnen terug tegoei gezet. Maar da’s nog ni alles. Er is ook een rib gebroken. Da’s écht fucking pijnlijk”, zucht hij. 
“Ma bon, ‘t gaat wel al veel beter. Ik krijg dan ook goei pillen”, voegt hij eraan toe.
Bonnie kan haar oren niet geloven.
“Hoe lang gade hier nog mogen blijven, Koen?”, vraagt Bonnie.
Koen schudt zijn hoofd voor hij antwoordt.
“Ni meer zo lang, denk ik. Hoogstens nen dag of drie.”
“En waar gade dan naartoe?”
Opnieuw schudt hij zijn hoofd, maar deze keer voorzichtiger.
“Efkes op hotel, denk ik.”
“Op hotel”, floept Bonnie er verontwaardigd uit.
“Hoe kunde nu in uwe staat alleen in een hotelkamer gaan zitten? Ge gaat toch niks alleen kunnen? Hoe gade u wassen? Of uw in bed gaan liggen? Of gewoon gaan pissen?”
“Wat moet ik doen, Bonnie? Bij mij thuis kan ik echt ni meer gaan aankloppen ze.”
“Dat doede toch gewoon ni, Koen? Uwen eigen zoon in dezen toestand aan zijn lot over laten? Zelfs als hem zwaar…”
“Echt zwaar”, benadrukt ze voor ze verder gaat.
“in de fout is gegaan?”, vult ze verder aan.
“Ja, Bonnie, wa wilde da’k zeg. Ge kent mijn ouders ook ni e. Da past absoluut ni in het schoon imago da ze naar den buitenwereld willen uitstralen. Hunnen énige zoon. Gewoon aan de rand, neen den afgrond, van de maatschappij.”
“Toch vind ik het schandalig”, besluit Bonnie kordaat.
“Komt bij mij wonen”, floept ze er meteen daarna uit.
“Gewoon tot als ge van diene plaaster vanaf zijt. Dan kan ik u met alles helpen.”
De glimlach die op Koens aangezicht verschijnt, is onbetaalbaar.
“Zijde zeker?”, vraagt hij voorzichtig met pretoogjes.
Bonnie knikt en wrijft medelevend over Koens gemillimeterde hoofd.

Op weg naar huis belt Bonnie instinctief Charlie op. Net voor hij opneemt, realiseert ze zich dat het de eerste keer is dat zij hém opbelt.
“Bonnie?”
“Ja?”
“Scheelt er iets?”
“Ook een goeiedag, Charlie!”, bijt ze bitsig van zich af.
Charlie herpakt zich: “Goedenavond, prinses. Blij je te horen. Ik had je gewoon niet verwacht. Al bekomen van ons avontuur?”
Hij noemt haar prinses; haar hart weigert even dienst.
“Eigenlijk scheelt er wel iets.”
Ze aarzelt. Moet ze dit wel vertellen?
“Wat scheelt er dan, Bonnie”, tracht Charlie voorzichtig te weten te komen.
In één keer gooit ze er alles uit. Zonder veel details. Recht voor de raap: “Koen heeft een ongeval gehad. Hij is gebroken. Letterlijk en figuurlijk, eigenlijk. Niet meer welkom bij zijn ouders.”
“Hij komt even bij mij wonen”, voegt ze er nog snel aan toe.
“Wablief?”, klinkt het retorisch.
Goed wetende dat hij maar al te goed verstaan heeft wat ze net gezegd heeft, weigert ze haar woorden te herhalen.
“Dus gij gaat met ne vent samenwonen in een studio van nog geen dertig vierkante meter?”
Zijn dialect taalgebruik verraadt zijn opgejaagde staat van alertheid. Even wacht Bonnie af terwijl ze haar verschillende opties afweegt.

To fight or not to fight? That’s the question.

Uiteindelijk kan ze het niet laten hem uit te dagen.
“ Jaloers, Charlie?”
Ze hoort hem lachen, groen weliswaar, aan de andere kant van de lijn.
“Wat zou jij ervan vinden moest ik met een vrouw samenwonen?”
Bonnie denkt na en beslist tactisch te antwoorden.
“Laat ons eerlijk zijn, Charlie. Ik zou er niet van verschieten moest dat zo zijn. Ik weet niets van u.”
Zijn stilte verraadt hoe verrast hij is door haar repliek.
“Hoog tijd dat je mijn échte wereld eens ontdekt”, concludeert hij.
“Morgenavond acht uur, voor den Bar.”
Alsof ze constant klaar staat om door hem betoverd te worden! Maar toch bezwijkt ze onder zijn aantrekkingskracht en stemt ze in met een simpele ‘ok’.
“Draag een van die strakke zwarte jurkjes van jou”, sluit Charlie uitdagend af voor hij de lijn onderbreekt.

Onder het motto ‘zo gezegd, zo gedaan’ staat Bonnie om klokslag 20 uur en na een alweer drukke werkdag in ‘een van die strakke zwarte jurkjes van haar’ voor den Bar. En naar goede gewoonte duurt het geen minuut of Charlie stopt met zijn oldtimer voor de deur.

“Klaar voor mijn échte wereld?”, vraagt de in een zwart maatpak gehulde Charlie. Zijn blonde bos is opnieuw met gel strak naar achteren gekamd.
Bonnie geeft hem een snelle kus en knikt enthousiast. Terwijl Charlie de oldtimer even flink uitlaat, stelt The Clash zich dezelfde vraag als Bonnie … 

It’s always tease, tease, tease
You’re happy when I’m on my knees
One day it’s fine and next it’s black
So if you want me off your back
Well, come on and let me know
Should I stay or should I go?

The Clash

De ronkende motor komt tot stilstand voor een gerenoveerde rijwoning waarvan meer dan de halve gevel uit glas bestaat. Op de spierwitte gevel prijken zes gigantische glanzende zwarte letters. De minimalistische slanke benen van de hoge letters lichten een tipje van de sluier op van wat hen binnen te wachten staat.
“She Mwoa.”
“Welkom bij mij”, lacht hij geheimzinnig voor hij uitstapt. Voor Bonnie haar deur kan openen, wordt dat reeds voor haar gedaan. Een onbekende jongeman in een strak zwart kostuum buigt nederig zijn hoofd.
“Goedenavond, juffrouw. Bienvenue chez moi”, zegt hij terwijl hij Bonnie recht in de ogen kijkt.
Nu pas snapt ze de naam van de bar. Eén blik op Charlie verraadt haar.
“Je had het niet door, hé?”, lacht hij.
Zijn vraag wegwuivend schudt ze haar hoofd en rolt ze met haar ogen.
“Kom, ik ben benieuwd.”

Bonnie wordt weggeblazen door het interieur van de zaak. De moderne maar warme combinatie van donkerbruin hout, bruin lederen meubilair en witte muren ademt een thuisgevoel uit. Het haardvuur in het hart van de zaak maakt het plaatje helemaal af. De man die net haar portier opende, benadert Bonnie opnieuw.
“Ik heb de perfecte plek voor jullie”, klinkt het ondeugend met een vette knipoog naar Charlie, die op zijn beurt antwoordt met een droog goedkeurend knikje.
Ze volgt de man wanneer hij koers zet naar een hoek achterin het etablissement die gedeeltelijk is afgesloten door een kamerverdeler gemaakt uit slanke takken van exact dezelfde lengte die boven- en onderaan samen worden gehouden door een metalen constructie. De man wijst haar een kastanjebruine lederen tweezit aan en gebaart haar te gaan zitten. Wanneer Bonnie zich goed in de zetel genesteld heeft, blijkt dat Charlie niet gevolgd is maar is blijven hangen bij de barman. Van daaruit kan ze hem echter perfect gadeslaan. Het valt haar op hoe anders zijn houding is dan ze van hem gewoon is, de laatste paar intense dagen. Zijn borstkas staat iets meer open en zijn schouders heft hij net dat tikje meer op. Zijn strakke lichaam komt perfect tot zijn recht in dat maatpak van hem.

Een ondertussen reeds bekende stem haalt haar uit haar dagdroom. Ze kijkt op en ziet weer dezelfde man paraat staan met een fles Veuve Cliquot en twee champagneglazen.
“Mag ik u alvast een glaasje inschenken, juffrouw?”
Eén blik op Charlie wijst er al op dat hij niet meteen van plan is naar haar te komen. Hij werpt haar een blik toe en steekt verontschuldigend zijn wijsvinger op, wijst ermee naar de fles wijn en gebaart dat ze al wat moet drinken. Ze keert zich opnieuw naar het ontvangstcomité.
“Zeg maar Bonnie”, klinkt het terwijl ze een glas van hem aanneemt en duidelijk maakt dat hij de fles mag openen.
Ondertussen rommelt ze wat in haar handtas, op zoek naar een sigaret en haar zippo. Maar nog voor ze deze kan aansteken, maakt de ober met één afkeurende wijsvinger duidelijk dat ze dat niet moet proberen.
“Roken kan in de rookkamer achter de bar, juffrouw Bonnie”, klinkt het haast verontschuldigend.
Bonnie haalt haar schouders op, neemt het gevulde glas champagne en verhuist naar de rookkamer die op een man van een jaar of veertig na volledig leeg is. Licht ongemakkelijk knikt Bonnie beleefd voor ze helemaal aan de andere kant van de ruimte op een stoel gaat zitten en snel haar sigaret aansteekt.
“Dag juffrouw”, klinkt het niet veel later.
Bonnie voelt hoe het bloed in haar lichaam naar haar hoofd stijgt.
“Dag meneer.”
Haar stem lijkt die van een onzeker preuts meisje.
“Zeg maar Luc.”
“En jij bent?”, volgt er vragend wanneer Bonnie niets terug zegt.
“Bonnie.”
Ze heeft haar stem opnieuw onder controle. Geen plaats hier om braaf uit de hoek te komen.
“Wel een mooie zaak, zeg”, floept ze er wat gemaakt uit.
“Dat klopt volledig. Des te meer nog omdat het elke keer opnieuw ‘interessant’ nieuw volk naar zich toe weet te trekken”, knipoogt hij.

Bonnie voelt meteen waar deze ontmoeting naartoe zal leiden. Wat is dat toch met mannen? Zijn die daadwerkelijk niet in staat gewoon een praatje te slaan met een vrouw en hun dierlijk instinct even de kop in te drukken? Blijkbaar niet, want de vent weet niet van ophouden.
“Wat doet een aantrekkelijke dame als jij hier alleen in de rookruimte van She Mwoa?”
Ze laat haar rollende ogen de vrije loop.
“Als je op mannenjacht bent, vraag ik je nu al om je rooftocht hier en nu te beëindigen. Ik wil wel de man aan jouw zijde zijn vanavond.”
Van direct gesproken.
“Ik ben hier allesbehalve op mannenjacht, Luc.”
Haar woorden lijken het tegenovergestelde teweeg te brengen dan wat ze ermee bedoelde. Hij komt op haar af en neemt de stoel vlak naast haar.
“Een vrouw is niet zo gekleed als ze niet op mannenjacht is”, fluistert hij voor hij zijn hand op haar blote dij legt. Bonnie veert op en slaat zijn hand van haar dij. De deur van de rookkamer gaat open en tot haar grootste blijdschap blijkt het Charlie te zijn die binnenkomt. Hij haalt zijn ogen niet van het tweetal af terwijl hij een sigaret bovenhaalt en ze op zijn onderlip laat bengelen.
“Iemand een vuurtje”, vraagt hij terwijl hij hen nadert.

Het is Luc die in zijn broekzak tast en Charlie nog voor hij het kan aanpakken een aansteker toegooit. In een vloeiende beweging vangt Charlie deze op en steekt er zijn Marlboro mee aan.
“Ik stoor toch niet?”, vraagt hij uitdagend met zijn blik eerst even op Bonnie, maar nadien strak op Luc die duidelijk wat nerveus geworden is sinds Charlie’s komst.
“Een beetje toch”, durft hij er dan toch uitgooien.
“Sorry, Luc. Ik zal het even aan de juffrouw vragen…”
“Bonnie”, verduidelijkt Luc aan Charlie, die hierop dankbaar knikt.
“Heb ik hier een magisch moment tot een te vroeg einde gebracht, Bonnie?”, vraagt hij met een duidelijke spot in zijn stem.
“Integendeel, meneer”, antwoordt ze zelfzeker.
“Je hebt er net één opgestart”, antwoordt ze voor ze zich recht zet en op hem toe stapt. Ze neemt zijn sigaret uit zijn mond trekt ervan totdat ze roodgloeiend staat. Dan kijkt ze achterom en zet ze Luc op zijn plaats.
“Ik ben hier niet op mannenjacht. Ik ben hier voor hém.”
Luc wendt zijn ogen meteen af.
“Sorry, Charlie. Ik wist niet dat ze bij u hoorde.”
Parmantig slaat Charlie zijn arm over haar schouders.
“Geen probleem, Luc. Ge kunt er niet aan doen da ge ne vetzak zijt.” 
“Kom”, sluit Charlie af terwijl hij met zijn hoofd een knikje naar de deur maakt.
Het signaal voor Luc om zich uit de voeten te maken.

“Sorry”, fluistert Charlie in Bonnie’s voor zijn lippen zich een weg banen van haar nek, langs haar sleutelbeen richting de plek waar haar twee borsten elkaar vinden. Wanneer ze zijn vingers tussen haar benen voelt, duwt ze hem wat van zich af.
“Is dit uw wereld, Charlie? Ik wil zien waar je leeft, met wie je leeft. Dit hier…”, wijst ze rond in de lege ruimte, “… ken ik al.”
Toegeeflijk buigt Charlie zijn hoofd licht waarna hij haar hand grijpt en haar uit de rookruimte begeleid. Terwijl zijn hand omhoog schuift en haar billen vinden die strak in haar jurk zijn afgetekend, kust hij haar uitdagend in haar nek.
“Dan doen we het en plein public”, fluistert hij voor hij haar optilt en op een barkruk aan de toog zet. Hij trekt haar benen wat open en vindt zijn weg ertussen met zijn middel. Als hij haar bekken met een vaste grip aan haar onderrug wat kantelt, voelt ze zijn halfstijve lul door de dunne stof van zijn kostuumbroek. Wat gegeneerd kijkt ze rond zich heen. Niemand in de bar lijkt op te kijken van hun intieme interactie. Alleen de barman werpt haar een ondeugende knipoog wanneer ze zijn blik vangt. De vinger die een weg heeft gevonden tussen haar benen haalt haar terug bij de zaak. Voorzichtig, doch doelgericht, trekt hij haar slipje opzij en vindt al snel haar clitoris. Bonnie spant zich op en laat zich een zachte kreun ontglippen, tot groot jolijt van Charlie. Wanneer hij met zijn lippen dezelfde weg opgaat dan daarnet in de rookkamer, kijkt Bonnie opnieuw rond zich heen. Ditmaal blijft haar blik hangen op een vrouw wat verderop die verdacht veel op… Amy lijkt. Haar twijfel verdwijnt als Amy haar recht in de ogen kijkt en met een brede glimlach knipoogt. Ongemakkelijk lacht ze terug. Maar haar ogen verraden haar paniek. Tot daar het stiekeme…

“We moeten hier weg”, zegt ze met een piepstemmetje terwijl ze zijn hoofd dertig centimeter naar boven brengt.
“Nu”, voegt ze er smekend aan toe. 
Zonder verdere vragen, neemt Charlie haar hand beet en leidt hij haar vliegensvlug naar zijn wagen, die hij met piepende banden laat vertrekken.
“Wat is er?”
Bonnie schudt haar hoofd en wendt zich van hem af. De huizen passeren bliksemsnel.
“Amy was er.”
“Dat ik daar niet aan gedacht heb”, klinkt het terwijl hij zich op het voorhoofd slaat.
“Die komt daar meer ofzo?”
Charlie haalt zijn schouders op.
“Die is al een paar keer geweest. Maar kon ik weten dat ze hier vanavond ging zijn?”
“Sorry”, klinkt het wat stille minuten later terwijl hij een ondergrondse parking binnenrijdt.
“Waar neem je me nu naartoe?”
“Chez moi”, lacht de deugniet.
Bonnie kan haar oren niet geloven, maar volgt haar vlam toch een lift in.

Wanneer de lift opent op de bovenste verdieping, worden ze verwend door een statige Britse korthaar die Bonnie meteen kopjes begint te geven.
“Louis, dit is Bonnie. Bonnie, Louis. Mijn roommate.”
De kat is duidelijk onder de indruk van het vrouwelijk gezelschap, want nog voor Bonnie zich in de gigantische designsofa kan nestelen, zit hij al op haar schoot.
“Gezellig welkomstcomité ten huize De Raedt”, klinkt het van haar kant.
Hij glundert.
“Ik had je al veel langer naar hier moeten brengen.”
Hij gooit zijn blazer over een barstoel aan het kookeiland en knoopt de drie bovenste knopen van zijn wit hemd open.
“Wat wil je drinken?”
“Een Baileys, als je dat hebt tenminste.”
“Coming up. Rol jij nog een van die joints van jou, als je wil.”
Bonnie knikt en doet wat van haar gevraagd wordt. Net voor ze ‘m wil opsteken, houdt Charlie haar tegen.
“Kom, we gaan op m’n terras zitten. Hier wordt niet gerookt binnen. Dat is een regel”, lacht hij.

Het terras kijkt uit op de hele noordkant van de stad. Terwijl Bonnie over de reling naar de talrijke lichtjes kijkt en langzaam aan haar joint lurkt, draait Louis wat rond haar benen.
“Wel een aandachtshoer, die kat van je.”
Charlie knikt, neemt de joint uit haar hand en trekt er een paar keer hard aan, zonder hoesten deze keer.
“Zo dier, zo baas”, grapt hij luid.

Een vreemd alarm haalt Bonnie bruusk uit haar slaap. Even is ze vergeten waar ze is, maar wanneer ze zich draait en de slaperige blik vangt van Charlie weet ze het meteen. Naast hem, in zijn bed.
“Hoe laat is het”, vraagt ze met krakende stem.
“Acht uur.”
“Fuck”, klinkt het snel voor ze uit het bed springt en zenuwachtig heen en weer loopt door de loft, op zoek naar haar spullen.
“Ik moet om 9 uur beginnen.”
“Geen stress, meid. Neem maar één van m’n auto’s. Dan ben je aan den Bar binnen het kwartier. Snel nog een koffie?”
Ze knikt. Wat een vent. Toch? Ze gooit de koffie achterover en volgt hem de lift in naar de garage. Haar hart maakt een sprongetje bij de aanblik van zijn arsenaal aan wielen. 
“Welke neem je?”, lacht hij. 
“Niet je rammelbak, alleszins”, plaagt ze. 
“Die zou ik je ook niet meegeven”, kaatst hij terug. 
Haar oog valt op een rode Mazda. 
“De MX-5?”, knikt hij goedkeurend. 
“Goeie keuze.” 
Hij rommelt in het kastje aan de muur, haalt er een sleutel uit en stopt die haar toe. 
“Ik wil hem in één stuk terug”, knipoogt hij. 

Klokslag 9 uur zit Bonnie aan haar desk. Terwijl ze enkele keren diep in- en uitademt, kijkt ze rond en merkt nu pas dat het licht in Anita’s bureau al brandt. Tot dan had ze gedacht dat ze als eerste was toegekomen. Wanneer Bonnie haar mailprogramma opstart, valt haar meteen de laatst binnengekomen mail op. Van Anita.
“Bonnie, spring je zodra je dit leest even binnen? A.”
Zo gezegd, zo gedaan. Schoorvoetend betreedt Bonnie haar moeders bureau en sluit ze de deur achter zich.
“Goeiemorgen, Bonnie. Goed geslapen?”
“Goeiemorgen mams”, antwoordt ze haar vraag negerend.
“Hebde mijn dagboek al gelezen?”
Bonnie schudt haar hoofd.
“Een paar stukken. Waarom?”
“Omdat ge uit mijn fouten zou kunnen leren. Daarom heb ik u dat boek ook in de eerste plaats gegeven. Niet om u een inkijk te geven in mijn leven, maar om u te behoeden voor beslissingen die ik in het verleden genomen heb die slecht zijn afgelopen.”
Bonnie speelt geagiteerd met de balpen op het bureau van haar moeder terwijl ze haar verder laat praten.
“Ik zal maar direct met de deur in huis vallen. We hebben immers werk genoeg vandaag. Ik heb me nooit met uw liefdesleven gemoeid, dat weet ge hé, Bonnie.”
Even houdt Anita halt. Tijd voor Bonnie om te knikken. Ze beseft al welke kant dit gesprek op gaat. Die klote Amy. En Charlie met zijn kloteplan.
“Maar als uw liefdesperikelen mijn bedrijf beïnvloeden, is het tijd om in te grijpen. Dat begrijpt ge toch, Bonnie?”
“Mams, alstublieft. Gade mij vanaf nu dan zeggen met wie ik al dan niet mag praten?”
Haar stem klinkt bitsiger dan ze bedoelt.
“Neen. Ik ga u uw eigen fouten laten maken. Alleen zo gade der blijkbaar uit leren. Ik wou u gewoon waarschuwen. Charlie da’s ne lepe vos, neem het van mij aan. Hij wikkelt u zonder moeite rond zijn vingers met zijn praatjes en avontuurtjes. En voor dat ge ‘t weet, zijde verkocht. Klinkt u dat bekend in de oren?”
Bonnie beslist niet te antwoorden, maar met haar ogen te rollen. Haar moeder gaat verder.
“Aan uw reactie te merken, heeft hij u al in zijn macht. Weet gewoon dat ge niet de eerste zijt, bij wie hij zijn trukendoos heeft opengedaan.”
“Denkt ge nu echt da ‘k nog ni wist dat gelle een koppel zijt geweest?”
Anita schrikt van Bonnie’s antwoord.
“Dan moet ge zeker mijn dagboek lezen, meid”, concludeert ze.
“Als er iemand is van wie ik geen liefdesadvies hoef te krijgen, is het van u mama. Het is niet dat gij het toonbeeld zijt van een vrouw met een standvastig liefdesleven.” 
Anita zucht. 
“Dat weet ik ook wel, Bonnie. Ik voel gewoon dat hier vodden van gaan komen. Maar ge hebt gelijk. Ge moet uw eigen fouten maken. Maar zorg er verdomme voor dat ik er geen last mee krijg.” 
Een bescheiden knikje van Bonnie volgt. 
“Nog iets, Anita?” 
Anita schudt haar hoofd voor ze haar aandacht richt op haar computerscherm. Bonnie zucht eens diep voor ze het bureau uit stapt. Wanneer ze terug aan haar eigen desk zit, kijkt ze wat verdwaasd voor zich uit. De gedachte aan Charlie en haar moeder bezoedelen haar verliefde roes. Daar moet ze toch het fijne van weten… Ze besluit vanavond het dagboek door te nemen op zoek naar passages over Charlie.

8 november 2003

                     Dertig worden is geen lachertje. Gedaan met de gouden twintigerjaren waarin je ongedwongen kon fladderen. Dat fladderen werd sowieso al getemperd, met dat kind dat al schoolgerechtigd is, maar toch voelt die dertig als een mijlpaal.

Een flinke reden om nog eens een jonge vent aan de haak te slaan, was mijn beweegreden om gisteren flink de bloemetjes buiten te zetten. De resultaten laten zich raden: als cadeau een stevige kater op mijn verjaardag. Maar wat een nacht gisteren. Ik heb de kleinzoon van Victor ontmoet: Charlie. Ik zweer het je: die vent heeft het helemaal. De eeuwige jeugd, als je ’t mij vraagt. 24 is hij, maar eerlijk gezegd ziet hij er nog veel jonger uit. Zijn blonde krullenbol en brede glimlach betoverden me in een oogopslag. Zijn praatjes maakten het plaatje af. Hoewel ik vandaag ten zeerste betwijfel of al wat ‘ie beweerd heeft wel waar is, zweefde ik gisteren ver boven de wolken. Lang geleden dat een man me nog zo heeft kunnen inpalmen. Ik dacht dat ik daar al wel over was. Maar niets is minder waar. Terwijl ik helemaal klaar was om eens flink van bil te gaan, hield hij het na een uurtje voor bekeken. Een zedige kus op mijn wang ter afscheid. Hij brandt er nog steeds een gat in.

Bonnie’s hart vergeet even te slaan. Hoewel ze niets liever zou willen dan verder te lezen en te weten te komen hoe het tussen Charlie en haar moeder is verlopen, slaat ze het boek toe. Bonnie slaagt er niet in haar blik af te wenden van haar kersverse kamergenoot en de staat waarin hij verkeert. Ze is Koen gaan ophalen in het ziekenhuis en heeft hem rechtstreeks naar haar studio geleid. Daar heeft hij zich als een hoopje ellende genesteld in haar hoekzetel.
“Vijf weken nog zonder enige arm. Ge beseft echt ni dat ik u voor alles ga nodig hebben.”
Bonnie haalt haar schouders op.
“Daar zijn vrienden voor, Koen.”
“Al zijn er wel limieten. Verwacht maar niet dat ik u ga rukken!”, probeert ze lachend de situatie wat te verlichten.
Effect heeft het. Er verschijnt voor het eerst een grijns op Koens gezicht.
“Hoop doet leven”, klinkt het.
Bonnie neemt haar glas rode wijn van de tafel en steekt het de lucht in.
“Op nieuwe roommates”, klinkt het.
Koen knikt en zuigt uit het rietje van het glas wijn voor hem op de salontafel.
“Bedankt Bonnie. Ik weet niet wat ik zou doen zonder u.”
Het belsignaal van de oven haalt hen uit hun melige dialoog. De lasagne is klaar. Het eerste avondmaal. Bonnie springt recht en haalt deze uit de oven. Ze grabbelt snel in haar schuif naar een mes en vork en loopt terug naar haar kamergenoot. Ze zet er zich naast en snijdt de lasagne aan. Nadat ze goed geblazen heeft op de flinke hap op het vork in haar hand, steekt ze deze in Koens mond.
“Smakelijk, Koen.”
Na de eerste paar happen, ontsnapt er bij Koen een diepe zucht. 
“Ik ga zelfs niet alleen kunnen eten.”
Ook Bonnie zucht op haar beurt.
“Koentje, we gaan iets afspreken. Eén regel.”
Even neemt ze een pauze.
“You can’t always control circumstances, but you can control your attitude towards them.”
Het blijft stil aan de tafel, de borden onaangeroerd. Bonnie gaat verder.
“Ik ga u niet toestaan weg te kwijnen in zelfmedelijden. De regel is dat ge vanaf nu niet meer moogt klagen over uwen toestand. Ge moogt mij om hulp en om raad vragen. Ik zweer het u, ik zal alles proberen om u het leven terug met beide handen…”
Koen lacht luidop bij het horen van de uitdrukking.
“Met beide handen te laten grijpen. Figuurlijk dan, Koen. Alles komt goed, soms duurt het alleen wat langer.”
Koen knikt bevestigend.
“Ge hebt gelijk Bonnie. Ik ga m’n best doen me niet te laten leiden door zelfmedelijden. Merci meisje. Dat ge er zijt voor mij. Wat zou ik zijn zonder u?”
Koen legt zijn hoofd op haar schouder en zijn lippen vinden haar hals.
“Nu we het toch over regels hebben…”
Even twijfelt ze. Maar het moet gezegd worden. Nu is het ideale moment, beseft ze.
“Een tweede regel, Koen. Als ge hier komt wonen, kunnen we echt alleen vrienden zijn. Ik wil mij niet constant druk maken in mogelijke avances.”
Koen knikt zichtbaar ontgoocheld.
“Ge hebt gelijk Bonnie. Ik ga m’n best doen.”
Bonnie legt haar hand op zijn bovenbeen en klopt er een paar keer zacht op.
“Dat is het enige wat ik u vraag.”

Een binnenkomend bericht op Bonnie’s iPhone haalt het duo uit hun diepzinnige roes. Snel neemt Bonnie ‘m van de tafel en ziet meteen de letter C op het scherm prijken. In één klik zit ze opnieuw in zijn wereld.
“Mijn wereld mist iemand.”
De glimlach die Bonnie’s gezicht omlijst, blijft bij Koen niet onopgemerkt.
“Nog altijd dezelfde vent?”
Zijn ogen branden van nieuwsgierigheid. Bonnie knikt en voelt haar wangen rood worden.
“Hij heeft u beet, ik zie het gewoon aan uw lachske”, lacht hij.
“Helemaal niet”, verdedigt Bonnie zich. Hoewel ze zeker van haar stuk lijkt, broeit er diep vanbinnen een stevige twijfel. Heeft hij haar beet? Of misschien nog belangrijker: heeft zij hém beet? 
“Er is van beet nog geen sprake”, probeert ze het af te wimpelen.
“Ik mis je wereld wel een beetje”, stuurt Bonnie zonder al te veel nadenken terug. Zoals gewoonlijk duurt het nog geen dertig seconden voor ze een antwoord krijgt.
“Een beetje maar?” 
“Een heel klein beetje”, antwoordt Bonnie plagend. 
“Plannen vanavond?”
Bonnie’s ogen rollen in hun kassen. Gelukkig ziet hij het niet, merkt ze op. Maar Koen doet dat wel.
“Meid, ge zijt helemaal verkocht. Ge straalt gewoon. Kom, als we dan toch gewoon vrienden zijn, moet ge me de details gunnen.”
Bonnie steekt haar wijsvinger op.
“Nog efkes geduld en ik vertel u alles”, knipoogt ze.
Haar aandacht opnieuw op het toestel, tipt ze: “Ik ben midden in een intiem welkomstdiner met m’n kersverse roommate. Morgen? Bx.”
Tien seconden later: “Dus je hebt het toch gedaan?”
Bonnie schrikt van zijn antwoord. Dat is niet van zijn gewoonte.
“Wat dacht je?”
Ze wil ‘m uit zijn tent lokken. Wat wonderwel lukt.
“Mijn hart bloedt. C.”
Wat een cliché weer, maar toch raakt het haar. Gelukkig ziet hij haar reactie niet en maakt ze van het medium gebruik om harder uit de hoek te komen dan dat ze ooit in het echt zou durven.
“Jaloers, meneer C?”
“Jaloers zijn is voor losers. Ik bewijs je dat morgen. 19 uur aan den Bar. Meneer C.”
Bonnie knikt trots. Score! Droogjes antwoordt ze: “Ik ben benieuwd. Bx.”
Dan klikt ze haar gsm uit en trakteert ze haar kersverse huisgenoot op het hele verhaal, van a tot z. Het is een opluchting om alles op tafel te gooien.

Categorieën
Uncategorized

Hoofdstuk 5

Verdwaasd wordt Bonnie wakker. Haar mond smaakt naar zure melk. 

Was het maar melk

Langzaam opent ze haar ogen. Veel sneller sluit ze ze opnieuw als ze merkt dat ze in een sneeuwwitte kamer ligt, badend in het zonlicht. Ze keert zich weg van de lichtbron en probeert het opnieuw. Ditmaal lukt het om haar ogen open te houden. Naast haar ligt Charlie. Zijn ademhaling is traag. Zijn rommelige haar hangt voor zijn gesloten ogen. Hij slaapt nog. Voorzichtig doet ze een poging de lok van voor zijn ogen te halen. Maar meteen schieten Charlie’s ogen verschrikt open. Hij snakt even naar adem.
“Lang geleden dat ik nog naast iemand wakker werd.”
Zijn stem klinkt nog ouder dan een krakerige lp-plaat. Met een glimlach op haar gezicht sluit Bonnie opnieuw haar ogen.
“Hoe hard kan je een avond verkloten?”, zucht ze na een tijdje.
Ze beseft nu pas hoe belachelijk ze zich gisteren gemaakt heeft. Ze was zo slap nadat ze aangemeerd waren, dat Charlie haar naar huis heeft moeten dragen. Hij heeft haar uitgekleed, haar tanden gepoetst, haar in bed gelegd en een glas water op haar nachtkastje gezet. Als ze de herinnering aan het glas water ophaalt, zet ze zich recht en drinkt het in één teug leeg.
“Gelukkig hebben we nog een hele dag”, zegt ze terwijl ze zich uitrekt.
“Maar eerst ne goeien Dafalgan”, kreunt ze met de handen in het haar.
Ook Charlie stapt uit bed. Net als zij is hij in een adamskostuum.
“In de badkamer ligt er een klaar. En dan een stevig ontbijt. Je zult het nodig hebben.”
Bonnie werpt hem een verbaasde blik toe.
“Ik heb wel wat in petto. We moeten onze schade inhalen. Maar eerst ga ik je wassen”, daagt hij uit voor hij de kamer uitstapt.

“Kom maar mee”, leidt hij haar van het terras naar de buitendouche na haar badkamerbezoek. Het warme water valt als regen op Bonnie’s lichaam. Terwijl ze diep in- en uitademt, geniet ze van het gevoel van de ingezeepte spons op haar lichaam. Geen enkel plekje laat hij onaangeroerd. Wanneer hij ter hoogte van haar schaamheuvel komt, laat hij de spons uit zijn hand vallen.
“Oeps”, fluistert Charlie in haar oor terwijl hij zich dichter tegen haar rug aandrukt. Zijn hand rust op haar schaamheuvel. De toppen van zijn vingers zoeken en vinden al snel haar clitoris. Langzaam masseren ze de knobbel waardoor Bonnie’s heupen op hetzelfde tempo op en neer gaan. Hij kust zacht haar rechteroor terwijl zijn wijsvinger vlot een weg naar binnen vindt en op een diepe kreun onthaald wordt. Het duurt niet lang voor ze tot een hoogtepunt komt. Waarna hij voorzichtig zijn hand weghaalt.
“Nu. Ga. Ik. Je. Neuken.”
“Ik dacht dat we gingen ontbijten?”, daagt ze uit. 
Hij sluit de kraan van de douche en lost de grip op haar lichaam.
“Dat kan wachten. Dit niet meer.”
Eender waar hij haar nu mee naartoe neemt… Natuurlijk komt ze mee. Hij leidt haar naar het ligbed naast het zwembad en legt haar op haar rug. Zonder zijn blik van haar ogen af te wenden, leunt hij over haar en komt hij langzaam bij haar naar binnen. Eindelijk. Ze geeft zich over, sluit haar ogen en laat zich leiden.

“Als je om 9 uur aan den Bar wilt staan, moeten we nu wel bijna vertrekken.”
Zijn stem haalt haar uit haar dagdroom, waarin ze de geweldige neukpartij van vanochtend herbeleefde terwijl ze het laatste sap uit een kreeftenpoot zuigt. Langzaam dringen zijn woorden door. 
“Ik wil hier nog niet weg”, komt er ontgoocheld uit.
Charlie lacht zijn tanden bloot.
“Ik ook niet. Het heeft hier nog nooit zo paradijselijk aangevoeld als nu met jou.”
Bonnie schudt haar hoofd. Al twee dagen vuurt hij de ene oneliner na de andere af. Maar het heeft het gewenste effect. Langzaam maar zeker voelt ze hoe ze halsoverkop verliefd wordt op een man die bijna haar vader zou kunnen zijn.
“Hoe lang kan jij nog wegblijven?”, vraagt ze subtiel.
Hij denkt even na en komt dan met een antwoord: “Woensdagochtend moet ik echt terug zijn.”
Bonnie kan haar enthousiasme niet verbergen. Dat betekent dat ze nog twee volle dagen in dit paradijs zou kunnen vertoeven. Als zij zich kan vrijmaken tenminste. Want in feite moet zij morgen om 9 uur op den bureau zijn.
“Ik ga mijn ma eens bellen.”
Charlie kijkt goedkeurend op.
“Je krijgt niet genoeg van mijn wereld?”
Bonnie schudt haar hoofd en lacht breed.
“Ik verkies alleszins deze wereld boven die van je hoerenbar.”

Ze wacht zijn reactie niet af, maar loopt in plaats daarvan de villa in en grijpt haar iPhone die al twee dagen uit staat. Als ze hem aan drukt, merkt ze dat ze heel wat gemiste oproepen heeft. Hoofdzakelijk is het haar moeder die haar gebeld heeft, maar ook Koen heeft haar blijkbaar dringend nodig. Bonnie beslist niet naar haar voicemail te luisteren, maar meteen haar moeder op te bellen. Al na één keer bellen neemt ze op.
“Bonnie! Ik ben blij dat ik u hoor!”
“Dag mama. Alles onder controle, ge moet ni ongerust zijn.”
“Dat ben ik ook ni. Of zou ik dat moeten zijn? ‘k Ben gewoon benieuwd waar ge zit.”
“En wanneer ge naar huis komt”, voegt ze er nog aan toe.
“Dat is het juist mama. Zou het storen moest ik woensdag pas terug komen? Dan kan ik nog twee dagen langer blijven.”
Stilte aan de andere kant van de lijn.
“Dan gade me toch iets meer informatie moeten geven.”
Maar Bonnie gaat hier niet op in.
“Een werkgever hoeft dat niet te weten. Dat is mijn privacy. Woensdag werken, goed of niet goed?”
Anita denkt hoorbaar na.
“Goed. Alleen als ge me zegt waar ge zit.”
“Ok”, antwoordt Bonnie snel.
“Spanje”, voegt ze er snel aan toe net voor ze het gesprek beëindigd zonder een antwoord van haar moeder af te wachten.

Vooraleer ze het goede nieuws buiten gaat verkondigen, twijfelt ze even of ze ook Koen terug zou bellen. Maar wijselijk beslist ze om dit niet te doen. Die kan haar toch wel nog twee dagen langer missen… Op haar weg naar buiten, grabbelt ze haar wietdoosje mee uit haar handtas, dat daar tot nog toe onaangeroerd in heeft gezeten. Maar nu ze nog twee volledige dagen in dit oord blijft, moet ze er toch eentje roken. Als ze de tuin in komt, zingt ze met beide vuisten in de lucht de tune van Rocky.

Victory! Ze omhelst Charlie voor ze zich op het ligbed stort.
“Woensdagochtend moet ik pas terug zijn”, kondigt ze met een knipoog aan. “Dat vraagt om een jointje”, voegt ze er wat stiller aan toe.
Die woorden worden met een opgehaalde wenkbrauw onthaald.
“Ik wist niet dat je…”
Ze lacht breed.
“Gelukkig weet je nog niet alles over mij”, klinkt het terwijl ze het doosje opent en vakkundig een joint begint te rollen. Gefascineerd kijkt Charlie wat ze doet, tot haar groot plezier.
“Ga je me zeggen dat je nog nooit iemand een joint hebt zien rollen?”
Hij knikt en lacht schuldig.
“Ik heb al heel wat gezien én geproefd, maar die kelk heb ik aan mij voorbij laten gaan. Toen ik twintig was, leek dat iets voor die groene jongens. En voor ik het wist, voelde ik me er te oud voor.”
“Te oud”, klinkt het uit Bonnie’s mond. “Dat had ik eens moeten zeggen.”

De joint wordt opgestoken en na drie stevige trekken geeft Bonnie ‘m door aan Charlie.
“Toon maar eens dat je nooit te oud bent om te leren.”
Charlie trekt er veel te hard aan en belandt in een stevige hoestbui.
“Rustig trekken, dat was ik vergeten zeggen”, lacht Bonnie geamuseerd.
Zachtjes en goedkeurend trekkend, lurkt Charlie nog enkele keren van de joint voor hij ‘m teruggeeft aan de eigenaar. Zij legt zich op haar rug in het bed. Met haar ogen op de blauwe hemel gericht, rookt ze de joint bijna helemaal op. Tot Charlie deze van haar afneemt en nog een paar flinke trekken neemt en hem in de asbak op het bijzettafeltje uitdooft.
“Mijn hoofd draait”, lacht hij.
Bonnie draait zich naar hem toe en streelt zijn borstkas.
“Het mijne draait sinds ik je heb ontmoet.”
Dat vindt Charlie blijkbaar grappig.
“Nu verval jij in clichés”, klinkt het.
“Hmmm”, volgt er enkel terwijl haar vingers zijn kaaklijn volgen en de weg verder zetten naar zijn gespierde borst. Waar ze halt houdt bij een litteken, naast de woorden ‘je ne regrette rien’. Ze streelt er langzaam over en voor ze er iets van kan vragen, legt Charlie uit hoe hij eraan is gekomen.
“Dat is een aandenken aan een uit de hand gelopen spelletje met een cliënte”, klinkt het met een zweem van trots.
Bonnie haalt haar wenkbrauw op, maar besluit wijselijk haar mond te houden.
“Geen reactie?”, vist Charlie waarop Bonnie haar hoofd schudt, haar ogen sluit en eens diep inademt.
Haar gebaar wordt beantwoord door een kus in haar nek.
“Je moet niet doen alsof het je niet dwars zit.”
Bonnie haalt haar wenkbrauw op.
“Dwars is niet het juiste woord”, zegt ze na een tijdje.
“Geïntrigeerd… afwachtend, misschien ook. Maar moest het me dwarszitten… Zou ik hier niet zijn”, klinkt het beslist.
“Ik zou er heel graag open over willen zijn tegenover je”, fluistert Charlie met onzekerheid in zijn stem.
“Vertel me dan hoe je aan dat litteken komt.”

Charlie knikt, neemt haar hand vast en legt het op zijn borst. Met haar wijsvinger strijkt ze over het litteken van een centimeter of 8.
“Sommige vrouwen houden ervan te domineren. En eerlijk gezegd kan ik zo’n dominante vrouw in bed van tijd en stond appreciëren, dus ik wil daar af en toe tot op een bepaald niveau wel in meegaan”, vertelt hij met een grijns.
“Die avond had ik een heel rollenspel uitgestippeld voor een belangrijke klant. We hadden afgesproken dat ik in de loop van één maand op een avond onverwacht zou ‘binnenbreken’. Ik had weliswaar haar sleutel gekregen, maar de afspraak was dat ik op een nacht zou binnensluipen terwijl zij aan het slapen was.”
Even pauzeert hij en kijkt hij haar aan met een ondeugende blik.
“Zo gezegd, zo gedaan”, gaat hij verder. “Als een ninja drong ik het huis van die vrouw binnen en sloop ik naar de slaapkamer met een mes, dat ik in de keuken had mee geritst, in de aanslag. De afspraak was dat ik haar moest bedreigen en vast moest binden met een echt bondagekoord dat ik ‘toevallig’ met me mee had gebracht. Maar nog voor ik haar kon benaderen, sprong ze uit haar bed en wierp ze zich op mij waardoor het mes dat ik vast had mijn borst raakte en een diepe snee achterliet.”

Bonnie kan haar oren niet geloven. Toch voelt ze enige opluchting over de aard van zijn biecht. Ze had zich aan erger verwacht.
“En toen zijn jullie samen gezellig naar het ziekenhuis gereden?”
Charlie schudt lachend zijn hoofd.
“Ik heb haar in een houtgreep genomen, haar vastgebonden en haar kapot geneukt.”
De slok alcohol die Bonnie net aan het doorslikken was, stokt ter hoogte van haar slokdarm. Te vroeg victorie gekraaid.
“Toen bleek dat we na afloop van ons rondje in een kleine plas bloed lagen te neuken, zijn we inderdaad samen naar het ziekenhuis gereden”, voegt hij er nog aan toe.
Bonnie kan haar oren niet geloven. Ze kan een lach niet onderdrukken als ze beseft dat Charlie een babbelkick heeft. Tijd om door te vragen.

“Wat is het strafste dat je ooit gedaan hebt?”, vraagt ze langs haar neus weg.
Hij twijfelt geen seconde: “Daar moet ik niet lang over nadenken.”
“Een moeder en haar twee dochters, een tweeling die 18 werd.”
Deze keer is Bonnie blij dat ze niet aan het drinken was. Al lijkt haar keel plots wel een droge woestijn.
“De moeder zal begin 40 geweest zijn. Ze wilde de ontmaagding van haar dochters bijwonen… Dat klinkt echt degoutant eigenlijk, nu ik het vertel.”
Omdat hij duidelijk aarzelt om verder te gaan, legt Bonnie haar hand op zijn schouder.
“Vertel maar, Charlie.”
“Het ergste is dat het op het moment zelf totaal niet fout aanvoelde. De drie leefden zo in harmonie dat het eigenlijk de meest bijzondere partij is geweest tot nu toe.”
De nieuwsgierige aard van Bonnie neemt de bovenhand.
“Hoe is dat dan in zijn werk gegaan?”
“De mama en ik zijn begonnen terwijl de dochters vanop een afstand keken naar het tafereel. Toen zij aan haar trekken was gekomen, heeft een van de dochters haar plaats ingenomen en ja…”
Charlie’s kaken worden wat rood, tot groot jolijt van Bonnie.
“En ja… wat?”, probeert ze er nog wat meer uit te krijgen.
“Heb ik die meisjes één voor één voorzichtig ontmaagd.”
De gedachte aan dat tafereel doet Bonnie’s hoofd even draaien. Of heeft ze ook last van de joint? Even blijft het stil tot zij nog verdergaat.
“Hoe voel je je daar dan bij?”
Charlie zucht.
“Zo’n opdracht wekt allesbehalve een eenzijdig gevoel op”, probeert hij uit te leggen.
“Terwijl ik duidelijk aanvoel dat zo’n situaties niet helemaal ‘correct’ zijn”, beklemtoont hij, “voelt zo’n opdracht wel uitzonderlijk aan. Het is heel intiem om iemand te ‘mogen’ ontmaagden.”
Dat is de trigger. Bonnie kan haar oordeel niet langer voor zich houden.
“En dat ze dan voor de rest van hun leven moeten leven met de gedachte dat hun eerste keer, met een – excuse my French – gigolo was, is bijzaak?”, gooit ze eruit en neemt ondertussen wat meer afstand.
Hij moet erom lachen.
“Je hebt het nog lang volgehouden, meisje”, klinkt het met een goedkeurend knikje.
“Ik praat niet graag met andere vrouwen over wat we doen bij Delight. Jullie zijn zo … oordelend.”

Met spijt in het hart moet Bonnie toegeven dat hij gelijk heeft. Zij heeft naar zijn ‘strafste’ verhaal gevraagd. En hij speelt gewoon open kaart.
“Sorry, Charlie.”, klinkt het.
Goedkeurend gaat Charlie’s hoofd op en neer.
“Dat is snel.”
“Ik had toch gezegd dat het me niet dwars zit.”
“Zo zie je er wel uit”, lacht hij.
Bonnie kan niet tegen zijn gespot.
“Een andere vraag!”, daagt ze uit.
Hij haalt zijn schouders op.
“Shoot.”
Even aarzelt Bonnie voor ze verdergaat.
“Hoe ben je er eigenlijk ingerold?”
“In Delight, bedoel je?” 
Ze knikt. Zijn lachrimpels tekenen een brede glimlach af en zijn blauwe ogen weerkaatsen een enthousiasme dat Bonnie nog niet veel in hem gezien heeft. De vingertoppen van zijn opengesperde handen raken elkaar. 

“Twintig jaar geleden was mijn vader eigenaar en was het nog een doodgewone bar. Hij had ‘m gekregen van zijn vader, Victor dus, als toegift omdat hij niet in het wereldje wilde stappen. Het moest gewoon een plek worden die geld opleverde. Maar na een jaar of twee, drie misschien, heeft Victor de bar van mijn vader, die toen niet Delight maar De Raad heette, voor de verkeerde redenen gebruikt. Mijn vader gooide hierna meteen de handdoek in de ring en heeft zich sindsdien volledig gedistantieerd van de zaken van De Raedtsmannen.”
Met haar vingertoppen volgt Bonnie het contour van zijn gezicht. 
“Je bent benieuwd hoe het gaat aflopen, hé?”, plaagt hij. 
Ze knikt. 
“Zéér benieuwd.” 
Hij knikt op zijn beurt en grijpt naar Bonnie’s pak sigaretten. Hij neemt er eentje uit, neemt haar zippo en steekt er langzaam de Marlboro mee aan. Wanneer dat gelukt is, blaast hij de vlam uit voor hij de zippo dichtklapt en verder vertelt. 
“Ik was toen eenentwintig.”
Ze schudt haar hoofd vol ongeloof. 
“Toch is het zo. Ik was hier en daar al mijn weg aan het zoeken in het wereldje en zag dit als de perfecte kans om me op te werken in de hiërarchische structuur van De Raedtsmannen. Want het is niet dat ik het allemaal in de schoot heb gekregen omdat ik de kleinzoon van was. Mijn grootvader werd goed omringd, maar bon we wijken af.”

De sigaret die al de hele tijd op zijn onderlip ligt, wordt roodgloeiend terwijl hij diep inhaleert. Hij ademt rookwolkjes uit voor hij verder gaat. 
“Ik heb mij kandidaat gesteld, maar onder bepaalde voorwaarden.” 
“Wat voor voorwaarden?”, vraagt ze. 
“Ik wilde er méér van maken dan een doorsnee café. We moesten ons onderscheiden van de concurrentie. Het moest iets unieks zijn, iets ‘exquisite”. Ik kan het niet anders uitdrukken. In het begin was het gewoon een etablissement dat zich richtte op vrouwen van een hogere ‘standing’. In Delight kon je onder de vrouwen goed gesoigneerd worden door de aanwezige mannen, maar nooit met seksuele aanraking. Gewoon met heel knappe en dienende garçons. Toegegeven, ik ben stevig uit de hoek moeten komen om Victor te overtuigen mee te gaan in mijn idee. Ik ben heel dankbaar dat ik toen die kans heb gekregen. We hebben alles leeggehaald, alles gestript, alle nieuwe elementen stuk voor stuk uitgekozen en samen doordacht geplaatst. En ja, ik kreeg gelijk. Het was een schot in de roos. Ik had een team van 5 echt perfecte mannen bij elkaar verzameld en de vrouwen zijn in bosjes blijven toestromen.”
“En hoe is dat dan op 20 jaar kunnen evolueren naar een gigolobar?” 

Hoewel het haar tic is, is het Charlie die nu overdreven met zijn ogen rolt. 
“Stop met Delight een gigolobar te noemen. Het is zo veel meer dan dat.” 
“Sorry, vertel alsjeblieft verder”, zegt ze met lichte spot. 
“De stap naar Delight van vandaag lijkt ver, maar als je zo’n vrouwen bij elkaar steekt verlegt de grens zich dag na dag gewoon net iets verder. Zo had er bijvoorbeeld iemand opeens geen bovenkleding meer aan en serveerde de dames een hele avond in een ontblote torso van formaat. Het duurde natuurlijk niet lang voor ze speciaal naar hem vroegen waarna de andere collega’s ook hun hemd aan de haak hingen. De volgende stap was dat de vrouwen vragende partij werden om extra te betalen om van andere diensten gebruik te kunnen maken. Eén keer die stap gezet was, ging de bal aan het rollen. Maar waar we in blijven slagen, is om in overleg te gaan over hoeveel er betaald wordt voor onze diensten. Daar blijven interessante deals uit voortkomen. Sommige vrouwen zijn echt … Maar bon, ik ben weer aan het afwijken.” 

Ook Bonnie heeft ondertussen een sigaret opgestoken waaraan ze met korte tussenpozen trekt. 
“Dus het was echt van bij het begin uw eigen idee, om van Delight zoiets te maken?” 
“Ja, Bonnie”, klinkt het bijna verontschuldigend. “Ga je me zeggen dat het zo’n slecht plan was? Als je me nu 20 jaar later ziet staan? Ik denk het niet, hé?” 
Bonnie schrikt van de opgejaagde wending die dit gesprek neemt. 
“Rustig, Charlie. Het is niet de bedoeling je zo op stang te jagen, ik ben gewoon oprecht geïnteresseerd in het feit of het idee om jezelf op die manier te verkopen puur van jou komt of door iemand anders werd ingefluisterd. Maar inderdaad, als je er nu op terugkijkt, is het duidelijk dat het was een succesvolle beslissing was. Of het de goede beslissing was, dat is een andere vraag.” 

Stok. Hoenderhok.

“Ik heb spijt van geen enkele beslissing die ik in mijn leven al gemaakt heb. Spijt is voor …”, hij denkt na voor hij zijn zin afmaakt. 
“Losers”, vult Bonnie aan. 
“Losers is perfect, dank je prinses.” 
De koosnaam heeft zijn effect op haar humeur. Toch gaan haar gedachten opnieuw de foute richting uit. 
“En hoe zit het met mijn moeder? Op welke manier zijn jullie paden gekruist?” 
Meteen heeft ze spijt van haar vraag. Waarom wil ze deze weg opgaan? Ze heeft er niets te zoeken. Niets goeds alleszins. Charlie gooit de rest van de whisky in zijn keel voor hij het woord neemt. 
“Als je ‘t echt wil weten … Uw moeder was een van de vaste cliëntes, van bij het begin. Zij en De Bende … Als ze niet in Den Bar uithingen, dan kwamen ze naar ons. Je kan je inbeelden dat mijn interesse in haar als ‘voorzitster’ van De Bende van den Bar al snel gewekt was. Natuurlijk zorgde ik ervoor dat zij en haar entourage als koninginnen behandeld werden. Het heeft héél lang geduurd voor we met hen die stap naar meer hebben genomen. Maar het waren uw moeder en ik die als eerste voor betaling seks met elkaar hebben gehad.” 
Bonnie’s maag valt als een baksteen op haar lege darmen. 
“Oh my god, het is ok, Charlie. Ik hoef het niet te weten.” 
Ze wuift zijn woorden weg. 
“Waarom vraag je het dan?” 
Ze haalt haar schouders op. 
“Ik had het niet moeten vragen. Maar er is toch een kant van mezelf die wil weten hoe het gelopen is tussen jou en mijn moeder.”
“Ik vertel niet verder voor je me beloofd niet kwaad te worden.” 
Ze zucht. 
“Hoe kan ik dat nu?” 
“Dan niet.” 
Charlie keert zich van haar weg, maar voor hij recht kan staan grijpt Bonnie zijn pols vast. 
“Charlie, komaan. Ik zal niet kwaad worden.” 
Hij knikt tevreden en nestelt zich terug in de ligstoel. Hij gaat wat achterover hangen in de leuning en vertelt verder. 
“Ik zal niet te veel in detail gaan. Het bleef lang alleen met uw moeder, maar er was echt sprake van een domino-effect. Voor ik het wist, wilde echt iedereen met ons naar bed. En als je het voor de ene klant doet, moet je ‘t voor de andere ook doen. En de rest is geschiedenis”, klinkt het met een licht sarcastische ondertoon.
“Ik veronderstel dat je niet met elke ‘cliënte’ een relatie bent aangegaan?” 
Hij haalt zijn hand ontschuldigend op. 
“Neen, dat is waar, Bonnie. Maar niet alleen met uw moeder.”
“Ik weet niet goed wat ik daarover moet denken, Charlie.” 
“Ik begrijp dat het niet gemakkelijk is om te vatten waarom ik doe wat ik doe. Maar prinses, ik vraag je, ik smeek je, geef me een kans om te bewijzen dat ik respectvol een relatie kan hebben en ondertussen een ‘gigolobar’ kan runnen.” 
Ze wuift zijn woorden weg zonder erop in te gaan. 

“Hoe is het dan fout gelopen, tussen u en mijn moeder?” 
Hij schudt zijn hoofd, beslist geen weerstand te bieden en gewoon te antwoorden op haar vraag. 
“Door de jaren heen werd Delight ook meer en meer doorgeefluik van De Bende naar De Raedtsmannen, aangezien uw moeder en mijn grootvader zo’n goede verstandhouding hadden. Alle deals werden uitgevoerd door de vrouwen van de klanten, verschillende klanten, niet alleen uw moeders bende. Maar dus de mannen zelf bleven buiten schot omdat ze nooit getrapt werden op bezit. Echt geniaal. Veilige handel onder de vrouwtjes. Niemand die dat in de mot heeft. Maar ik wijk weer af. We waren alletwee gewoon professioneel te hard aan het groeien waardoor we elkaar voor de voeten liepen. Onze relatie was altijd gedoemd om te mislukken. Het zijn flarden geweest van een fantastische combinatie, aangevuld met een hele hoop miserie. Het is pas écht verkeerd gelopen toen zij me voorstelde om op een hoger niveau samen te werken, omdat Den Bar toch ook een bepaald publiek aantrok dat mogelijk ook geïnteresseerd was in Delight en omgekeerd. Ik heb dat geweigerd. Omdat ik op dat moment in mijn leven eigenlijk liever volledig mijn eigen ding wilde doen en het als individu en niet als duo wilde maken. Victor heeft me héél hard proberen overtuigen, op verschillende manieren, om met uw moeder in zee te gaan, maar ik heb mijn been stijf gehouden. Dat werd me uiteraard niet in dank afgenomen. Uw moeder heeft zelfs gedreigd met alle activiteiten te stoppen, maar daar is ze snel van teruggekomen. Onze relatie is heel lang puur zakelijk geweest, maar met het verstrijken van de jaren, hebben we wel een bepaalde appreciatie kunnen opbouwen. Maar Anita heeft geen stap meer binnen gezet in Delight.” 
“Wat doen De Raedtsmannen eigenlijk nog allemaal?” 
Hij verslikt zich in de rook die zich net meester had gemaakt van zijn longen. 
“Nog een vraag”, klinkt het droog als hij is bijgekomen. 
“Je hoeft niet te antwoorden.” 
Hij haalt zijn schouders op. 
“We hebben een breed scala aan diensten.” 
Ze wuift zijn repliek weg. 
“Laat maar, ik had die vraag niet mogen stellen. Ik ga toch nooit een eerlijk antwoord krijgen.” 
Hij schudt zijn hoofd en neemt haar hand. 
“Je mag alle vragen stellen die in je opkomen. Ik weet alleen inderdaad niet of ik ze allemaal zal kunnen beantwoorden.” 
Haar hand brengt hij naar zijn lippen en krijgt een zachte kus. Zijn ogen vinden de hare. 
“Ik wil wel antwoorden op deze vraag …”
“Maar niet tot in de details”, voegt hij eraan toe. “We hebben een aantal zaken zoals Delight, enfin, niet overal met dezelfde all-in diensten. En verder, organiseren we vooral evenementen.” 

Dat kan vanalles zijn.

“Evenementen?”, polst Bonnie.
“Afwijkende evenementen.”

Kan hij nog meer in raadsels spreken? 

Ze rolt met haar ogen. 
“Dan kan je evengoed niets zeggen, hé Charlie, als je met zo’n vaag antwoord moet komen aandraven …”
“Wat wil je dan?”, reageert hij opgehitst. “Voorbeelden van evenementen?” 
Ze knikt. 
“We organiseren bijvoorbeeld al jarenlang boksmatchen. Officieel enerzijds, maar anderzijds ook meer in minder gecontroleerde settings.”
Hij twijfelt voor hij verder gaat. 
“Boksmatchen?” 
Ze herinnert zich nu inderdaad dat haar moeder al enkele keren over een boksgala heeft horen praten, maar dat hij daarachter zit is compleet nieuwe informatie.
“In minder gecontroleerde settings … Om zonder regels te kunnen boksen?”
Hij lacht. 
“Dat … Maar vooral ook omdat we een hele gokconstructie op poten hebben gezet die lucratiever is wanneer je niet op de vingers gekeken wordt.”

Bonnie voelt dat ze niet veel verder moet doorvragen, dus stuurt het gesprek een andere richting uit. 
“En doe jij dat ook? Zo boksen?” 
“Grappig, de manier waarop je belangrijke termen in mijn leven steeds op een licht sarcastische manier kunt beklemtonen.” 
Hij blaast haar weer van haar sokken. 
“Het is al lang geleden dat ik nog gebokst heb, in de ring althans. Ik train soms nog en mijn boksbal krijgt er meerdere keren per week van langs. Maar echt kampen … dat doe ik niet meer.”

Bonnie trekt nog een keer stevig van haar sigaret voor ze deze dooft in de asbak op het tuintafeltje. 
“Wil je nog een voorbeeld delen van jullie evenementen?” 
Hij lacht. 
“Natuurlijk. We organiseren ook pokertornooien. Voor de hogere klasse, welteverstaan.”
“Maar ook illegaal, dus?” 
De kuiltjes in zijn wangen transformeren zich in diepe strepen. 
“Dat ik geen heilig boontje ben, moet toch al lang duidelijk zijn, Bonnie.”
Ze knikt. 
“Ik weet gewoon niet hoe diep je erin zit.” 
Hij slaat zijn armen open. 
“Zo diep, hé, Bonnie … Ik heb dit niet bij elkaar verdiend door als een schaap de kudde te volgen in dezelfde slaafse richting. Ik heb voor mezelf gekozen. Dat is wat De Raedtsmannen doen, al jaren aan een stuk. Een dikke middelvinger opsteken naar de maatschappij waarin we leven. Als wij iets stelen vliegen we den bak in, maar dat de overheid dat dag in dag uit doet met elke mens die een correct leven wil leiden, wordt zomaar getolereerd? Niet met ons, Bonnie. Ik denk dat dat bij De Bende niet anders is?” 
Ze denkt even na. 
“Dat is waar, maar we hebben ook veel zaken die de minder koosjere kunnen maskeren. Dat is iets wat ik al heel mijn leven meekrijg, alleszins.” 
Hij knikt. 
“Uiteraard hebben we dekmantels. Hopen zelfs. Heb ik nu genoeg prijsgegeven, mevrouw?” 
Ze knikt. 
“Dank je.” 
“Tijd om te vertrekken trouwens! We gaan naar Valencia!’
Bonnie veert snel recht.
“Wat een plan!”

Terwijl de warme wind in Bonnie’s haren speelt in de rode Mustang cabrio staart ze voor zich uit en stelt ze zich even haar huidige situatie in vraag. Het rocknummer op de radio kan haar niet voldoende afleiden.

He had a nasty reputation as a cruel dude.
They said he was ruthless said he was crude.
They had one thing in common: they were good in bed.
She’d say, “Faster, faster “The lights are turning red”
.

Eagles

Bonnie laat haar gedachten de vrije loop. Ze zit in Spanje met een man die ze amper enkele weken kent. En niet zomaar een man. Eén die zijn handen vuil durft te maken. Even beeldt Bonnie zich een wel erg apocalyptische verloop van de dag in. Hij neemt haar mee, in één van de huizen in Valencia en martelt haar langzaam tot ze smeekt om vermoord te worden. Ze sluit haar ogen.

Als je zo denkt over hem, was je beter thuis gebleven.

Dat sluit de discussie. Ze moet hem gewoon vertrouwen.
“We zijn er”, lijkt het van ver te komen.
Ze voelt zijn blik op haar branden.
“Bonnie, je ziet eruit alsof het leed van alle vrouwen ter wereld op je schouders rust.”
Ze lacht haar tanden bloot, ademt diep in en schudt haar hoofd.
“Waar zijn we?”, vraagt ze terwijl Charlie de parking onder een hypermodern huis in het midden van de stad in rijdt.
“In Valencia”, knipoogt hij.
“Is dat hier van u?”
Charlie schudt zijn hoofd, maar zegt niets.
“Wie woont hier?”
Hij lacht: “Een van mijn beste vrienden.”
“Samen met zijn gezin.”
Bonnie’s humeur fleurt op.
“Ga je me nu voorstellen aan een van je beste vrienden?”

Hij knikt en neemt haar hand beet. In lichte draf trekt hij naar de lift. In de lift strijkt hij met zijn wijsvinger van Bonnie’s hals, over haar borsten die verborgen worden onder haar minuscule topje, naar haar blote buik. Net voor hij dieper kan zakken, stopt de lift. Hij port even in haar zij voor de liftdeuren opengaan en er een gigantische man met Afrikaanse roots verschijnt.
“Charlie, my man!”
De man vliegt Charlie in de armen.
“Da’s veel te lang geleden, man. Ge ziet er goed uit”, klinkt het terwijl hij goedkeurend een schouderklopje uitdeelt.
“Merci, Maurice.”
“Ge zijt ni alleen vandaag, copain?”
Een mond omhuld door hagelwitte tanden lacht haar breed toe. De man, Maurice blijkbaar, neemt haar hand beet, maakt een lichte buiging en kust het heel zacht.
“Aangenaam, juffrouw…”
Gecharmeerd klinkt er voorzichtig “Bonnie”.
“Boni…ta”, knikt hij goedkeurend.
“Kom binnen! Mi casa es su casa!”

Voor Bonnie en Charlie het goed en wel beseffen zitten ze in een prachtige stadstuin, een oase lijkt het wel, aan een overheerlijke gin-tonic te slurpen.
“Zo onverwacht, Charlie?”, vraagt Maurice na een tijdje. “’t is al lang geleje da w’elkaar gezien hemmen.”
“Ni content om mij te zien, Maurice?”
Even lijkt er spanning in de lucht te hangen, maar snel wordt die de kop in gedrukt door twee hardop lachende mannen.
“Natuurlijk wel, Charlieman. ‘t Is gewoon…”
Ietwat gestresseerd wrijft hij door zijn korte kroezelhaar.
“’t Is vandaag M&M-dag.”
Verbaasd vraagt Charlie: “M&M-dag?”
“Maurice-en-Monica-dag. Mijn vrouw en ik organiseren elke maand enen dag en nacht voor ons eigen. De kinderen blijven dan bij Monica haar ouders en wij doen iets samen. Als koppel. Da’s M&M-dag. Sebiet komt ze langs daar”, Maurice wijst naar een deur wat verderop, “compleet opgemaakt in een superstrak jurkje en zo wulps als een loopse poes binnen.”

En gelijk heeft hij. Nog geen 10 seconden later gaat de deur open en stapt er een Spaanse schone, die er inderdaad tot in de puntjes verzorgd uitziet, de tuin in. Met een verbaasde blik kijkt ze haar onaangekondigde gasten aan. Maar eens ze Charlie herkent, ontpopt ze zich in een klassevolle gastvrouw.
“Charlie, amigo. Blij dat je hier eindelijk nog eens geraakt bent!”
Drie kussen en een stevige knuffel later, staat ze voor Bonnie. Wanneer ze haar recht in de ogen aankijkt, lijkt het alsof ze opeens oog in oog staat met haar moeder. Vreemd. Aangezien deze vrouw, ondanks haar leeftijd misschien, in de verte niet op Anita lijkt.
“Je hebt een vrouw mee, Charlie”, knikt ze goedkeurend terwijl ze met haar hand over Bonnie’s kaak strijkt.
“Een mooie vrouw”, zegt ze terwijl ze opnieuw recht in de blondine haar ogen kijkt.
“Monica, dit is Bonnie”, klinkt het met enige trots in zijn stem.
“De vrouw van mijn leven”, voegt hij er even fier aan toe.
Bonnie schrikt wanneer ze dit hoort, maar kan het niet laten haar lippen tot een glimlach te vormen. Ze voelt haar wangen rood aanlopen.
“Het is nog pril, niet, juffrouw?”
Licht ongemakkelijk knikt Bonnie.
“Geniet maar van die vlinders, lovebirds!”, roept de Spaanse er opeens uit terwijl ze haar handen een paar keer tegen elkaar klapt.
“Kom, we gaan de stad in,” huppelt ze van ongeduld.

De airconditioning van de juwelierszaak brengt verkoeling in het verhitte hoofd van Bonnie. Ze geeft haar longen de kans eens diep in en uit te ademen voor ze verder binnenstapt en haar hand volgt die Charlie vasthoudt. Hij kijkt met pretoogjes achterom voor hij richting toonbank stapt.
“The long necklace with the big red stone…”, valt hij in een onberispelijk Engels met de deur in huis.
“The ruby”, corrigeert de dame achter de toonbank hem meteen voor ze knikt en post zet richting etalage.
Met een voorzichtige maar zekere tred keert ze terug met in haar hand een soort dienblad met daarop de ketting die Bonnie na een hele discussie voor het raam van de juwelier uiteindelijk had aangewezen.

Het was allemaal begonnen met Monica die, luid genoeg zodat ook de mannen die wat verderop stonden het konden horen, had gepolst of Bonnie al een cadeau had gekregen van Charlie. Bonnie had wat verlegen haar hoofd geschud en dat bleek voor Monica het startschot om tegen Charlie in de aanval te gaan.
“Charlie,” stak ze zelfzeker van wal, waarna hij meteen had omgekeken en samen met Maurice op de twee dames was toegestapt.
“Zeg me niet dat je zo’n prachtige vrouw nog niet overstelpt hebt met geschenken?”
Charlie had zijn tanden breed gelachen, maar niets gezegd waardoor Monica nog een stapje verder ging.
“Als je haar écht ziet zitten, moet je nu deze…”
Ze onderbrak zichzelf om naar een juwelier aan de overkant van de straat te wijzen.
“… zaak binnenstappen en haar kopen wat ze wil.”
Opnieuw lachte Charlie breed, maar ditmaal deed hij wel zijn mond open.
“Mij goed”, knipoogde hij naar Bonnie.
Hij nam haar beet en sleepte haar enthousiast de straat over en hield halt voor de etalage.
“Als je zou mogen kiezen wat je ook wil, Bonnie…”
Zijn greep op haar hand verdween waarna hij haar kin zacht vastgreep en haar hoofd naar zijn lippen begeleidde. Het was een korte kus, maar hij deed de vloer onder Bonnie’s voeten daveren. Na een snelle blik richting Monica, van wie ze een knipoog kreeg, richtte ze zich op de etalage. De prijskaartjes dansten even voor haar ogen.
“Charlie”, klonk het bijna smekend toen ze haar blik afwendde van de voor haar ogen dansende prijskaartjes.
“Je hoeft dit echt niet te doen”, stamelde ze.
Voor Charlie haar kon aanspreken, kwam Maurice tussenbeide.
“Als een vent je een juweel wilt geven, mag je niet weigeren Bonnie.”
Licht ongemakkelijk haalde ze haar schouders op en keerde ze zich opnieuw naar het glas waarachter een wereld van goud en stenen huisde. Het duurde echter niet lang voor ze een halsketting met een prachtige hanger in de gaten kreeg. De rode steen zat gevangen in een geometrische kubus uit witgoud.
“Je hebt iets gezien”, fluisterde Charlie geamuseerd in haar oor.
Een blos verraadde haar al snel. Maar snel trachtte ze dat te verbergen door verder rond te kijken in de etalage. Het prijskaartje van de ketting leek ondertussen in haar netvlies gebrand. 869 euro stond er in kleine maar toch duidelijke cijfers op het al even minuscule papiertje.
“Het is die ketting”, klonk het beslist uit de verte.
Wanneer Bonnie Charlie’s wijsvinger volgt, blijkt al snel dat zijn vastberadenheid terecht is. En opnieuw kan ze haar eerlijkheid niet verbergen.
“Dat is echt te veel Charlie”, had ze nog geprobeerd voor hij haar hand had gegrepen en de winkel was binnengestapt met een enthousiaste Marcel en Monica in hun kielzog.

Nog voor de winkeldame aanstalten kan maken om de ketting bij Bonnie aan te doen, neemt Charlie ze van haar over. Langzaam laat hij de ketting over haar hoofd als een kroon naar beneden zakken. Bonnie’s spiegelbeeld gunt haar een lach die ze nog niet vaak heeft mogen aanschouwen wanneer de ketting zacht op haar sleutelbeenderen valt en door het gewicht van de edelsteen verder haar weg zoekt tussen haar borsten. De met de steen gevulde ‘kooi’ die net boven de rand van haar minuscuul topje tot rust komt, wijst met één punt naar haar ontblote sixpack. 
“Die is op uw lijf geschreven”, klinkt het met verstomming zacht in haar oor.
De kleur van haar wangen past hoe langer hoe meer bij die van het pronkstuk dat in haar decolleté hangt. Na een knipoog naar haar tweelingzus in de spiegel wendt Charlie zich tot de winkeldame.
“Can I pay in cash?”
Beleefd knikt de vrouw met een glimlach die lijkt alsof hij erop is gekleefd. Zonder verpinken haalt Charlie een aanzienlijk aantal dubbel geplooide geldbriefjes bij elkaar gehouden door een dasspeld uit de binnenzak van zijn blazer tevoorschijn. Nadat hij even geconcentreerd met zijn duim over de zijkant van de briefjes gleed, neemt hij er een tiental uit die hij meteen aan de vrouw voor hem geeft. De rest van het stapeltje, dat nog steeds behoorlijk aanzienlijk is, verdwijnt opnieuw in de binnenzak terwijl de winkeldame op haar beurt de briefjes telt. Eén voor één verdwijnen de 100 euro biljetten onder een soort lichtbakje waarmee ze de echtheid ervan kan controleren. Even houdt Bonnie haar adem in, maar dat blijkt ongegrond wanneer de dame een briefje terug in Charlie’s richting schuift.

“There’s one too many”, klinkt het terwijl ze in haar kassa op zoek gaat naar nog wat wisselgeld en het ook over de toonbank schuift.
Nog voor vrouw het afschrift kan geven, heeft Charlie zich al omgedraaid en stapt hij de zaak terug uit. Wanneer het viertal terug buiten is gestapt, kan Monica zich niet langer houden. Als een bakvis begint ze te applaudisseren.
“Dit was zo romantisch”, kirt ze terwijl ze tussen Bonnie’s borsten grijpt en haar hanger vastgrijpt.
“En zo mooi”, beklemtoont ze terwijl ze in de jonge blondine haar ogen kijkt.
“Ik wil ook wel zo’n spontaan cadeautje”, klinkt het terwijl ze haar blik naar haar man richt, die met een lachje haar poging wegwuift.
“Jij krijgt al genoeg cadeaus”, verantwoordt hij zich.

De steen brandt uren later nog steeds na tussen Bonnie’s borsten en steekt af tegen het koude ijs dat ze in haar mond krijgt. Het is sorbet om precies te zijn, door Monica zelfgedraaide gin tonic sorbet. Om duimen en vingers van af te likken lekker. Het is een knipoog naar het aperitief van enkele uren geleden en een welkome afwisseling op de rode wijn die in tussentijd bij de lekkere op de barbecue gegrilde côte à l’os is gevloeid.
“Het is hier gewoon het paradijs op aarde”, zucht Bonnie genietend.
Monica lacht haar toe: “Waarom denk je dat we naar hier zijn verhuisd?”
“Waar wacht je op, Bonnie?”, doet Maurice er nog een schepje bovenop.
Ze denkt even na voor ze antwoordt: “Ik denk niet dat ik zo ver van mijn familie en vrienden zou kunnen wonen.”
Maurice en Monica kijken elkaar aan. De liefde spat even als bliksemschichten tussen hen heen.
“Soms heb je alleen elkaar nodig. En is al de rest een gewicht dat je meezeult. Als je dat gewicht van je afschudt, ben je zo vrij als een vogel.”
Bonnie schrikt van Maurice zijn woorden. Het is de eerste keer dat hij zo diepzinnig uit de hoek komt. Haar nieuwsgierigheid is gewekt.
“Ik denk toch dat dat vaak een vlucht is, naar het buitenland verhuizen. Dat is toch het teken dat je het thuis niet goed hebt? Dat je rusteloos bent?”
Maurice weegt haar woorden af.
“Het gaat niet om waar je van wegvlucht, maar wel om een plek vinden waar je meer jezelf kunt zijn.”
Monica wuift zijn zweverige praat weg: “Na een glas of vijf ontpopt ‘Mau’ zich altijd tot een eersteklas filosoof.”
“Trouwens,” gaat ze verder, “je hebt gelijk Bonnie. Hij is gevlucht. Ik ook trouwens. Maar daar gaat het al lang niet meer alleen over. We hebben een nieuw leven gevonden. Een leven dat we nooit zouden kunnen leiden als we in België waren gebleven.”
Aan zijn zuchtje te merken, wordt Maurice wat ongemakkelijk van de richting die het gesprek is opgegaan. Maar Monica lijkt zich van geen kwaad bewust. Of speelt het goed alleszins.
“Het is toch waar, Maurice”, gaat ze verder.
“Dan was jij nog verder die wereld ingegaan en dan was het sowieso fout afgelopen. Jij bent daar niet voor gemaakt”, besluit ze terwijl ze de klemtoon legt op het eerste woord van de zin.
Een onwelkome stilte maakt zich meester over het viertal.
“Ik denk dat niemand daarvoor gemaakt is,” probeert Maurice het op een luchtige manier op te nemen, “maar zonder het leven dat ik in België heb gehad, was dit nieuwe leven er nooit geweest.”
“Meer nog”, gaat hij verder. “Dan waren we nooit samen geweest, Monica. Vergeet niet dat jij altijd op bad boys valt.”

Monica steekt haar tong uit en rolt uitdagend met haar ogen.
“Daar heb je 100 procent gelijk in, schatje. Maar… je bent al lang geen bad boy meer.”
“Tijd voor verandering”, klinkt het zwoel terwijl ze zich naar Charlie draait.
 Charlie, die zich de hele tijd al stil had gehouden, komt in actie.
“Dat is dus wat ik voor je ben”, flirt hij overduidelijk waarna de sfeer meteen een andere richting in draait.
“Ik laat je proeven van de wereld van de slechteriken.”
Voor Monica hem antwoordt, werpt ze Bonnie even een aarzelende blik.
“Charlie, ik weet niet goed hoe ver ik vanavond kan gaan nu Bonnie erbij is”, mompelt ze onzeker.
“Je hebt gelijk, Monica”, knikt Charlie.
“Eigenlijk moet je weten hoe we elkaar ontmoet hebben, Maurice, Monica en ik. Een jaar of tien geleden, nog voor dit prachtige koppel naar dit oord van verderf verhuisde, hebben ze samen bij me aangeklopt voor mijn diensten.”
Bonnie hoort het donderen in Keulen, maar tracht haar cool te bewaren.
“Voor één of andere huwelijksverjaardag…”
“We waren vijftien jaar samen”, zet Monica recht.
“… nam Maurice contact met me op om zijn vrouw een pleziertje te doen. Haar grootste fantasie was een trio met een andere man. En zo geschiedde.”
Met die laatste stelling maakt Charlie duidelijk dat hij niet verder in detail wenst te gaan, maar dat is buiten Monica gerekend.
“Dat is nog altijd het beste moment uit mijn leven”, lispelt ze blozend.
“Erg hé,” gaat ze verder. “Ik heb verdomme twee kinderen op de wereld gezet!”

Tot grote verbazing van Bonnie blijft Maurice stoïcijns bij de nieuwe richting van het gesprek, terwijl zij alle moeite van de wereld moet doen om haar tong af te bijten. Toch is hij het die nu het woord neemt.
“Het viel zo goed mee voor iedereen, dat we dat zijn blijven doen.”
“Zo’n één à twee keer per jaar”, voegt hij er nog aan toe alsof het over een jaarlijkse samenkomst op de traditionele pensenkermis gaat.
“Er wordt al lang niet meer voor betaald, voor de duidelijkheid”, concludeert Charlie.
“En dus…”, neemt Monica opnieuw het woord terwijl ze zich op Bonnie richt, “is het nu vreemd om jou erbij te hebben.”
Ze lijkt te schrikken van haar eigen woorden.
“Ik bedoel dat niet op een slechte manier, hé, Bonnie”, verontschuldigt ze zich terwijl ze haar hand op Bonnie’s dij legt.
“Het is geweldig dat Charlie eindelijk eens een vrouw meebrengt. Ik weet alleen niet…”
Monica twijfelt duidelijk om verder te gaan en haalt haar hand van Bonnie’s dij weg. 
Bonnie neemt het woord: “Ik heb mij psychologisch niet kunnen voorbereiden op een gangbang.”
Haar directheid doet haar gezelschap bulderlachen. De spanning ebt weg.
“Niemand hoeft hier iets te doen waar hij of zij zich niet goed bij voelt.”
Het is Maurice die opnieuw onverwacht uit de hoek komt.
“Dank u, Maurice”, fluistert ze ongemakkelijk.
“Maar Bonnie”, klinkt het zacht naast haar terwijl het hand van Monica opnieuw haar dij opzoekt.
“Ik had je toch heel graag …”
Even pauzeert ze.
“Eens laten proeven van een intieme kus onder de meisjes”, maakt ze haar zin af.

Bonnie grijpt het voor driekwart volle glas rode wijn dat voor haar op tafel staat vast en gooit het in één keer achterover. Ze draait zich Monica’s richting uit.
“Waar wacht je dan nog op”, klinkt het uitdagend.
Terwijl de lippen van Monica de hare vinden, stijgt de wijn langzaam naar haar hoofd. Ze smaakt naar champagne.

Categorieën
Uncategorized

Hoofdstuk 4

“Zin in een nieuw avontuur in mijn wereld? Cx.”
Hij heeft opnieuw zeker twee weken gewacht met iets van zich te laten horen. Veel tijd om erover te tobben heeft Bonnie echter niet gehad. Een fikse onderdompelingscursus is gevolgd na die vergadering met Desirée en haar moeder. De cursus voldoet aan alle verwachtingen. Elke dag loopt Bonnie nu al mee met iemand van de Bende. Zo krijgt ze een goed zicht op alles wat gaande is en hoe iedereen werkt. Vandaag staat een tripje met Paulien op het programma. Ze heeft een nieuw pand op de kop kunnen tikken en gaat nu met de mogelijke gérante van de nieuwe zaak op prospectie bij een soortgelijk établissement. Tijdens de autorit er naartoe stopt Paulien niet met praten tegen de zwarte vrouw van een jaar of vijftig, de gérante in spe. Hoewel haar naam zowaar al drie keer gezegd werd, is Bonnie er tot op heden nog niet in geslaagd ‘m te onthouden. Daar moet ze aan werken: namen onthouden… Al snel gaat al haar aandacht naar het smsje van Charlie.
“Ja.”
Sneller dan zijn schaduw dient hij Bonnie van antwoord.
“Zo kort van stof?”
Bonnie denkt na over een antwoord, maar ze krijgt er de kans niet toe.
“Ik wil je graag meenemen naar een plek wat verder hier vandaan. Een plek waar ik je niet voor een paar uur krijg.”
“Hoeveel uren heb je nodig?”
“36 uur.”
Wie is er nu droog, merkt Bonnie op. Met een glimlach besluit ze erop in te gaan. Morgen en overmorgen heeft ze immers net twee dagen vrij.
“Morgen en overmorgen dan.”
Ze is razend benieuwd of hij op zo’n korte tijdspanne zal bijten.
“Ik pik je morgenochtend op om 9u aan den Bar en zorg ervoor dat je er overmorgen om 21u  terug bent. Travel light.”
Bonnie’s hart gaat wild tekeer als ze het bericht voor een tweede keer leest. Wat een gek! Maar terugkrabbelen is niet haar ding, dus tipt ze snel een “ok” voor ze haar aandacht opnieuw richt tot de twee dames vooraan in de wagen.

“De club is hier op de rechterkant gelegen. Zoals gezegd, ziet het er langs buiten een sjieke zaak uit en die trend zet zich eveneens door in het interieur. Op die manier stel je het vrouwelijk cliënteel meteen op hun gemak. Zo’n zaak moet gewoon een aangename ongedwongen sfeer uitstralen. Niet dat sfeertje dat escortebars voor mannen soms kunnen hebben…”
Inderdaad, we trekken naar een gigolo- en escortebar exclusief voor dames. Vrouwen van allerhande klassen en leeftijden trekken naar Delight voor een leuke avond met een vent of vrouw naar keuze. Afhaling is er trouwens ook mogelijk. Alsof je op goed geluk een nummertje kiest op de menukaart van de Chinees achter de hoek. Dat wordt weeral een vreemde nieuwe ervaring, beseft Bonnie net voor ze binnengaat. Ze is blij dat ze voordien gebrieft is geweest. Zo weet ze tenminste nu al een beetje wat haar te wachten staat. Een luxe hoerenbar voor vrouwen, in een notendop. Eens in de tent, worden Bonnie’s vooroordelen meteen ontkracht. Er heerst een gezellige sfeer in de trendy bar met overal donkerrode accenten. De vloer bestaat uit afwisselend grote witte en zwarte tegels. De glanzend zwarte toog staat op hoge stalen poten. Vanonder het blad van de bar schijnt goudgele indirecte verlichting. Erop staan elke halve meter witte hoge kaarsen. En ook de luchters aan het plafond zijn voorzien van kaarslicht. Doordat het er dus niet zo licht is, straalt het de nodige anonimiteit uit. En hoewel er in elk hoekje waar Bonnie kijkt mannen en vrouwen met elkaar in actie zijn, heeft ze er niet het gevoel dat ze in een orgie terecht gekomen is. Nu ze haar ogen de kost geeft, beseft ze pas hoe intiem het er bij sommigen aan toe gaat. Maar nergens lijkt het onbeschaafd.

Met de potentiële klant in haar kielzog, stapt Paulien meteen op de bar af waardoor ook Bonnie’s aandacht die richting uitgezogen wordt. Het is even slikken als ze beseft dat de in een strakke smoking gehulde patron de man is waarmee ze net nog een date heeft vastgelegd. Een welgemeende ‘shit’ tracht Bonnie tevergeefs binnensmonds te houden. Gelukkig heeft ze niet de indruk dat haar gezelschap haar vloek gewaar is geworden. Charlie, die Bonnie duidelijk nog niet gespot heeft, komt van achter de toog en trakteert Paulien op een stevige knuffel. Ons gezelschap-zonder-naam schenkt hij een hoffelijke handkus, die ten zeerste in de smaak valt. Dan pas lijkt hij te merken dat Bonnie de derde vrouw van het trio is. Hij knikt zijn hoofd ter herkenning en groet haar op haar beurt met een zedige kus op haar wang, maar niet zonder zijn hand een fractie van een seconde in haar zij te leggen en zacht te knijpen. Opnieuw zorgt de combinatie van zijn lichaamsgeur en zijn kenmerkend parfum voor die onweerstaanbare walm, die tot Bonnie’s grote spijt te snel naar de achtergrond verdwijnt.
“Welcome in Delight, ladies. Klaar voor een rondleiding?”

In één vingerknip heeft hij het vrouwentrio in zijn broekzak. Hij leidt hen rond als een koning, van de bar tot de achterkamers. Het moet gezegd dat die laatste er minder louche uitzien dan ze zich had voorgesteld. De kamers kunnen zo uit één of ander sterrenhotel geplukt zijn. Geen enkele keer valt Charlie door de mand. Als een geleerde pooier praat hij over zijn ‘product’ al ware het een pak suiker. Terug in bij de bar biedt hij het drietal champagne aan en wijst hij naar de menukaart.
“Zijn de dames geïnteresseerd in onze diensten?”
Voor de eerste keer vanavond richt hij zijn blik kaarsrecht op Bonnie. Zijn hemelsblauwe ogen doorboren haar geest. Vijf tellen blijft hij staren – al lijkt het voor Bonnie een eeuwigheid – tot hij zich opnieuw breed glimlachend tot Paulien en onze gast wendt, die duidelijk beide wild zijn van zijn idee. In een paar tellen hebben ze hun keuze gemaakt.
“Ik ga voor nummer 13”, klinkt het zacht uit Pauliens lippen.
Charlie knikt goedkeurend.
“Een privé stripact voor de dame”, grijnst hij.
Opnieuw vinden zijn ogen die van Bonnie, maar al snel richt hij ze opnieuw tot Paulien.

“Jij mag mee met…”
Charlie speurt de club af tot zijn blik valt op een zuiders type, die meteen merkt dat hij opgeroepen wordt. De man draagt een zwarte skinny jeans en een lichtgrijs strak t-shirt. De spieren die zijn bovenlichaam aftekenen, lijken te gonzen als hij dichterbij komt.
“José, jij gaat deze dame…”, Charlie pauzeert even om Pauliens hand vast te nemen, haar uit haar stoel te hijsen en in die van José achter te laten.
“Deze dame trakteer je op de meest geile stripact die je uit je hoed kunt toveren. Het is er ene van het huis, José. Ik reken op u.”
Enkel een korte knik vloeit voort uit José voor hij zijn aandacht op Paulien richt.
“Ik heb er nu al zin in”, zegt hij met een diepe stem.
Paulien giechelt als een tienermeisje voor ze om de hoek achterin de zaal verdwijnt. Zonder Bonnie één blik te werpen, richt Charlie zich op de ‘klant’ van de Bende.
“Mevrouw…”, klinkt het terwijl hij haar hand vastgrijpt en haar recht trekt.
“Ayo”, knikt de dame.
De naam flitst opnieuw door Bonnie’s hoofd. Hoe wil je ook dat ze zo’n namen opslaat?
“Jij ziet eruit alsof je wel wat verder durft te gaan”, daagt Charlie uit.
En of het effect heeft: “Ik ga voor de intieme massage.”
Hij trekt haar naar zich toe tegen zijn borst aan. Hun hoofden zijn maar enkele centimeters van elkaar verwijderd.
“Excellente keuze”, fluistert hij.

Als een volleerd klassiek danser leidt hij de dame naar een man wat verderop, buiten gehoorafstand voor Bonnie. Ze heeft geen geluid nodig om te zien dat Ayo helemaal in de wolken is met de keuze van Charlie. Opeens is Bonnie zich ervan bewust dat ze er nog alleen staat. Niet voor lang, want daar schrijdt Charlie haar richting al uit. Terwijl Bonnie had verwacht dat hij ook haar met zwier meteen ging inpalmen, leidt hij haar mee naar een gezellig salonnetje wat verscholen in een hoek van het etablissement. Ze kiest ervoor om in de rode velvet tweezit plaats te nemen om Charlie de kans te geven naast haar te komen zitten. Een kans die hij uiteraard niet laat schieten. Hij legt zijn hand open tussen hen in. 
“Welkom in een ander facet van mijn wereld.”
Bonnie twijfelt even voor ze haar hand erop legt. Hij beantwoordt het gebaar met een glimlach van formaat.
“Ik had je hier alleen nog niet verwacht.”
Het machtsgevoel dat Bonnie overmant, doet haar grijnzen.
“Ik zal nog wel meer onverwacht uit de hoek komen, meneer De Raedt”, dient ze hem kordaat van antwoord. 
“Ga je me dan verrassen?”
Ze begrijpt niet waar hij op alludeert.
“Hoe bedoel je?” 
Hij grijnst op zijn beurt.
“Of je een verrassende keuze zult maken?”, klinkt het terwijl hij de menukaart onder haar neus schuift.
Bonnie kijkt Charlie verbaasd aan. Toch terug een spelletje. Even is ze van haar melk, maar gelukkig herpakt ze zich snel.
“Ik wist dat die vraag ging komen”, volgt er uitdagend. 
Ze neemt de menukaart vast die voor haar op de tafel ligt. Ze ziet het dansen voor haar ogen als haar blik glijdt over de aangeboden ‘diensten’. 
“Erotic dance …”, klinkt het geamuseerd. 
“Ik zie in u geen Magic Mike”, voegt ze er plagend aan toe. 
Charlie kijkt haar met uitdagende ogen aan. 
“Je zou nog verschieten.” 
Ze rolt met haar ogen. 
“Ik geloof er niets van.”
Zijn hand komt op zijn gespierde borst terecht. 
“Ik doe dat niet, erotisch dansen voor klanten. Niet meer, althans. Er zijn hier mannen genoeg die ik daarvoor kan aanraden.”
Hij kijkt achter zich de ruimte in. Voor hij iemand kan roepen, grijpt ze zijn hand beet. 
“Charlie, het is ok. Ik hoef geen erotische dans. Ik wil gewoon graag bij u zijn.” 
Hij lacht zijn tanden bloot. 
“Nu verras je me toch door zo gevoelig uit de hoek te komen.” 
Ze schudt haar hoofd. In een poging zich te herpakken neemt ze opnieuw de menukaart vast. 
“Ik kan wel een befbeurt gebruiken”, zegt ze met uitgestreken gezicht.
Een brede grijns wordt Charlie meester.
“Deugeniet. Wacht even.”
Zijn wijsvinger gaat de lucht in… en weg is hij. Even later komt hij opnieuw te voorschijn en neemt hij Bonnie’s hand beet voor hij haar meeneemt naar de achterkamers..
“Voor jou alleen het beste”, knipoogt hij voor ze de grootste kamer binnen sluipen. Enkele rake drukken op een paar knoppen later, is de kamer getransformeerd tot een oord van romantiek met gedimde lichten en gesloten gordijnen. Net wanneer Charlie Bonnie’s gezicht streelt met de rug van zijn hand, zet Chris Isaak Wicked Game in.

“Dit kan niet”, fluistert Bonnie met haar ogen rollend.
“Wat kan niet”, fluistert Charlie vragend op zijn beurt.
“Dat is mijn lievelingsnummer.”
Weer die grijns. Hij grijpt haar beet en voert haar mee in een intieme slow. Bij de laatste noten van het nummer buigt hij haar helemaal achterover, bijna tegen de grond. Zijn hoofd komt langzaam dichterbij, maar net voor zijn lippen haar reeds getuite exemplaren raken wijkt hij af naar haar wang.
“Onze eerste kus mag niet hier zijn”, fluistert hij in een poging de betovering niet te doorbreken. Tevergeefs natuurlijk, want in één zwaai staat Bonnie opnieuw stevig in haar schoenen en verliest ze haar grip op zijn handen. Ontgoocheld kijkt ze hem aan.
“Die befbeurt mag ik dan ook op mijn buik schrijven zeker?”
Hij barst in het lachen uit waardoor hij er knapper uitziet dan ooit tevoren.
“Je bent een grappig meisje.”
Ze duwt hem met enig geweld tegen zijn zij waardoor hij op het bed belandt.
“Ik ben geen meisje.”
Hij slaat mea culpa: “Ok, een grappige dame dan.”
Ze knikt goedkeurend, neemt zijn hand en leidt hem de kamer uit.
“Kom, we gaan terug naar je hoerenbar.”
“Hoerenbar”, herhaalt hij geamuseerd terwijl hij speels in haar blonde haren wrijft.

In de bar zit een rood aangelopen Paulien al te wachten. Van Ayo nog geen spoor.
“Was het lekker?”, vraagt Bonnie snel om de aandacht van zichzelf af te wenden. Ze krijgt een kort schuldig knikje als antwoord. Wanneer ook Ayo na een paar minuten te voorschijn komt, duurt het niet lang of het drietal zit opnieuw in den Bar. Hun ervaringen delend met een fles sauvignon blanc erbij. Zaken is drinken, dat is één regel die Bonnie aan den lijve heeft moeten ondervinden. Nog nagenietend van de onverwachte ontmoeting met Charlie, slaagt ze er niet meer in nog goed op te letten tijdens het gesprek. Na een kwartiertje houdt ze het voor bekeken en trekt ze naar haar studio. Maar niet voor ze een briefje met daarop ‘Ben er voor twee dagen tussenuit. Overmorgen terug. Bonnie.’ heeft achtergelaten op het bureau van haar moeder. The easy way. Voor ze haar bed induikt, steekt ze het een en ander in een weekendtas. Travel light, dat zeg je toch niet tegen een vrouw! Wat moet je in godsnaam meenemen voor een weekendje op een mysterieuze locatie waarvan je niet weet waar die zich ergens op de wereld bevindt. Het resultaat: een jeans, een jurk, een top, hotpants, een t-shirt, een bikini, slippers en een paar pumps, maar ook een fleece en warme schoenen. Terwijl het mei is! De kans dat ze naar Noorwegen trekken is klein, probeert Bonnie uit te sluiten. Toch beslist ze een bericht te sturen: “Travel light. Ik moet tenminste weten hoe warm het is waar we naartoe gaan. Bx.”

Geen tien tellen later laat Bonnie’s iPhone al van zich horen.
“Nu, 15°. Morgen en overmorgen, 27°. Vertrek nu maar naar dromenland. Morgen maak ik die dromen waar.”
Slijmbal, denkt Bonnie nog voor ze zich op bed gooit en als een blok in slaap valt.
Ze schrikt wakker van haar iPhone die nog geen dertig centimeter van haar hoofd verwijderd ligt. Een sms. Van Charlie uiteraard.
“8.30. Rise and shine. Cx.”
Bonnie staat al snel onder haar douche. De waterstralen masseren haar naakte lichaam. Ze tracht zich zo goed als mogelijk mee te laten voeren in een moment van rust, maar binnenin borrelt ze van verwachting. Aangezien ze zich toch niet ten volle kan ontspannen in haar douchemoment, houdt Bonnie het kort. Ze stapt uit de douche en bekijkt haar naakte lichaam in de reusachtige spiegel in haar badkamer, terwijl het resterende water langzaam van haar af glijdt de badmat op. Haar lange spierwitte sluike lokken hangen doorweekt langs haar gezicht en vormen een omlijsting rond haar stevige borsten die afgewerkt zijn met stijve donkere tepels. Haar gespierde buik wordt afgebakend door een perfect gladgeschoren schaamheuvel, op een strakke streep van pakweg een centimeter breedte na. Haar wijsvinger kan zich amper bedwingen om op verkenning te gaan naar het eind van die streep, maar een blik op de klok houdt Bonnie bij de les. Ze jaagt haar ochtendroutine er pijlsnel door tot ze, exact een halfuur later, op de stoep van den Bar klaarstaat. Weliswaar met een tas van aanzienlijke grootte en in een casual doch uitdagende outfit, klaar voor een nieuw avontuur. De haar reeds bekende bolide van Charlie draait nog geen twee minuten later de bocht om en komt tot stilstand voor haar voeten. Uitdagend stapt ze in de wagen en kust ze Charlie opgetogen op zijn mond. Even totaal van de kaart, staart hij haar aan.

“Ook een goeiemorgen!” klinkt er nog luid voor hij de motor van de oldtimer laat loeien, met stevige rockmuziek op de achtergrond.

So that’s why you’ve got to try
You got to breathe and have some fun
Though I’m not paid I play this game
And I won’t stop until I’m done.

Lenny Kravitz

“Zo fris en monter, Bonnie? Je ziet er mooi uit zo vroeg op de morgen”, doorbreekt hij de stilte.
Bonnie voelt haar lippen oncontroleerbaar in een glimlach transformeren.


“Jij ziet er anders niet fris en monter uit. Ofwel lag jij een half uur geleden nog in je bed, ofwel heb je je bed nog niet gezien.”
Haar stem klinkt luider dan nodig, want ondertussen heeft Charlie het volume van de muziek wat aangepast. Hij draagt een grijze hoody over een strak wit t-shirt en daaronder een bleke afgewassen jeans. Zijn kin is voorzien van dikke stoppels en zijn krullen staan nonchalant alle kanten uit. De donkere glazen van zijn pikzwarte Rayban Wayfarer verhullen zijn ogen. In een flits kijkt hij haar verbouwereerd aan voor hij zijn blik terug op de weg richt. Hij duwt zijn zonnebril met zijn wijsvinger wat naar beneden en knipoogt.
“Geen een van je twee opties is de realiteit. Ik heb mijn eigen bed niet gezien, neen”, zegt hij droog. “Ik heb wel in een bed gelegen.”
Ze probeert het spelletje mee te spelen door zo casual mogelijk te reageren.
“Maar niet veel geslapen.”
“Dat klopt”, antwoordt hij snel.
“Zware nacht, dus.”
“Inderdaad.”
“Met drank… en drugs.”
Deze keer floept er eerst een lachje uit en nadien een instemmend kreuntje.
“En seks”, zegt ze, heel wat onzekerder.
“Veel seks”, klinkt het bloedserieus.
Door zijn reactie is Bonnie even van haar lood geslagen.
“Maakt niet uit, Bonnie. Nu is het jij en ik.”

Na een tijdje rijdt Charlie een kleinschalig vliegveld op waar een privévliegtuig met ronkende motoren staat te wachten.
“Klaar om van de grond te gaan?”
Charlie kijkt Bonnie met grote opgetogen ogen aan. Ze knikt overenthousiast.

Fucking hell!

“Je hebt toch een piloot, hoop ik? Of ga je dat ding zelf besturen?”
Charlie schudt ontkennend zijn hoofd.
“Sommige zaken laat ik liever aan anderen over. Kom, ze staat te wachten!”
Snel volgt Bonnie haar Clyde het vliegtuig in. Hij kan haar eender waar naartoe nemen zonder dat iemand het ooit weet, flitst het even door haar hoofd voor ze instapt en de deur achter haar dichtvalt.

Goodmorning, Charlie”, klinkt er door de intercom.
Charlie beantwoordt de vrouwenstem: “Goodmorning to you too, captain.
“Vandaag is Bonnie bij ons. Vlieg alsof er een koningin in je tuig zit.”
“Aiai, sir”, klinkt het aan de andere kant.
Ondertussen heeft Bonnie het zich al gezellig gemaakt in een brede ligstoel.
“Travel light. Hier is superveel plaats voor bagage!”
Charlie wuift haar woorden weg.
“Je klinkt als een puber”, antwoordt hij terwijl hij goed moet weten dat die woorden als een rode lap op een stier werken. Hij wil haar uit haar tent lokken, zoveel is zeker. Maar voorlopig slaagt hij daar niet in, want Bonnie houdt haar lippen stijf op elkaar.
“Trouwens, waar wij naartoe gaan heb je geen kleren nodig.”
Ze haalt afwachtend haar wenkbrauw op. Het signaal voor Charlie om nog een stapje verder te gaan.
“Meer nog. Er is zelfs een regel voor”, daagt hij uit.
Bonnie laat een nerveus lachje ontglippen. Maar Charlie gaat bloedserieus verder.
“Dat is een van de huisregels. No clothes allowed.”
Bonnie zucht en rolt opnieuw met haar ogen. Maar voor hij er iets van kan zeggen, legt ze haar wijsvinger op zijn lippen.
“Waag het niet me nog eens een puber te noemen”, sist ze uitdagend.
“Welke vrouw zou niet met haar ogen rollen als gij hier den enen truc na den andere boven haalt?”
Door zich op te winden, vervalt Bonnie in haar tussentaaltje. Het woord ‘truc’ ontketent een felle reactie bij Charlie. Maar net wanneer hij aanstalten maakt te reageren, laat de intercom van zich horen: “Fasten your seatbelts, Bonnie and Charlie. We are ready for take off.

In stilte neemt Charlie plaats naast Bonnie en klikt braaf zijn gordel vast. De kriebels in Bonnie’s buik vermenigvuldigen zich razendsnel wanneer ze langzaam van de grond gaan.
“Het zijn geen trucs”, klinkt het na een paar stille minuten.
Bonnie legt sussend haar hand op die van hem. Ze beseft opeens dat ze hem moet proberen te geloven. Anders was ze beter niet in dat vliegtuig gestapt. Met dat inzicht besluit Bonnie het weekend in te gaan. Gewoon zien en geloven wat op haar afkomt. Alsof Charlie haar gedachten kan lezen, haalt hij uit het niets een zak verse koffiekoeken en een fles bubbels te voorschijn. De kurk vliegt met een luide plof tegen het dak van het vliegtuig. Omdat de champagne door het plotse drukverschil wat uit de fles spuit, zet Charlie zijn mond eraan. Het lijkt alsof zijn blauwe kijkers haar ziel doorboren terwijl hij enkele stevige slokken neemt.
“Zo drink je champagne”, beklemtoont hij en steekt de fles in Bonnie’s handen. Alvorens te drinken, steekt zij de fles voor zich uit.
“Op een weekend in de wereld van Charlie.”
De man in kwestie knikt goedkeurend terwijl hij een hap neemt van een verse croissant.

Ladies and gentleman, we are landing in five minutes. Please fasten your seatbelts.”
Bonnie’s hart maakt een sprongetje. Ze barst van nieuwsgierigheid maar heeft, ondanks dat ze ruim de tijd heeft gehad om door het vliegtuigraampje het landschap te bestuderen, zich nog niet aan een gokje durven wagen.
“Weet je waar we zijn?”, vraagt Charlie.
Bonnie knikt: “In Charlie’s wonderland.”

Op nog geen honderd meter van waar het kleine vliegtuig geland is, staat er een rode Ford Mustang cabrio geparkeerd.

Meteen beseft Bonnie dat die daar niet voor niets staat. Het begint wat ongemakkelijk te voelen, hoeveel hij van haar weet. Het kan toch geen toeval zijn dat hij ook nu weer toevallig haar favoriete auto heeft staan? Hij gooit de koffers op de achterbank en springt zonder zijn deur te openen in de cabrio. Bonnie’s twijfels waaien letterlijk weg als ze de weg opgaan en het afgelegen vliegveld achter zich laten. Al snel merkt Bonnie de Spaanse namen van dorpen en straten op.
“We zitten in Spanje! Natuurlijk!”
“Hoe natuurlijk?”, vraagt Charlie.
“Omdat Spanje mijn favoriete land is. Net zoals deze Mustang mijn favoriete wagen is. You are playing with my mind, mister.”
Even haalt Charlie zijn handen van het stuur om ze omhoog te gooien.
“Hola, chica. Tranquila! Estamos en Espana!”, kirt hij enthousiast.

Het duo houdt halt aan een volledig met groene heggen omrand domein. De grote poort gaat langzaam open wanneer Charlie zijn duimafdruk achterlaat op de lezer aan de poort. De losse stenen vliegen op en vormen een stofwolk achter de Mustang als deze verder het domein op rijdt en de poort achter hen opnieuw sluit. Voor hen lijkt een kast van een villa in de zee te versmelten.

Bonnie hapt even naar adem bij de aanblik van dit spektakel. De Mustang wordt aan de riante villa geparkeerd. Zonder iets te zeggen, maar zichtbaar enthousiast als een kind springt Charlie de wagen uit. Meteen trekt hij zijn bezwete t-shirt met lange mouwen uit, waardoor Bonnie voor de eerste keer zicht krijgt op zijn ontblote torso. En het moet gezegd, even moet ze naar adem snakken. Hoewel er al eens een heel klein stukje kwam piepen, blijken zijn bovenlichaam en armen zo goed als vol getatoeëerd.
You like what you see?”, vraagt hij uitdagend.
Bonnie knikt.
“Heb je ‘r nog?”, klinkt ze nieuwsgierig.
Hij knikt en trekt ook zijn jeans en boxershort uit waardoor hij opeens poedelnaakt, en met een reeds half stijve lul, voor Bonnie komt staan. Hij wijst naar de tattoo in de vorm van een witte roos op zijn borst. “Dat is er eentje voor mijn grootmoeder, de vrouw van Victor. Deze…”, hij wijst naar zijn zij waar iets staat geschreven.
“Deze heb ik gezet omdat ik me gek maak in mijn eigen fouten. Mistakes are merely steps up the ladder.”
Hij haalt zijn schouders op.
“Tja, ik heb er wel een paar, zoals je kan zien. wil je weten waar ze overal voor staan?”
Bonnie schudt haar hoofd terwijl ze met man en macht probeert casual te blijven bij de naakte verschijning voor haar neus. 
“En jij”, kaatst hij terug. “Heb jij je lichaam al laten versieren?”
Uitdagend trekt hij de rand van haar zwarte shirtje wat omhoog.
“Je weet toch nog wel wat de regel is?”
Het topje van zijn tong komt te voorschijn en likt even zijn mondhoek. Bonnie doet alsof haar neus bloedt en haalt haar schouders op.
“Dan gooi ik je zo in het zwembad!”

Voor Bonnie kan nadenken, neemt hij haar stevig vast en loopt hij naar het zwembad achter de villa. Met een stevige plons springt hij, nog steeds met haar in zijn armen, het water in. Eenmaal in het water lost hij zijn greep en hapt Bonnie naar adem als ze gierend van het lachen terug boven komt. Ze duwt hem speels onder. Hij laat zich gewillig vallen. Maar wanneer ze een tweede keer duwt, blijft hij als een blok beton staan waardoor ze tegen zijn naakte lichaam botst. Zijn lul priemt meteen tussen haar benen wat voor een instant opgewonden gevoel zorgt, diep in haar.

“Je houdt wel van spelletjes, niet?”
Ze knikt uitdagend, in de hoop dat ze eindelijk in een diepe hartstochtelijke kus versmelten. Maar niets van dat. Integendeel. Hij neemt opnieuw wat afstand en zwemt weg.
“Zolang je je niet aan de regels houdt, speel ik niet met je.”

Bonnie rolt met haar ogen, maar beslist toe te geven. En hem bovendien op een showtje te trakteren, maar niet voor ze grondig inspecteert of de buren geen inkijk hebben. Het lijkt even alsof ze helemaal alleen zijn op de wereld. Haar doornatte kleren kleven aan haar lichaam wanneer ze zich uit het zwembad heist. Met een lichte grijns zet ze zich recht en opent ze de knoop en de rits van haar broek. Terwijl ze zich een kwartslag draait om hem ook een blik te gunnen op haar derrière, trekt ze de  baggy jeans in een vloeiende beweging uit. Ze zet zich opnieuw recht, grijpt haar topje vast en trekt het over haar hoofd. Enkel haar favoriete zwarte bh en bijbehorende string kleven nu nog aan haar naakte lichaam.. Ze werpt een blik op Charlie die haar vanuit het zwembad geconcentreerd aankijkt. Terwijl Bonnie zijn volle aandacht met haar ogen tracht op te eisen, haalt ze de haakjes van haar bh uit elkaar. Met een natte plof valt deze op de kurkdroge tegels. Zijn ogen blijven recht in de hare staren. Een rechter wenkbrauw die de hoogte in schiet, is het enige wat Bonnie van Charlie kan aflezen. Op een brede grijns na, natuurlijk. Maar die had hij al een tijdje plakken op zijn tronie. En ook wanneer ze haar minuscule string uittrekt, houdt hij dezelfde gezichtsuitdrukking. Tergend traag stapt Bonnie het zwembad terug in. Wanneer het water tot aan haar lenden komt, schrikt ze even van de temperatuur. Snel duikt ze kopje onder en wanneer ze terug boven komt slaat ze met een overdreven zwaai haar natte haren tegen haar rug. Langzaam stapt ze dichter en dichter naar Charlie toe, dieper en dieper het zwembad in. Eens ze recht voor hem staat, duwt ze hem speels tegen de rand van het zwembad. Charlie laat zich helemaal overmeesteren.
“It’s playtime”, fluistert ze met een knipoog.
Als ze haar lichaam tegen hem aan drukt, priemt zijn kaarsrechte lul meteen tussen haar benen. Zonder haar ogen af te wenden maakt ze zachte berijdende bewegingen met haar heupen. Charlie’s lul is haar hengst. Hij kan alleen maar lachen.
“Hete doos”, klinkt het voor hij zijn lippen tegen de hare drukt.
In dezelfde beweging trekt Charlie haar nog dichter tegen zich aan. Zijn tong duwt haar lippen open en vindt die van haar. Na een grondige kennismaking sluit hij af met een speelse beet in haar onderlip. En weg is hij. De aanblik van zijn gespierde getatoeëerde rug ontvlamt bij Bonnie opnieuw een vleug van opwinding. Eens hij het zwembad uitstapt, krijgt ze zicht op zijn strakke kont en opnieuw ontwikkelt zich dezelfde reactie in Bonnie’s lichaam. Charlie grijpt een minuscule handdoek en slaat deze rond zijn middel in een poging zijn mastodont van een erectie te verhullen.

“Wil de juffrouw graag iets te drinken?”, vraagt hij terwijl hij richting de gigantische villa stapt.
Met een kreun en een knikje beantwoordt Bonnie zijn vraag. Wanneer hij in de deuropening van de gigantische glazen schuifdeur verdwijnt, snakt Bonnie letterlijk naar adem. In een poging haar gedachten wat te verzetten, trekt ze snel een paar baantjes. Voor ze het goed en wel beseft, heeft ze er een twintigtal gezwommen en hijst ze zich uit het zwembad als ze merkt dat Charlie post heeft gevat in het ligbed onder een grote parasol. In zijn hand en op het bijzettafeltje staan twee reusachtige glazen met een fris ogende cocktail.

“Sex on the beach, for the lady”, klinkt het, terwijl hij haar glas aanreikt wanneer ze naast hem op het ligbed plaatsneemt.
Ze kan een lachje niet onderdrukken.
“Sex by the pool?”, probeert ze met een poging hem uit zijn tent te lokken. Maar ze vangt bot.
“Ik ga je nu niet neuken, miss Bonnie.”
Haar wenkbrauw zoeft de hoogte in.
“Nu niet of nu nog niet?”
“Ben je er dan zo zeker van dat het een kwestie van tijd is”, gaat ze verder.
Hij lacht zijn tanden bloot en knikt.
“Ik zal me opnieuw uitdrukken …”
Hij pauzeert even voor hij verder gaat: “Ik ga je nu nog niet neuken.”
Met flinke sip van zijn cocktail tracht hij een rustmoment in te lassen.
“Heb jij geen sigaretje voor me?”, klinkt het na een tijdje.
Bonnie schrikt op. “Sinds wanneer rook jij?”
Hij haalt zijn schouders op. 
“Ik rook als ik zin heb.”
“Zin in seks?”, lacht ze. 
Hij grijnst. 

“Hier”, gooit ze eruit nadat ze in haar handtas gerommeld heeft en twee Marlboro’s uit het pakje gevist heeft. De zoektocht naar haar zippo duurt gelukkig niet lang. Ze steekt beide sigaretten tussen haar lippen en houdt het vuur ertegen. Na één keer diep te inhaleren, stopt ze er een van tussen Charlie’s lippen. Hij knikt goedkeurend.
“Wat een service.”

Opeens lijkt de alcohol naar Bonnie’s hoofd te stijgen. Ongecontroleerd begint ze te giechelen.
“Die cocktail komt aan als een bom”, lispelt ze wat.
“Dat kan toch niet!”, lacht hij.
“Blijf even liggen, ik zal wat te eten gaan halen”, voegt hij er nog aan toe.

Opnieuw verdwijnt hij de villa in. De lucht lijkt wat te draaien wanneer Bonnie zich erop concentreert. Langzaam lurkt ze aan haar sigaret. Als deze half op is, hoort ze Charlie naderen.
“Du pain, du vin et du Boursin”, gooit hij er enthousiast uit.
“Komt als geroepen”, juicht Bonnie terwijl ze haar handen tegen elkaar klapt. Ze gooit zich op de baguette en de kaas. Al snel hebben ze het allemaal naar binnen gewerkt. Bonnie verwijdert het dienblad tussen hen in en nestelt zich in Charlie’s oksel.

Bonnie schrikt wakker van een kus op haar neus. Als ze haar ogen opent, kijken die van Charlie haar van nog geen 10 centimeter afstand afwachtend aan.
“Rise and shine, prinses.”
“Ben ik echt in slaap gevallen?”, vraagt Bonnie terwijl ze zich uitrekt en een ontgoocheld knikje ziet tegenover haar.
“Zo saai is het in mijn wereld.”
Hij steekt een lok haar achter haar oren. 
“Maar je had het nodig. Tijd voor wat actie, als je het mij vraagt.”
Zijn woorden zijn nog maar koud of hij is al recht gesprongen. Zijn handdoek raakt hij in die beweging kwijt. Zijn voorziening is danig gekrompen tegenover de eerste keer Bonnie er een blik op kon werpen. Maar nu weet ze wel al waartoe hij in staat is. Dat denkt ze tenminste…

“We zullen toch wel iets moeten aantrekken”, verontschuldigt Charlie zich terwijl hij zijn kleren terug bij elkaar zoekt en ze aantrekt.
Die van Bonnie zijn natuurlijk zeiknat.
“Ik dacht dat we hier geen kleren mochten aandoen?”
Hij schudt zijn hoofd.
“Dat was om u uit uw kot te krijgen.”
In een poging ‘boos’ te lijken, geeft Bonnie hem een flinke duw.
“Dan moet ik me toch even gaan omkleden”, klinkt het voor ze naar de auto trippelt, haar reistas uit de koffer haalt en de villa binnen wipt.
Even ontneemt het interieur haar adem. Het ziet er binnen prachtig uit.. Overal wit. En licht. Minimalistisch en modern. Tot in de details.

Wanneer ze terug buitenkomt, draagt Bonnie een los kort zwart jurkje met daaronder slechts een minuscule tangastring. Haar haren heeft ze lichtjes opgestoken. Aan haar voeten draagt ze simpele slippers. Charlie’s hongerige ogen keuren haar goed. 
“Draag je ooit iets anders dan zwart?” 
Ze schudt haar hoofd. 
“Al meer dan 5 jaar niet.”
Zijn hand strijkt over haar jurk en houdt halt in haar zij. 
“Ga je dan ook trouwen in het zwart?” 
Ze rolt met haar ogen. 
“Wie weet?” 

Hij grijpt haar hand beet en neemt haar met een flinke tred mee naar de zijkant van de tuin waar ze een smal padje inslaan. Na een vijf minuten durende wandeling staat het duo opeens op het strand van een kleine afgesloten baai. Voor hen weerspiegelt de Middellandse Zee.

“Mijn klein persoonlijke stukje hemel op aarde”, fluistert Charlie na een tijdje.
Uit een schoudertas haalt Charlie een dun strandlaken tevoorschijn en spreidt het uit op het zand. Hij ploft erop en haalt ook een fles rode wijn boven. Dorstig zet hij ze aan zijn lippen.
“Jij ook?”, vraagt hij terwijl hij de fles naar haar uitsteekt.
Ze gaat er lustig op in en neemt eveneens een stevige slok voor ze zich naast hem neer vleit. Enkel de golven van de rustige zee weerklinken in de baai.

“Het is vreemd hoe ‘juist’ dit aanvoelt”, klinkt het opeens vanuit zijn mond na een hele tijd stilte.  
“Gij zijt echt ni te geloven”, floept Bonnie er lachend en plat uit.
Wanneer ze hem voor een zoveelste keer een duw geeft, grijpt hij onverwacht haar pols en zwiert zich in één vlotte beweging over haar heen terwijl hij ook haar andere pols grijpt. Met zijn knieën klemt hij Bonnie’s middel vast.
“Waarom geloof je me niet?”
De ontgoocheling sijpelt door in zijn stem. Langzaam laat hij zijn hoofd zakken tot zijn lippen de hare net niet raken. Net voor ze dat doen, maken ze een schijnbeweging en komen ze terecht in haar nek. Een siddering maakt zich meester van haar lichaam. Langzaam vinden zijn lippen hun weg naar haar decolleté. Net voor de rand van haar jurkje houden ze halt. Charlie richt zijn hoofd op. Zijn blauwe kijkers staren haar vragend aan.
“Voelt dit niet ‘juist’ aan misschien?”, fluistert hij.
Bonnie sluit even haar ogen, slaakt een diepe zucht en knikt.
“Het voelt alleszins zalig aan”, beklemtoont ze kreunend.
Ze laat haar hoofd achteruit vallen en sluit haar ogen in afwachting van meer. Hij laat met één hand de grip op het hare los en neemt haar kin beet. Voorzichtig kantelt hij opnieuw haar hoofd zodat ze hem wel aan moet kijken.
“Vaar je met me mee?”

Bonnie twijfelt even of ze zijn vraag goed begrepen heeft. Maar wanneer hij recht springt en en wijst naar een bootje dat wat verderop aangemeerd ligt, begrijpt ze pas dat hij het letterlijk bedoelt. Enthousiast veert ze op en volgt hem de boot in. Een actie waar ze na 5 minuten op open zee al flink spijt van heeft wanneer ze haar maaginhoud omhoog voelt komen. Het moet ook Charlie zijn opgevallen.
“Je bent zeeziek”, klinkt het droog.
Terwijl Bonnie nog tracht te ontkennen, maakt Charlie al rechtsomkeer.
“Charlie, komaan. We zijn net vertrokken. Dit is super romantisch. Ik kom er wel door. Ik wil niet dat dit eindigt.”
Hij vertraagt de motorboot wanneer hij dit hoort.
“Geloof me. Binnen een paar minuten is hier niets romantisch meer aan.”
“Concentreer je op het vaste land”, voegt hij er nog kort aan toe.

De weg terug lijkt eeuwen te duren. Koude zweetparels hopen zich op ter hoogte van Bonnie’s slapen. Haar blik staat strak op de baai gericht. Maar dat lijkt tevergeefs. Ze kan zich net niet over de rand van de boot gooien voor haar maag de herkauwde Franse kost er volledig uit gooit.

Categorieën
Uncategorized

Hoofdstuk 3

Aarzelend volgt Bonnie een met tal van winkeltasjes van luxueuze kledingmerken beladen Desirée, een trendy pand binnen.
“Horen, zien en zwijgen”, knipoogt Desirée voor ze haar aandacht wendt tot een vrouw in een hoek achter een bar waarvan Bonnie het doel niet meteen snapt. Aan de grote moderne bar en de gezellige zetelhoekjes te merken, lijkt het een soort hippe club te zijn. Toch vallen haar vooral de ietwat te schaars geklede dames op die talrijk vertegenwoordigd zijn. Wanneer een vrouw in de hoek, een latina van een jaar of veertig, het tweetal in het vizier krijgt, veert ze recht en loopt hun richting uit. Ze kust hen beide stevig op de wang als ze met een paar grote stappen bij het tweetal staat.
“Desirée! Blij je te zien. Je hebt versterking mee vandaag”, constateert ze met een sappig Spaans accent.
Desirée knikt trots naar de brunette: “Het is inderdaad al veel te lang geleden”, zegt Desirée met een perfecte Nederlandse uitspraak, heel anders dan hoe ze normaal tegen Bonnie of de andere bendeleden praat.
“Elvira, dit is Bonnie. Onze nieuwe werkkracht.”
“Blij je te zien, Bonnie. Welkom in La Paz. Kom, ik neem jullie mee achterin.”
Slaafs volgen Desirée en Bonnie de Spaanse schone tot in een achterkamer van de bar waarin er naast een antiek bureaumeubel met bijpassende stoelen slechts een statige sofa staat.
“Maak het jullie gezellig, ik haal nog wat te drinken”, kondigt Elvira aan voor ze het bureau uit huppelt. Bonnie haalt even haar wenkbrauw op. Het valt haar op dat de dame wel erg jumpy is.
“Pracht van een wijf, Elvira”, merkt Desirée op en haalt daarmee Bonnie terug tot de realiteit.
“Ge moogt wat meer op uw gemak doen zenne, meisje. Ge moet ni peinze dat er vanavond iets met u gaat gebeuren. Gewoon kijken en leren. Dat is wat da gij moet doen nu”, klinkt het opnieuw heel wat platter.
Bonnie krijgt niet de kans Désirée van een repliek te dienen, aangezien Elvira sneller dan verwacht haar rentrée  maakt met in haar hand een zichtbaar perfect gekoelde fles Veuve Cliquot en drie stevige champagneglazen. Terwijl ze de fles met een vakkundige hand opent en inschenkt, voelt ze Bonnie aan de tand.
“Hoe kom je in dit wereldje terecht, Bonnie? Ik ben ervan overtuigd dat je hier niet plots komt ingerold, dat je bewust voor deze gang van zaken kiest.”
Bonnie vraagt met één duidelijke blik aan Desirée of ze eerlijk mag zijn. Wanneer die met een bijna onopmerkelijk knikje haar fiat geeft, komt Bonnie meteen to the point: “Ik ben de dochter van Anita.”

Haar woorden ontketenen een reeks van reacties bij Elvira. Er klinkt bijna onhoorbaar een welgemeende ‘dios’ van tussen haar lippen voor haar mond openvalt. Wanneer ze haar hand enthousiast de hoogte in slaat, tikt ze met haar lange zwartgelakte nagels tegen één van de tot de rand gevulde champagneglazen. Alsof ze over superkrachten beschikt, slaagt Desirée erin het glas met grootste deel van de inhoud erin zonder kleerscheuren op te vangen. Tot groot jolijt van Elvira, die haar met beide armen vastneemt en een stevige kus op haar wang plant.
“Ojala que estas aqui! Gelukkig ben jij er!”
Elvira verlegt haar aandacht opnieuw naar Bonnie.
“Sorry chica! Ik was even onder de indruk. De dochter van Anita! Daar klinken we op!”
De drie als bij wonder nog steeds intacte coupes vliegen de lucht in.
“Op Bonnie! En Anita”, klinkt vanuit Spaanse kant. “Santé!”
“Maar nu eerst de zaken. Zijn we daar alvast van verlost”, laat Desirée vallen. Ze neemt één tas – van Chanel voor de gelegenheid – op haar schoot en haalt er snel een sjaal, een broek en iets wat lijkt op een jurk uit. Even kijkt ze met afwachtende ogen naar Bonnie voor ze verder gaat met het ledigen van de zak. Een groot pak, wat zonder twijfel cocaïne moet zijn, komt heel wat langzamer dan de vorige artikelen als een duiveltje uit een doosje te voorschijn. Bij de aanblik van het perfect verpakte witte pak, is het voor Bonnie even moeilijk haar verbazing te onderdrukken. Haar kurkdroge mond valt wat open. Snel zet ze het glas champagne tegen haar lippen om haar verraste blik te verhullen. 
“500 gram. Excellente kwaliteit. Een waar topproduct.”
De Spaanse schone knikt goedkeurend terwijl ze het pakketje inspecteert.
“Ziet er goed uit. En genoeg”, voegt ze er nog aan toe, het pak coke op haar rechterhand balancerend. Met haar vrije hand reikt ze onder het bureau en haalt een koffertje te voorschijn dat ze meteen aan Desirée overhandigt. Het zwarte attachékoffertje, dat aan alle clichés voldoet, springt met het bekende klikgeluid open. De inhoud ervan tovert in een vingerknip een van oor tot oor reikende glimlach op Desirée’s gezicht. Goedkeurend knikt ze terwijl de koffer opnieuw toegaat en naast haar tussen de winkeltassen op de grond belandt.

“Ik ga toch eens proeven, hoor D.”, klinkt het nog voor Elvira een vlijmscherp fijn mes vanuit een schuif in haar bureau te voorschijn haalt. Met precisie maakt ze een snee van nog geen centimeter in het pak en haalt er voorzichtig wat van de inhoud uit. De coke komt op het deksel van een zilveren sigarendoosje terecht. Tergend traag reduceert het mes de witte brokjes tot een poeder. De hele tijd slaagt Bonnie er niet in haar blik van het pak coke te houden. Nog nooit heeft ze er zo veel van gezien. Want eerlijk, ze is ook geen engeltje. Wat nu ook niet willen zeggen dat ze elke dag aan de drugs zit, maar in haar ogen kan het van tijd tot stond geen kwaad om je te vernevelen. Integendeel, sommige situaties lenen zich er perfect toe ze in een waas te beleven. Maar zo veel dope was tot nog toe in haar hoofd tot fictie gereduceerd. Toen ze haar moeder duidelijk had gemaakt dat ze ook weet wou hebben van de illegale zaakjes van BB, had ze nooit kunnen denken dat ze er zo diep in zaten. Een halve kilogram cocaïne op tafel gooien alsof het niets is. Nu is er natuurlijk geen weg terug. Al heeft Bonnie er zelf geen enkel benul van op welke weg ze zich begeeft. Als een baby wordt ze in het badwater gegooid. Zwemmen! Maar hierop moet ze toch wat meer voorbereid zijn. Ze kunnen niet van haar verwachten dat ze zich laat meevoeren door de stroom zonder te weten wat er op haar afkomt. Ze moet en zal hier met haar moeder over praten, neemt ze zich nog voor alvorens ze opnieuw met haar neus op de feiten gedrukt wordt en ze Elvira nog net het laatste stuk van een gigantische lijn naar binnen ziet jagen.

“Stevig spul, esa”, klinkt het snuivend. Dan steekt ze het kokertje naar Desirée uit: “Ook wat?”
Bonnie weet met zichzelf geen blijf. Maar Désirée voelt zich klaarblijkelijk evenmin comfortabel in deze situatie. Net voor ze zich voorover buigt met het kokertje in haar rechterneusgat, kijkt ze Bonnie recht in de ogen. Haar ogen stralen onmacht uit. Toch doet ze het. Opnieuw slaat de twijfel duidelijk toe nu de lijn naar binnen is gejaagd. Bonnie’s hart bonst in haar keel. Ze wordt verscheurd door de hypothetische keuze waar ze binnen een paar seconden voor zal staan. Snuiven… of niet snuiven. Dat is de vraag. Maar Désirée neemt die beslissing voor haar door de koker meteen terug in Elvira’s hand te stoppen. Een zucht van opluchting wordt Bonnie meester. Dit doet ze nooit meer, daar is ze nu wel van overtuigd. Even daagt het haar dat de Bende haar misschien weer aan zo’n test wil onderwerpen, maar de situatie lijkt er te echt voor. Al was dat toen met Charlie en zijn grootvader eveneens het geval.

Over Charlie gesproken. Na de kasteelavond, zoals Bonnie haar eerste date met Charlie heeft gedoopt, heeft het even geduurd voor ze opnieuw wat van hem hoorde. Wat het wachten des te moeilijker maakte, was dat ze er met niemand durfde over te praten. Alleen bij Koen heeft ze een tipje van de sluier gelicht. Al was dat, gezien zijn oververhitte jaloerse reactie, niet het beste plan in jaren. Eergisteren kreeg Bonnie dan het langverwachte smsje. Of ze plannen had overmorgen – vandaag dus. Getekend, C. Even heeft ze geaarzeld om hem op zijn beurt twee weken op zijn honger te laten zitten. Ze heeft zich de laatste 14 dagen vaak afgevraagd wat ze verkeerd gedaan heeft en waarom de sfeer opeens gebroken was.
Dankzij haar ‘ijzersterke ruggengraat’ heeft ze welgeteld tien minuten kunnen wachten om hem van een antwoord te voorzien: “Ben vrij vanaf 18 uur. Bx”.
“Dinner and a movie. Ik pik je op om 18 uur aan den Bar. Eén ding: hoewel ik je ongelofelijk aantrekkelijk vind in die strakke jurkjes van jou, raad ik je deze keer aan een stevige broek en dichte schoenen te dragen. C”, volgde er sneller dan mogelijk was. En nu staat ze voor den Bar, om exact drie minuten voor zes. In een zwartlederen broek en dito knielaarzen. Haar lederen vestje – ook in het zwart natuurlijk – maakt het plaatje af. Terwijl ze een paar zenuwachtige blikken werpt op de binnenkant van den Bar, probeert Bonnie de spanning uit haar lichaam te blazen. Ze is volledig klaar voor een nieuw avontuur. Met Charlie. Exact drie minuten later stopt hij voor de deur, voor de gelegenheid voorzien van een stevige glanzend zwarte motor met een hoog rock ’n roll gehalte met obligatoir lederen jack en een bijhorende helm met geblindeerd vizier. Door het tumult die de machine teweegbrengt, slaat Bonnie haar hand een seconde uit schaamte voor haar ogen maar dan laat ze zich meevoeren door het moment. Het scherm van de helm gaat wat open terwijl de mysterieuze motorrijder haar een ander exemplaar aanreikt.

“Hi Bonnie, may I be your Clyde tonight?”
Enkel zijn brede glimlach, die vlinders in haar buik doet ontpoppen, is zichtbaar van achter het scherm. Maar die is genoeg om Bonnie te overtuigen. 
“Wiens motor is dit?” 
“Dit is een chopper, baby.” 
Bonnie lacht schalks bij wijze van herkenning. 
“Wiens chopper is dit? En zeg nu niet Zed.” 
“Zed’s dead, baby. Zed’s dead”, lacht hij. 
“Kom, we zijn weg!”

Snel doet ze de helm op die hij haar aanreikt en daar gaan ze. Zonder nadenken. Ondanks dat Bonnie van haar leven nog niet op een motor – laat staan een chopper – gezeten heeft. Gelukkig heeft ze tijd om te wennen aan de machine. Charlie moet goed beseffen dat hij geen halsbrekende toeren moet uithalen. Er zit tenslotte een meisje achterop z’n motor. Zonder beschermende kleding dan nog wel. Als Bonnie dit beseft, schrikt ze even en verstrakt ze haar grip op Charlie’s bovenlichaam.
“Is dit te wild voor je”, weergalmt er opeens door Bonnie’s helm. Door het schrikken, ontsnapt er Bonnie een zachte kreet, gevolgd door een lach van Charlie.
“Ik heb m’n oren nog nodig, meid.”
“Sorry.”
“Ik had je moeten waarschuwen. Maar ik kon het echt niet laten. Toen je me harder vastgreep, werd het me te veel. Je bent een maagd hé?”
“Pardon”, weerklinkt er geschokt uit Bonnie’s lippen.
“Een motormaagd.”
Bonnie knikt waardoor hun helmen zacht tegen elkaar botsen. 
“Hé Siri”, galmt het door haar hoofd, “speel Like a Virgin van Madonna.”
Door de typische keyboardtune die volgt, kan Bonnie het niet laten hardop te lachen. 

Het startsignaal voor Charlie om een versnelling hoger te schakelen.
“Waarschuw me op tijd als je bang bent.”
“Ik? Bang?”
Meer hoeft Charlie niet te horen voor hij met zijn rechterhand een fameuze draai aan de gashendel geeft en daarmee Bonnie’s hartslag nog verder de hoogte in jaagt. 

I made it through the wilderness
Somehow I made it through
Didn’t know how lost I was
Until I found you

Madonna

De adrenaline die zich in Bonnie’s lichaam ophoopt uit zich in onverdraagbare kriebels in haar buik, waardoor ze het niet kan nalaten om haar armen steviger om Charlie’s lichaam te klemmen. 
Charlie doorbreekt de intercomstilte: “Even een stop hier om de hoek.”
Tot Bonnie’s grote verbazing staat er om de hoek een stokoude Italiaan met een plastic zak op de rand van de stoep te wachten. Charlie hoeft alleen maar aan te nemen en te knikken. Een kilometer verderop stopt Charlie zijn motor in the middle of nowhere.
“Stap maar af, Bonnie.”
Ze doet wat haar gevraagd wordt, springt van de motor en trekt de helm van haar hoofd. Blij om haar spieren opnieuw ten volle te kunnen ontspannen. Bang is ze niet geweest, maar het was wel retespannend!

Wanneer Charlie zich ontdoet van zijn helm, verschijnt er een wilde blonde haardos op zijn hoofd, heel wat anders dan de achterovergekamde coupe die Bonnie tot nog toe gezien heeft. Hij ziet er meteen een pak knapper uit. De matzwarte Rayban Wayfarer die hij op zijn neus zet, maakt het plaatje af. Uit de zak die hij gekregen heeft van de Italiaan om de hoek, haalt Charlie eerst een groot deken tevoorschijn dat hij met de hulp van Bonnie mooi over een stuk van de enorme grasvlakte aan deze verlaten weg legt. Hij ploft erop en trekt de zak naar zich toe. Een fles rode wijn en twee pizzadozen blijken de buit. Ietwat verbouwereerd neemt Bonnie plaats naast hem op het deken en richt zich tot de pizzadozen.
“Welke heb je mee?”
“Een quattro stagioni en een prosciutto.”
Bonnie’s mond valt open. Haar lievelingspizza’s. Vreemd dat hij dat weet, realiseert ze zich omdat ze zeker weet dat ze het hier bij hun voorbije ontmoetingen nog niet over hebben gehad.
“Je mag ook van allebei een stuk hoor, als je niet kan kiezen”, zegt Charlie achteloos terwijl hij de fles wijn ontkurkt en er een eerste slok van drinkt, recht uit de fles.
“Zo hoor je wijn te drinken”, lacht hij terwijl het rode goedje langs beide mondhoeken en met stoppels bezaaide wangen loopt.
“Zegt de oude man. Hoe oud ben je trouwens”, probeert Bonnie terloops te vragen terwijl ze een flink stuk uit de prosciutto hapt. Vanuit haar ooghoek vangt ze de glimlach van Charlie die de vraag uitlokt.
“Ik wist dat die vraag zou komen.”
Zijn hand gaat door zijn wilde haardos. 
“Maar niet zo snel”, vult hij aan.  
Met die woorden probeert hij rond de pot te draaien. Even overweegt Bonnie om hier meteen op te springen, maar wijselijk weerhoudt ze zich van deze actie en besluit ze nog niet te reageren. Maar ook Charlie maakt niet meteen aanstalten om over de brug te komen. Hij pulkt aan een onzichtbare lok haar die zijn gezichtsveld belemmert. Hij lijkt na te denken over zijn woorden. 

“Eigenlijk zeg ik nooit mijn leeftijd. Er zijn niet zo veel mensen met wie ik dat detail deel. Zie je, dat maakt het moeilijk voor mij om op die vraag te antwoorden. Normaal gezien heb ik er geen enkele moeite mee om te liegen. Het cijfer hangt af van m’n gemoedstoestand. Laatst heb ik mezelf zelfs als 25-jarige kunnen verkopen. Al betwijfel ik wel de verstandelijke capaciteiten van de dame in kwestie.”
Even houdt hij halt. Niet lang genoeg voor Bonnie om ook maar iets te zeggen.
“Maar met jou is het anders. Het lijkt alsof ik niet kan liegen tegen u. Niet meer althans. En dat heeft alles te maken met die grap van uw moeder.”
Het blijft opnieuw stil.
“Ik word veertig”, klinkt het opeens uit het niets. Van slag stralen zijn ogen iets kwetsbaars uit. De stoere motorvent is een fractie van een seconde gereduceerd tot een onzeker jongetje.
“Ik ben al blij dat je niet ouder bent dan m’n moeder”, probeert Bonnie de ongemakkelijke situatie te ontmijnen, wat blijkt te werken.
“Ben ik gentleman af als ik je vraag hoe oud je bent?”, klinkt het voorzichtig. 
Bonnie tracht niet te blozen en schudt haar hoofd. 
“Omdat je zeker niets strafbaars wil doen?” 
De grijns van Charlie verschijnt op zijn tronie. 
“Neen, niet daarom.”
Bonnie kijkt hem vragend aan. 
“Omdat ik er zeker van wil zijn dat ik je vader niet zou kunnen zijn.” 
Ze duwt hem plagend tegen zijn zij. 
“21 ben ik. Net geworden. Jij had dus al 18 jaren op je teller. Weet ik veel waar jij als 18-jarige mee bezig was? Maar het zou wel kunnen dus”, besluit Bonnie. 
“Ik ben een laatbloeier”, reageert Charlie. 
“Eenentwintig…”
Hij laat het cijfer traag over zijn lippen glijden. 

“Waar is de tijd? Het is vreemd hoor, dat ouder worden. Voor je ’t weet ben je zo iemand die zegt dat je maar zo oud bent dan dat je je voelt. Jonge mensen zeggen zo’n dingen niet. Tenzij tegen hun grootouders”, lacht Charlie terwijl hij een krul haar uit zijn oogveld haalt. De beweging maakt Bonnie wild. Wild van de haardos, zoveel is duidelijk. Alsof het precies getimed is, gaat de zon net onder wanneer de laatste happen pizza naar binnen worden gewerkt.
“Tijd om verder te gaan in mijn wereld, Bonnie”, klinkt het opeens bloedserieus.
De man bezorgt haar kippenvel, of hij nu twintig of veertig is. Zoveel is zeker. Ze hoeft enkel haar helm opnieuw op te zetten en zich mee te laten voeren.

Na een dik kwartier parkeert Charlie zijn motor in een ondergrondse parkeergarage. Hand in hand stappen Bonnie en Charlie de lift in. Wanneer de lift terug opengaat, komen ze terecht in wat een kleine oude bioscoop lijkt. Aan de balie knikt Charlie naar de bediende en geeft hem de twee helmen en zijn lederen jack aan. In jeans en T-shirt en met zijn wilde bos haar, ziet hij er inderdaad een twintiger uit valt Bonnie op. Al zal zijn outfit ongetwijfeld het shopbudget van een twintiger ver overschrijden. Hij neemt haar hand vast en leidt haar, met een omweg langs het eetkraam voor de nodige versnaperingen, een bioscoopzaal in. Een compleet lege zaal, valt Bonnie meteen op. Precies in het midden van de zaal, neemt Charlie plaats. Wanneer ook Bonnie zich neerzet, valt het licht uit. Nog geen vijf seconden later rolt de band op het scherm. Meteen weet Bonnie welke film het is. Pulp Fiction, haar inziens zonder enige twijfel de beste film van de beste regisseur aller tijden.
“Aan je repliek van daarnet te horen, ken je ‘m al. Wil je ‘m nog eens zien? Voor mij is dit de beste film aller tijden.”
Bonnie rolt met haar ogen. Dit kan hij toch niet menen? Na zijn ik-kan-niet-liegen-tegen-je betoog van daarnet, is het moeilijk aan te nemen dat hij haar nu al zou inpalmen met leugens. Maar ondanks haar jonge bestaan, heeft ze al veel gezien met de mannen.
“Het is mijn lievelingsfilm”, zegt ze zonder emotie.
Zijn mond valt open en ruilt zich voor een kamerbrede glimlach.
“Dat kan je niet menen?!”
Ze schudt haar hoofd. Hij meent het. Ze besluit zich neer te leggen bij de situatie en gewoon van de film te genieten.

“Mijn favoriete scène”, klinkt er na een hele tijd stilte wanneer Uma Thurman als Mia Wallace een five dollar shake bestelt en daaropvolgend Vincent Vega uitdaagt deel te nemen aan een danswedstrijd. Bonnie werpt Charlie een snelle knipoog voor ze haar onverdeelde aandacht opnieuw tot het scherm richt. Het is ook haar favoriete scène.

Charlie veert recht als de aftiteling op het scherm prijkt en klapt de ziel uit zijn lijf. Bonnie, duidelijk aangestoken door Charlie’s enthousiasme, volgt zijn voorbeeld en gooit er wat kreten uit. Hun levendigheid staat in schril contrast met de op het tweetal na volledig lege zaal.

Wanneer Bonnie na een anderhalf uur durende en in haar ogen een überromantische motorrit aan den Bar wordt afgezet, krijgt ze vanachter het helmvizier enkel de lippen van Charlie te zien die in kusje vormen net voor hij vertrekt. Hoofdschuddend blijft Bonnie achter.

“Dinner and a movie”, ontsnapt haar stil voor ze de goed gevulde bar binnenstapt. Een ontmoeting met iemand van de Bende is natuurlijk onvermijdelijk. En laat het opnieuw de mama zijn die de gelukkige is. Net voor Bonnie de gang naar boven wilt inslaan, houdt Anita haar tegen.
“Bonnie, morgen om 10 uur in mijnen bureau. We moeten praten over zaken. Snel uw bed in, voor dat ge ontploft van dat rood kleureke van u.”
Opgelucht over de aard van de interceptie, knikt Bonnie snel en vlucht ze naar boven haar studio in. Wanneer ze neerploft in haar zetel, laat haar iPhone van zich horen: “Je zag er onweerstaanbaar uit in die lederen outfit. Cx”
Haar glimlach spreekt boekdelen. Al kan hij die niet zien. En net dat speelt in haar voordeel. Ze besluit hem niets terug te sturen. 

Met een dampende kop koffie stapt Bonnie zonder kloppen het bureau van haar moeder binnen. Zij schrikt op van het beeldscherm van haar MacBook voor haar neus en maakt duidelijk dat haar dochter plaats moet nemen in één van de twee stoelen die voor het bureaumeubel staan.
“Goeiemorgen, Bonnie. Fijn gedroomd?”, klinkt het uitdagend.
Een brede glimlach verschijnt op Bonnie’s gezicht.
“Zalig”, kreunt Bonnie terwijl ze zich wat uitrekt.
“Wat is er nu zo belangrijk?”, polst ze al snel.
Anita’s wijsvinger schiet de hoogte in.
“Nog efkes wachten.”

Een stille minuut later hoort Bonnie de voordeur van het kantoor open en toe gaan. Al snel ziet ze Désirée doorheen de glazen muur van haar moeders bureau. In een paar tellen is ze binnen en heeft ze plaatsgenomen in de stoel naast Bonnie tegenover Anita.
“Merci da ge zo snel tijd hebt gemaakt, Anita. ‘k Wou dees zeggen tegen u met Bonnie erbij omdat ik ni wil da ze peist dak achter hare rug aan ‘t klappen ben.”
Tijdens de pauze die erop volgt, rommelt Désirée in haar grote handtas en haalt ze een pakje sigaretten en een aansteker te voorschijn. Voor ze zelf een sigaret neemt, biedt ze het pakje eerst aan Anita en Bonnie aan die beiden ingaan op het voorstel. Nadat Désirée twee keer diep geïnhaleerd heeft, steekt ze van wal.
“Het is één zaak om uw dochter een sigaret aan te bieden, Anita”, klinkt het met een trillende stem.
“Maar het is een ander om dezelfde nonchalance te behouden as ge da me coke moet doen.”
Anita lacht haar tanden bloot.
“Ons Bonnie is geen heilig boontje ze, Désirée. Zegt het maar hé, Bonnie, as ‘k geen gelijk heb.”
Haar blik houdt halt bij Bonnie, die een krop in haar keel krijgt. Ze weet van geen hout pijlen te maken.
Anita neemt opnieuw het woord: “Zeg nu nekeer eerlijk, Bonnie. Ik denk echt dat Désirée dat moet horen. Welke drugs hebt ge al geprobeerd?”

De vraag weergalmt door Bonnie’s hoofd als een echo die niet van ophouden weet. Ze voelt hoe haar wangen langzaam verkleuren.
“Hoe, wat, moet da nu echt?”, stamelt ze.
“Gij wou alles over den Bar leren… Dan willen wij ook alles over u weten”, besluit Anita.

Bonnie zucht diep voor ze een zo diplomatiek mogelijk antwoord tracht te formuleren. Maar veel verbloemen kan ze niet. Daar leent de situatie zich niet toe.
“Alleen wiet.”
Haar moeder bulderlacht.
“Gade mij nu echt wijsmaken da ge nog nooit van uw leven nen bol hebt gepakt of een lat hebt gesnoven? Ge zijt godverdomme 21 jaar!”
De overduidelijke ontgoocheling in Anita’s stem maakt de absurditeit van dit gesprek er alleen nog maar groter van.
“Nee, mama”, fluistert Bonnie bijna.
Even vraagt ze zich af waarom ze in godsnaam aan dit avontuur is begonnen. Ze moet toch geweten hebben dat ze zich bloot zou moeten geven?
“Bonnie”, klinkt het bloedserieus. “Ge zijt hier ni tegen uw moeder bezig, maar tegen den baas van da kot hier. Van de organisatie die erachter zit. Als kik u vraag wat voor dope da ge allemaal al in uw kas geslagen heb, dan zegde mij de waarheid. Niets meer, niets minder dan dat. Hebde da goe begrepen?”, snauwt Anita af.
Bonnie knikt en klapt uit de biecht.
“Ok, Anita. Ik smoor bijna elke dag wiet. Shit is niet zo mijn ding, maar uiteraard is dat geen onbekende voor mij. Ik was denk ik 13 toen ik de eerste keer van nen joint trok. Ene van Amy, trouwens”, knipoogt Bonnie naar Anita voor ze verder gaat.
“Mijnen eersten bol heb ik een jaar of drie later genomen, vermoed ik. Hier in den Bar. Terwijl gij te druk bezig waart met uwen business om dat door te hebben. Opnieuw met Amy trouwens. Maar bollen, das een bekke té. Af en toe doe ik da nekeer, pakt een paar keer in ‘t jaar. Coke heb ik pas later ontdekt. Ik denk dat dat lang te duur is geweest voor mij. Op de hogeschool hemmek da veel gedaan. Met Koen. Dus ja. Ik weet wel wat het is.”
Ze trekt haastig aan haar sigaret.
“Ma der is wel een groot verschil met een brokske van ne gram in een minuscuul zakske dan de zak die ik gisteren voor m’n neus geschoven kreeg”, voegt ze er wat twijfelend aan toe.
“Voilà!”, repliceert Désirée met verheven stem. “Het is just daarvoor da kik ulle heb bijeen geroepen. Ge kunt toch ni bij ne klant langsgaan me ne zakenpartner die van toeten noch blazen weet waarover het gaat?”

Categorieën
Uncategorized

Hoofdstuk 2

“Dat is ‘t dan wat den business in ‘t wit betreft”, besluit Anita het eerste deel van de vergadering met de nadruk op het voorlaatste woord.
Dat is blijkbaar het signaal voor Paulien en Heleen om hun boeltje te pakken en recht te staan. Paulien die er zoals gewoonlijk piekfijn uitziet in haar maatpakje legt, voor ze Heleen volgt naar hun werkplek, haar hand nog even op Bonnie’s schouder.
“’k Zen echt content da ge d’r eindelijk bij zijt, Bonnieke.”
Bonnie knikt dankbaar, maar richt haar aandacht meteen terug op haar moeder. Wanneer de deur achter Paulien in het slot valt, gaat Anita verder.
“Bonnie, zo zien onze vergaderingen d’r altijd uit. Eerst gaan we samen met Heleen en Paulien over de legale zaken, zoals vastgoed, logistiek en een deel van de boekhouding, het witte”, benadrukt ze.
“Als zij de vergadering verlaten hebben gaan Amy, Carla, Desirée en ik nog efkes verder over de andere kant van de zaak.”
Even bedenkt Bonnie dat het misschien opnieuw om een soort inwijdingsgrap gaat, maar de afgestreken blikken van het viertal aan de tafel laten geen plaats voor twijfel. Dit is bittere ernst.
Haar moeder gaat verder: “In tegenstelling tot de rest van deze Bende krijgde gij van mij de keuze om te blijven zitten of naar buiten te gaan. Ma beseft wel…”
Even valt er een onaangename stilte.
“Dat uw keuze definitief is.”

Hoewel Bonnie wel had verwacht dat deze vraag er zat aan te komen en ze al uitvoerig de tijd heeft genomen hierover na te denken, gaat haar hart als een bronstig przewalskipaard tekeer. Ze wikt nog even haar woorden voor ze haar tafelgenoten van een antwoord dient.
“Mama, Carla, Desirée, Amy…”
Eén voor één kijkt ze hen aan.
“Al gans m’n leven kriebelt het om deel uit te maken van de Bende. En laat ons nu nekeer eerlijk zijn. Ik zie al gans mijn leven ‘t één en ‘t ander gebeuren hier in den Bar. Dus echt ‘wit’ zal ik nooit meer zijn. Maar nu da ‘k mee aan tafel zit, wil ik méé zijn. Ik wil alles weten. Ofwel gade d’er vollédig voor, anders beter helemaal niet.”
Vier brede glimlachen beantwoorden Bonnie’s woorden. Maar lang wordt er niet bij stilgestaan, want al snel neemt Anita opnieuw het woord.
“Dan volgde vanaf nu de vergaderingen. Allemaal. We gaan nu ni de gansen tijd alles tot in de puntjes uitleggen. Ge volgt gewoon en langzamerhand dan leerdet wel. Als ge vragen hebt, stelde die maar as ‘t gedaan is.”
Bonnie knikt onderdanig.
“Ok, mama.”
Anita schudt haar hoofd.
“Nog één ding. Hier is ‘t Anita.”
Bonnie knikt zwijgzaam.

“Ik heb een nieuwe aanvraag”, steekt Desirée van wal.
Anita en Amy kijken haar aandachtig aan. Wanneer het Anita duidelijk wat te lang duurt vooraleer Desirée verder gaat, begint ze haar non verbaal aan te sporen verder te gaan.
“Ik werd gecontacteerd door Isabelle, een dame van 42. Ze weet dat haar man haar bedriegt, maar van hem verlaten wil ze niets weten. Integendeel, ze wil met hem blijven verder leven en doen alsof haar neus bloedt. Ondertussen wil ze wel dat wij hem een stevige som afhandig maken door hem af te persen. Dat dan naar haar kan doorgeschoven worden. Nadat wij er een procentje op gekregen hebben natuurlijk. Hoe we het doen, maakt haar niet uit.”
Anita wrijft bedenkend met haar duim over haar kin.
“Hoe zeker zijn we van de zaak dat de man écht vreemd gaat?”, klinkt het.
Desirée haalt haar schouders op.
“Zeker zijde nooit natuurlijk. Ma als een vrouw voor mij komt zitten en nog geen 30 seconden later een minuscuul rood slipje op mijn bureau werpt met de woorden ‘Da komt uit zijn auto, ma das ni van mij.’, kunder wel vanuit gaan dat er een haar in de boter zit.”
Aan het hoofd van de tafel knikt de baas van de bende goedkeurend.
“Weten we wie zijn minnares is?”
“Nu komt het pittige van de zaak”, leidt Désirée met pretoogjes in. “Het is op een heel vreemde manier dat Isabelle te weten is gekomen wie haar man boven haar verkiest. Tijdens een etentje met haar schoonzus – zijn zus dus – en haar verloofde, ging het tijdens het afwassen onder beide vrouwen plots over lingerie. Isabelle’s schoonzus had het erover dat haar verloofde voor Valentijn een knalrood lingeriesetje had gekocht van la Fille d’O. Snel trok ze even haar reeds diepe décolleté nog wat dichter naar haar navel waardoor Isabelle een meer dan grondige blik kreeg op de borsten van haar schoonzus die omhuld waren door een prachtige doorschijnende bh. ‘En ‘t slipje is ook doorschijnend’, had haar schoonzus nog gefluisterd. Een week later vindt Isabelle dat knalrood stringske in de auto van hare vent.”
Na een diepe zucht, snuift Anita en schudt ze afkeurend haar hoofd.
“Dus die hare vent… Die poept zijn eigen zus?”
Désirée haalt lachend haar schouders op.
“En wat moeten we dan precies doen?”, klinkt het opeens uit Amy’s mond, die zich tot nog toe stil gehouden heeft.
“Hem ermee confronteren en geld aftroggelen. Als hij ons niet betaalt, zeggen we aan zijn vrouw dat hij haar bedriegt?”, vraagt Anita terwijl ze Desirée niet uit het oog verliest.
“Dat is niet genoeg. Isabelle wil dat we haar vent compromitterende foto’s van hem en zijn zus voorschotelen en nadien moeten dreigen ermee naar de pers te stappen. Want die vent is dus blijkbaar nen hoge pief in de gerechtelijke wereld. Of ‘m nu een advocaat is, ne rechter of een of andere politiecommissaris: dat weet ik niet precies. Ma nen hoge pief dat is ‘t zeker. André Derie, als ik me niet vergis. Kent er iemand hem?”, pauzeert ze even.
“Hij heeft alleszins alles te verliezen als het uitkomt dat hij op de hoogste schaal incest pleegt.”
Amy lacht haar tanden bloot.
“Ik wil me wel op deze zaak storten, Anita.”
De madre familia knikt aangenaam verrast.
“Tof dat gij u meteen kandidaat stelt, Amy. Gij moogt dat zeker in handen nemen, ma ge neemt Bonnie mee”, besluit ze.

Gedurende de komende dertig minuten ontploft Bonnie’s hoofd bijna terwijl ze een karrenvracht aan informatie over zich heen krijgt. Wanneer na afloop van de vergadering alleen moeder en dochter nog overblijven in de ruimte, haalt Anita een dik schrift te voorschijn en schuift het haar dochters richting uit.
“Als ge alles wilt weten, begin tees dan ma te lezen.”
Aarzelend draait Bonnie de cover om. Het handschrift van haar moeder zou ze uit de duizend herkennen.
“Dat is mijn dagboek. Alles staat erin. Lees het en léér.”
Bonnie knikt en slaat de cover opnieuw toe.
“Ok mama… Anita, bedoel ik.”
Sussend legt Anita haar hand op de schouder van haar dochter.
“’t Is ok, Bonnieke.”
Met een kus op haar voorhoofd stuurt ze Bonnie haar bureau uit.

Ze geven handkusjes en delen eten. Er is duidelijk verliefdheid in het spel. Een man deelt alleen eten met een vrouw die zijn hart gestolen heeft. Van twee tafeltjes verder kan Bonnie perfect elke mogelijke beweging tussen het tweetal observeren. Aangezien de open keuken zich achter de tortelduifjes bevindt, lijkt het immers gewoon alsof Bonnie erg benieuwd is naar wat er op haar bord terecht zal komen. Het komt er dus op neer dat ze het duo gewoon flagrant kan aanstaren terwijl ze elkaar aan het opvrijen zijn. En hoe! De vent is ondertussen aan het likken gegaan. Eén voor één krijgen de vingers van de dame een grondige wasbeurt. Gedegouteerd weert Bonnie haar blik af.
“Hier kunnen we geen foto’s nemen”, stelt Amy zakelijk.
Bonnie lacht haar tanden bloot.
“Ik wel”, klinkt het vastberaden.
Met een knipoog opent Bonnie haar handtas naast zich en plukt er haar gsm uit. Dan is het wachten op het goede moment. Wanneer ze haar ‘speels duo’ op de warmtetoog van de open keuken ziet verschijnen, werpt ze nog snel een blik op broer en zus. Alsof ze het zo georchestreerd heeft, buigt de vrouw met haar bovenlichaam ver over het minuscule tafeltje waardoor haar stevige boezem net niet in de restanten van een of andere tomatensaus terecht komt. De vent beantwoordt het gebaar door een lok haar achter haar oren te steken.
“Amy, ze zijn daar met ons eten”, zegt Bonnie luid.
Amy slaat met lichte gêne haar ogen neer en schudt haar hoofd. Wanneer Bonnie zonder schroom begint te filmen in de richting van de keuken, schrikt André en zijn gezelschap op. De man schudt even met zijn hoofd, maar gaat dan al snel verder waarmee hij bezig was. En laat dat nu exact zijn wat Bonnie had verwacht. Subtiel kantelt ze haar smartphone wat zodat ze het koppel kan filmen terwijl ze hand in hand elkaar vol op de mond zoenen. Wanneer hun tongen duidelijk in de strijd worden gegooid, werpt Bonnie een knipoog naar Amy en fluistert: “Mission Accomplished.”

15 juni 1997

Twijfelen is geen optie. Dat is het eigenlijk nooit. Het leven grijpt je gretig bij de ballen (ook al heb je er slechts een fameus paar figuurlijke) en je moet maar zien dat ze niet tot moes genepen worden.

Beslissingen zijn er om genomen te worden. Keuzes om gemaakt te worden. Zo kies je ervoor om een man te vinden of om alleen te blijven. Of je maakt de keuze om een leventje te leiden als volgzame secretaresse of als ondernemende zelfstandige.

Sommige keuzes en beslissingen lijken echter al voor je gemaakt. Soms lijkt het alsof je helemaal niets in de pap te brokken hebt en je de stroom moet volgen. Zwemmen of verzuipen.

Zo voelt het wat voor mij. Sinds de Bende gestalte heeft gekregen. Zwemmen of verzuipen. Maar ik ben niet van plan te stikken in mijn eigen succes. Mits een goede entourage kan alles gebeuren. The sky is the limit. Ik kies voor die limiet.

“Vaag, dat is ze wel”, is het eerste waar Bonnie aan kan denken na het lezen van de eerste bijdrage in haar moeders dagboek. Dromend laat ze haar duim over de hoeken van de bladzijden van het schrift gaan. Eerlijk gezegd is het niet het uitgelezen moment om in haar verleden te graven, beseft Bonnie. De kater die een onverwacht stevige avond in den Bar gisteren heeft veroorzaakt, werd even gestild met een Dafalgan maar steekt nu terug de kop op. In plaats van de rest van de avond in comateuze toestand zappend in de zetel door te brengen, staat er nog bezoek op het programma. Koen, één van Bonnie’s schoolkameraden, komt langs om bij te praten. Aangezien Bonnie een dikke maand geleden de schooldeuren definitief achter zich heeft dichtgeslagen, is elkaars aanwezigheid van een dagelijkse basis naar helemaal geen basis geslonken.

De deurbel weerklinkt door Bonnie’s studio. Voor ze de gang in loopt, controleert Bonnie haar reflectie in de lange spiegel naast haar deur. Ondanks haar kater ziet ze er nog schappelijk uit. Haar lange witte haren zitten in een nonchalante dot bovenop haar hoofd en haar zwarte jumpsuit benadrukt haar troeven – haar kont én stevige c-cup. Hij is dan ook voorzien van een decolleté om u tegen te zeggen. Haar lievelingsbh, een knalrode push-up, bezorgt haar borsten dat tikkeltje ondersteuning waardoor ze statig recht komen te staan. Met beide handen streelt ze synchroon over haar sleutelbeenderen die doordat het bovenstuk zo uitgesneden is, extra tot hun recht komen.

Ze ademt drie keer diep in en uit voor ze een sprintje trekt naar de voordeur. Enkele verdiepingen trappenlopen later, springt Koen als een duiveltje uit een doosje binnen en vliegt hij Bonnie in de armen. Voor zover dat mogelijk is met slechts één arm. Een jaar of zestien was hij, toen hij met zijn scooter betrokken raakte bij een zwaar ongeval en daarbij zijn linkerarm verloor.Vroeger droeg Koen een prothese, maar niet lang nadat ze elkaar leerden kennen, gaf hij daar de brui aan. Hij ruikt naar sigaretten en alcohol in combinatie met zijn bekende parfum. Koen heeft duidelijk zijn best gedaan om goed voor de dag te komen. Hij draagt een blazer boven zijn strak t-shirt en een al even strakke jeans. Zijn flashy groene sneakers geven zijn outfit een casual toets. Die wordt benadrukt door zijn zware baard die duidelijk al een maand geen scheermachine heeft moeten trotseren en even lang staat als het haar op zijn hoofd.
“Bonnie, meid! Dat is veel te lang geleden!”
Nadat hij haar even van de grond heeft getild, vindt Bonnie opnieuw vaste grond en zoekt ze haar weg naar de koelkast.
“Wat wil je? Champagne, wijntje, bacardi-cola, …”

Bonnie schrikt even op wanneer ze Koens aanwezigheid achter zich gewaar wordt. Zijn rechterhand vindt haar zij. Terwijl hij met zijn hoofd steun vindt op haar schouder, ademt hij diep in door zijn neus.
“Jou…”
Zuchtend maakt Bonnie zich los van zijn greep.
“Kalm aan, Koen …”
Zoals ze van hem gewoon is, begrijpt hij haar hint en neemt hij wat afstand.
“Geef mij maar champagne.”
Het woord ontvlamt bij Bonnie een sterke oprisping ter hoogte van haar maagstreek, maar toch neemt ze een gekoelde fles uit haar koelkast. Er staat altijd een koude fles klaar, je weet maar nooit wanneer je wat te vieren hebt. Terwijl zij aan haar kookeiland de glazen ingiet, neemt Koen plaats in de grote hoekzetel en schuift hij het salontafeltje naar zich toe. Uit de binnenzak van zijn blazer haalt hij een pak Marlboro, lange blaadjes en een zakje wiet te voorschijn.
“Vertel eens, Bonnie. Hoe zijn de eerste dagen al geweest?”
De jongedame haalt nonchalant haar schouders op in een poging haar cool te bewaren. Maar al snel maakt een brede grijns zich meester van haar gezicht.
“Spannend!”

Terwijl het duo aan hun glas champagne sipt en de joint deelt, balanceert Bonnie op een dun koord. Want wat kan ze delen en wat kan ze beter voor zichzelf houden? Alleszins trakteert ze hem op de anekdote over de inwijdingsact, maar wijselijk houdt ze haar intieme ontmoeting met de mysterieuze Charlie voor zichzelf. Haar woordenstroom stopt wanneer haar iPhone van zich laat horen. Snel springt Bonnie recht en huppelt ze naar het aanrecht. Een bericht van een nummer dat ze niet meteen kan thuisbrengen.
“Het wildseizoen is geopend”, leest Bonnie snel.
Kan niemand anders dan Charlie zijn. Alsof hij telepathische krachten heeft, bedenkt Bonnie zich. De blos op haar wangen ontgaat Koen echter niet.
“Dat is sowieso van een vent. Zeg me dat ik het mis heb?”
Jaloezie sijpelt ongegeneerd door Koens stem heen. Bonnie weet precies hoe hierop in te spelen.
“Boenk erop, Koen. Hoe raad je het?”
Dat werkt als een lap op een stier. Meteen wordt ze overladen met vragen over wie, wanneer en hoe. Maar net zoals de eigenlijke man in kwestie tracht Bonnie vaag te blijven. Ondertussen heeft ze een gepast antwoord klaar voor  Charlie: “Let the odds be forever in your favour.”

Vreemd dat hij haar telefoonnummer heeft, beseft Bonnie zich nog net voor ze de sms verzendt en haar aandacht opnieuw op Koen richt, die ondertussen wat ongeduldig rond haar heen staat te dartelen. Dat is net de reden waarom ze happy single is: omdat het lijkt alsof alle venten zo veel onderhoud nodig hebben. Eén keer je ze wat te veel aandacht geeft, lijken ze verknocht aan je. Net als de vent recht voor haar, krijgt ook de vent aan de andere kant van de telefoon blijkbaar niet genoeg van haar, want al snel fluit een nieuw bericht haar toe.
“Laat me je meevoeren naar mijn wereld.”
Hoewel Bonnie haar best doet om niet te branden van nieuwsgierigheid, kan ze het niet laten hem terug te sms’en.
“Benieuwd naar die wereld van je.”

Koen doet zijn uiterste best Bonnie uit de macht van haar gsm en de mysterieuze smsjesman te halen, maar haar blik blijft vastgepind op het toestel. En met succes. Een nieuw antwoord wacht op haar.
“Morgen sta ik voor de deur van den Bar om 19.00 uur.”
Zonder na te denken, tipt Bonnie “Ik zal zien wat ik kan doen” en legt ze het mobieltje weg op het aanrecht.
“Gedaan!”

Ze vliegt Koen om de hals en kust hem op de grijze zone tussen zijn mond en wang. Een actie die ze al snel in twijfel trekt. Als ze één ding geleerd heeft van Koen is dat je hem geen hand moet geven als je je arm nog wil houden. Meteen nadat ze hem op haar eerste dag op de universiteit achterin de aula letterlijk tegen het lijf was gelopen, is hij haar het hof beginnen maken. En daarmee is hij nooit gestopt. Hoewel Koen er tot op heden nog niet in geslaagd is Bonnie voor zich te winnen, is er tussen het duo wel een hechte vriendschap ontstaan. Drie jaar lang deelden ze samen immers ettelijke uren achter de schoolbanken. Sinds die dagelijkse ontmoetingen niet meer plaatsvinden, is Bonnie een vreemde sensatie gewaar geworden. Een sensatie die door de aanwezigheid van Koen vandaag alleen maar bevestigd wordt. En dat is dat ze meer lijkt te voelen voor hem dan ze tot voor kort voor mogelijk had gehouden. Maar bij de snelle gedachte aan de spanning tussen haar en Charlie, wordt Bonnie opnieuw van haar sokken geblazen. Als een pingpongballetje wordt ze heen en weer geslagen. Al speelt Koen vanavond wel de thuismatch.

Gelukkig is de dag snel voorbij gevlogen. Opnieuw werd Bonnie overladen met informatie over het reilen en zeilen in de organisatie van haar moeder. Maar vaak betrapte ze zichzelf erop dat ze aan het wegdromen was over haar mysterieuze date van later die dag. Wanneer Bonnie voor de derde keer door haar dakraam tuurt, ziet ze net een matzwarte oldtimer voor de deur halt houden. Eén blik op haar horloge bevestigt haar vermoeden dat ze moet maken dat ze beneden is. Ze werpt nog een snelle goedkeurende blik in de spiegel voor ze de deur van haar studio achter zich dichtslaat, en op haar hoge knielaarzen de drie verdiepingen af trippelt. Net voor ze denkt dat ze zonder gezien te worden het pand kan verlaten, botst ze in de gang letterlijk op Desirée.
“Hola, meisje! Zo’n haast kan nergens goed voor zijn!”
Bonnie probeert al lachend de vrouw te passeren, maar slaagt er niet in.
“Zo sjiek! Ge hebt nen date, ni?”, klinkt het wat treiterend.
Dat kan Bonnie in deze outfit natuurlijk niet ontkennen. En of ze haar best heeft gedaan. Haar haar zit opgestoken in een hoge kuif en beehive à la Amy Winehouse. Haar ogen schreeuwen smokey eyes en haar lippen zijn felrood gestift. De zwarte jurk die ze draagt, laat inderdaad weinig aan de verbeelding over.
Een bevestigende knik blijkt het codewoord, want Desirée laat Bonnie zonder een lawine aan vragen haar weg verder zetten.

Een flauw avondzonnetje kan de net iets te frisse wind die er staat, niet overheersen waardoor Bonnie meteen opgezadeld zit met kippenvel. Met een snelle pas en haar armen kruislings over zich heen geslagen, stapt ze naar de zwarte Porsche. Als ze de wagen nadert, gaat de deur aan de passagierszijde open. Bonnie ademt nog een paar keer diep in en uit voor ze erin stapt en getrakteerd wordt op de nu al befaamde tandpastasmile. Net zoals de eerste keer dat ze hem heeft ontmoet, ziet Charlie er piekfijn uit. Hij draagt opnieuw een maatpak, maar ditmaal een kobaltblauw exemplaar met daaronder een strak wit hemd dat ietwat openstaat waardoor een toefje van zijn borsthaar en een stuk van een tatoeage in zijn hals te zien is. Zijn kapsel is opnieuw strak naar achteren gekamd.
“Hi Bonnie, may I be your Clyde tonight?”

De oneliner, hoe slijmerig hij ook mag klinken, heeft effect. Hoewel ze er met man en macht tegen vecht, moet Bonnie blozen. Ze probeert de aandacht hiervan af te wenden door met een nerveus knikje te antwoorden. Het startsignaal voor zijn bolide om uit de startblokken te schieten en de tweehonderd veertig jaar oude paarden van de Porsche 911 Targa uit te laten. Terwijl Charlie even één lijkt te worden met zijn wagen, krijgt Bonnie de tijd om na te denken. Ze beseft nu pas hoe precair de situatie is waarin ze verzeild is geraakt. Uiteindelijk weet ze helemaal niets over de vent die naast haar zit. Buiten het feit dat hij een vriend van de familie is. Maar die familie weet allesbehalve van hun kleine uitstapje. En ze heeft nu al haar leven in zijn handen gelegd… Aan deze snelheid lijken de andere – gelukkig niet talrijke – wagens op de autosnelweg speelgoedautootjes die in een film van flitsen voorbij razen. Al zijn zij het die aan het razen zijn. Na een tijdje doorbreekt Charlie de stilte.
“Je geniet ervan.”
Zijn blik, die tot nog toe steeds geconcentreerd was op de weg, wijkt nu naar rechts af. Zijn blauwe ogen glinsteren in de zachte gloed van de straatverlichting. Bonnie knikt en neemt zijn kin zacht beet en draait ‘m een kwartslag.
“Ik hou inderdaad van snelheid. Maar toch liever niet in zo’n rammelbak”, knipoogt ze.
“Excuseer, rammelbak?”, klinkt het verontwaardigd. 
“Komaan, Charlie, deze auto is zo oud als de straat!” 
Hij lacht: “Hij is exact even oud als ik.” 
“Oud dus”, besluit ze. 
“En snelheid is één ding, maar dan moet je er wel je aandacht bij houden”, voegt ze er nog aan toe.
“Ahzo”, antwoordt Charlie droogjes.

Nog geen tien tellen later neemt Charlie de volgende afrit. Aan de eerste de beste parkeerplaats houdt hij halt. Wanneer het geluid van de ronkende motor wegebt, draait Charlie zich opnieuw Bonnie’s richting uit.
“Dan rij ik liever niet.”
De ogen van Bonnie rollen alle kanten uit.
“Juffrouw, je rolt écht te veel met je ogen.”
Bonnie’s met een knoert van een ring getooide wijsvinger vliegt de hoogte in.
“Ik rol alleen met mijn ogen bij foute clichés.”
Zijn brede glimlach wordt gevolgd door een stil ‘touché’ waarna de motor van de oldtimer opnieuw tot leven komt.
“Dan zal ik maar verder rijden”, klinkt het enigszins ontgoocheld.
“Waar neem je me naartoe?”
“Dat heb ik je gisteren toch al verteld?”
“Naar jouw wereld?”
Hij gunt haar enkel een kort knikje terwijl Bonnie’s gedachten afdwalen naar het nummer dat door de auto galmt.

Clyde a une petite amie
Elle est belle et son prénom
C’est Bonnie
A eux deux ils forment
Le gang Barrow
Leurs noms
Bonnie Parker et Clyde Barrow

Serge Gainsbourg – Brigitte Bardot

Even later rijdt Charlie de wagen de oprijlaan op van een imposant kasteel. Ongelovig schudt Bonnie haar hoofd.
“Je bent met mijn voeten aan het spelen.”
De wenkbrauw van Charlie gaat de hoogte in.
“Het jachtseizoen is toch voor open verklaard? Kom op, stap uit.”

Bonnie gehoorzaamt zijn wens en volgt hem naar de imposante voordeur van het sprookjesachtige gebouw. Als blijkt dat de sleutel in het slot past, steekt Charlie zijn wijsvinger de hoogte in.

“Er is maar één regel in dit werelddeel”, gooit hij eruit alsof hij op het punt staat een sprookje te beginnen vertellen. Bonnie kijkt hem met een afwachtende blik aan.
“Dit is geen plaats voor nieuwe technologie.”
Een zucht en een al bijna obligate oogrol krijgt hij van Bonnie. Toch beseft ze dat ze veel te nieuwsgierig is naar de wereld van De Raedt en grabbelt ze in haar tas naar haar iPhone, die ze met één handeling en alle streken van de wereld uitdrukt. Het gebaar wordt beantwoord door Charlie die hetzelfde doet met de zijne alvorens de gigantische inkomhal binnen te treden.
“Please enter the old world.”
Bonnie gniffelt wanneer ze hem aarzelend het kasteel in volgt. Hij neemt haar hand beet en trekt haar dicht tegen hem aan.
“Ik ga niet bijten hoor. Kom, volg me!”
Zwijgzaam volgt Bonnie Charlie een kamer in die dag en nacht verschilt van de inkomhal. Uit een oude platenspeler in de hoek van de kamer weerklinkt al snel de warme stem van Frank Sinatra. Het gezellige haardvuur in een andere hoek en de lange kaarsen op de piekfijn gedekte tafel dienen als enige lichtbron, wat de kamer doet baden in een oranjerode warme gloed.

“Bevalt het je?”
Bonnie keert zich met een brede glimlach in een snelle beweging Charlie’s richting uit en knikt vol bewondering. Welke vrouw gaat hier niet van door de knieën? Charlie benadert haar voorzichtig, neemt haar hand vast en laat haar een pirouette draaien.
“Die jurk staat je prachtig, Bonnie.”
Bonnie knikt dankbaar terwijl Charlie galant voorover buigt en haar hand lost. Ze vindt steun bij de bombastische barokke zetel aan de haard en nestelt zich er gezellig in.
“Zeg me eens, Charlie”, klinkt het opnieuw zeker van haar stuk, “wat staat er op het menu?”
“Wild”, knipoogt hij.
“Maar eerst gaan we iets drinken, Bonnie”, klinkt het terwijl hij zich statig naar de bar in de hoek van de kamer begeeft.
“Laat me raden… Gin-tonic?”, polst hij.
Bonnie kijkt hem recht in de ogen aan, glimlacht even en antwoordt dan met een hese lage stem: “Geef mij maar een whiskey.”

Zichtbaar onder de indruk knikt Charlie tevreden.
“Whiskey comin’ up.”
Terwijl hij twee glazen vult, neemt Bonnie even de tijd om de ruimte in zich op te nemen. Haar oog valt op een prachtige vleugelpiano rechtsachter het salon.
“Speel je?”
Zijn ogen kijken haar star aan.
“Neen, die staat er gewoon omdat ik daarmee de vrouwen kan imponeren.”
Even lijkt Bonnie van haar lood geslagen en voor ze kan reageren, verschijnt er een ondeugende lach op Charlie’s gezicht.“Sorry, ik mag de wijsneus zo niet uithangen”, klinkt het verontschuldigend.“Ik speel inderdaad piano.”
“Van m’n vijfde”, volgt er wat later en veel stiller op, alsof hij er beschaamd over is.
“Nu ga je toch iets moeten spelen, dat besef je toch”, probeert Bonnie speels.
Maar Charlie geeft zich niet zo snel bloot en wuift haar voorstel weg.
“Ik speel niet zomaar voor iedereen piano”, gooit hij er pocherig uit.

“Dan ga ik spelen”, daagt Bonnie uit waarna ze zich op het krukje nestelt en voorzichtig de beschermkap van de toetsen haalt. Voor ze haar vingers de toetsen laat raken, ademt ze even diep. Dan duwt ze haar eerste perfecte akkoord uit haar vingers en vinden ze blind elk hun weg. Terwijl ze aan een modulatie begint, voelt ze opeens zijn adem in haar rechteroor. Zijn rechterhand nadert het hare en houdt halt op zo’n 5 centimeter. Zijn vingers imiteren perfect de bewegingen van de hare op de witte en zwarte toetsen. Bij een rustig stuk neemt Bonnie langzaam haar hand weg waarna dat van Charlie meteen zijn plaats in neemt.

Wanneer de resonantie van de laatste noot van het stuk is uitgestorven, weegt de stilte even door. Als Bonnie voelt hoe haar hart tekeer gaat, tracht ze door één keer diep in en uit te ademen, het weer op een normaal ritme te krijgen. Wat wonderwel lukt. Ze draait haar hoofd een kwartslag waardoor ze met haar neus bijna in de hals van Charlie terecht komt. Zijn adembenemende lichaamsgeur – een mix tussen een duur parfum en zijn special touch – laat haar hart opnieuw even in overdrive gaan.

Voor ze kan overwegen om een weg te zoeken naar zijn lippen, fluistert Charlie: “Ik denk dat het tijd is voor wild.”
Er vertrekt een rilling van Bonnie’s rug die verraadt hoe zijn warmte effect heeft op haar lichaam, wanneer de knapperd zich recht zet en de keuken in loopt.
Nog voor ze plaats kan nemen aan de romantisch gedekte tafel in de hoek naast het haardvuur, staat Charlie met een grijns al terug in de deuropening.
“Dinner is being served, my lady.”
Hij schrijdt naar voren en is net op tijd om Bonnie’s stoel naar achteren te schuiven en hem galant terug naar voren te schuiven wanneer ze plaats heeft genomen.

In de auto onderweg naar haar studio zijn Charlie’s ogen één met de donkere baan voor zich. Naar Bonnie’s zin rijdt hij iets te sportief. Ze kan het niet laten met de nagels van haar rechterhand de handgreep bijna tot moes te knijpen. De nacht heeft voor verkoeling gezorgd. Een wereld van verschil met de gezellige warmte die er in Charlie’s kasteel hing. Voor Bonnie er erg in heeft, staan ze stil voor Den Bar. Met een zedige kus op haar wang, neemt Charlie afscheid.
“Slaapwel, Bonnie.”
“Veilig thuis, Charlie”, klinkt het voor ze uitstapt en de deur van de wagen dichtslaat.

Weg is hij. Bonnie blijft wat ontgoocheld staan voor ze Den Bar binnentreedt. Net voor ze de trap richting haar studio neemt, komt haar moeder uit haar appartement.
“Hier is ze terug, ons Bonnie. Plezante avond gehad, maske?”
Hoewel Bonnie haar best doet koel te knikken, lijkt het of Anita ruikt dat ze bij een vent is geweest.
“Was het geen succes dan, uwen date?”, klinkt het licht spottend.
Verbouwereerd over de directheid van haar moeder, krijgt Bonnie er geen woord uit.
“Maske, ge moet niks zeggen, maar een vrouw combineert alleen zo’n kleed met zo ne schmink als ze ne vent rond hare vinger wilt draaien”, daagt Anita uit terwijl ze met haar hand zacht over de lijn van Bonnie’s stevige decolleté strijkt.
Bonnie slaat de hand snel weg.
“Mama, komaan zeg. Moet kik altijd gans mijn leven voor u in kaart brengen?”
Anita haalt haar schouders op.
“Neen, ik zen gewoon curieus me wa voor ne vent ge binnenkort weer zult afkomen”, zegt ze doelend op het aanzienlijke aantal mannen die haar dochter op haar jonge leven al heeft verslonden.

En dan weet ze zelfs niet alles, beseft Bonnie maar al te goed. Ze moet het toegeven: al sinds ze tijdens haar nakende puberteit ontdekte hoe de macht van vrouwelijk schoon op het andere geslacht kan werken, heeft ze het als een kunst beschouwd mannen rond haar vinger te draaien en hen langzaam in haar web te vangen. Maar nu lijkt het of ze de venten alleen maar gebruikt om die vreemde verslaving te voeden, wat helemaal niet het geval is. Integendeel, meer dan eens begon het tussen haar en haar ex-vriendjes als een spelletje waarin de bal steeds in haar kamp lag. Maar gaandeweg sloeg de jongen of man in kwestie erin toch die bal en daarmee ook haar hart te veroveren.

Maar deze keer zal het anders zijn, neemt Bonnie zich alleszins voor. De bal moet in haar kamp blijven nu ze zich gewaagd heeft aan Charlie. En laat het duidelijk zijn, die vent houdt nog meer dan haar van spelletjes. Als er één ding is wat voor Bonnie na vanavond duidelijk is, is dat hij de hele tijd een doordachte strategie heeft gevolgd en daarbij alles behalve in zijn kaarten heeft laten kijken.

Categorieën
Uncategorized

Hoofdstuk 1

Den Bar zonder bende. De combinatie van de akelige stilte en het gevoel van onbegrijpelijk gemis maken zich langzaam meester van haar lichaam. Het getik van haar hakken weergalmt doorheen Den Bar, waar het doorgaans op elk mogelijk uur van de dag zwart ziet van het volk. De houten parketvloer baadt in de aangename gele gloed van het brandende haardvuur in een uithoek van het café. Ook in het plafond en de ronde bar, die pal in het midden staat, keren dezelfde houten elementen terug. De lichtbollen die boven de volledige lengte van de bar hangen, zorgen ervoor dat hij het epicentrum is van de hele zaak. Ze neemt één barstoel weg uit de perfect afgemeten cirkelvormige rij aan zitplaatsen. Haar grote zwarte lederen handtas ploft op het kussen van de hoge kuipstoel uit hetzelfde materiaal. De grote grabbelparade gaat van start. 

Waar is die klote telefoon nu weer gebleven?

De inhoud van haar tas verschijnt een voor een op de betonnen toog. Een zonnebrildoosje met daarin haar gloednieuwe glanzend zwarte Ray Ban, haar knalrode lippenstift, een pak sigaretten, haar zippo, een oplader, … een string. Die komt niet op de toog, maar duwt ze wat dieper in haar tas waardoor ze ook haar telefoon te pakken krijgt. Ze zucht. 

Het was toch om 7 uur?

Die twijfel verdwijnt na een snelle blik op haar agenda. Nadat ze al haar spullen opnieuw in haar tas laten vallen heeft, zet ze koers richting de hal achterin de bar. Afgezien van de zachte lichtbron vanuit een kamer verderop in de gang, is het er volledig donker.

“Carla?”
Haar gewoonlijk lage stem slaat over en weerklinkt luider dan verwacht. Ze schraapt haar keel en probeert het nogmaals, zelfzekerder. Terwijl ze de deur van de verlichte kamer langzaam opent, trekt ze haar omhoogkruipende zwarte jurk terug naar beneden.
“Ah, hier zitte gij, Carla!”
Haar stem lijkt versterkt door een megafoon, zo stil was het nog geen minuut geleden in het piepkleine achterkamertje. Carla, een van de beste vriendinnen van haar moeder en tevens gérante van Den Bar, zit voorover gebogen over een grote stapel papieren aan een pietluttig bureautafeltje. Ze zit op een half verroeste bureaustoel waarvan de bekleding meteen te kennen geeft dat het onding ver voor het millennium ontwikkeld werd. De wanorde die in deze achterkamer heerst, staat in schril contrast met de onberispelijke staat van Den Bar zelf. Als Carla haar opmerkt, springt ze als een duivel uit een doosje recht en laat een koptelefoon van haar oren naar haar nek zakken. 

“Bonnie, ik had u helemaal niet gehoord!” 
Naast een knuffel wordt ze op een zware parfumwalm, genre Chanel n°5, getrakteerd.
“Sorry, meiske, ‘k had niet door hoe laat ‘t was. Maak het u gezellig’, roept ze luid terwijl ze Bonnie terug de bar in duwt. “Ik ben zo blij dat ge d‘r zijt, Bonnieke. Hebder zin in?”, zegt de geblondeerde dame die opgelucht blijkt door de welgekomen afleiding.
Ondanks het feit dat Bonnie net gezegend werd met de eervolle leeftijd van 21 jaar, er allerminst een babyface op na houdt en met haar één meter zeventig allesbehalve de gestalte heeft van een dwerg, kan de bende van haar moeder het niet nalaten om haar naam aan te vullen met het denigrerende platvloerse verkleinwoord “ke”. Alsof die op zichzelf nog niet vreselijk genoeg is. Tot nu toe heeft ze zich steeds van kunnen weerhouden om hiervoor een scène te schoppen, maar vandaag is niet zomaar een dag. Vanaf vandaag is Bonnie officieel een werknemer van de BB, de Bende van den Bar. Vandaar dat het vandaag dé dag is voor een statement.

“Carla, ge weet hoe blij da ‘k ben da ‘k deel kan uitmaken van den BB, mah…”
Even houdt Bonnie halt voor ze verder gaat, waardoor Carla’s nieuwsgierigheid naar wat er zal volgen met elke stille seconde meer wordt aangewakkerd. Wanneer Carla haar dikke rechterwenkbrauw de lucht in schiet, gaat Bonnie verder.
“Maar vanaf nu noemde gelle me Bonnie. Allemaal.”
Met een licht spottende grijns op haar gezicht haalt Carla haar schouders op.
“Ok, vanaf nu gene ‘ke’ meer. Zeg me liever wat da ge wilt drinken.”
“Bonnie”, breidt ze er na een tel of drie met veel nadruk aan vast.
“Da zout ge ondertussen toch al moeten weten, hé Carla.”

Drinken op je eerste werkdag: geen slim plan, zou je denken. Maar dat Bonnie vandaag haar toevlucht zoekt tot alcohol is zeker geen slecht idee. En dat weet ze maar al te goed. Haar job is dan ook geen doorsnee exemplaar. Het frisse geluid van de ijsblokjes die het gekoelde glas in springen, haalt de spanning wat uit haar hoofd. Ze verlegt haar aandacht opnieuw naar Carla, die met een professionele zwaai een fles Baileys van achter haar rug tevoorschijn tovert en wat van de inhoud ervan op het ijs giet. In een vloeiende beweging schuift ze het glas twee meter over de bar tot waar Bonnie heeft plaatsgenomen. Deze beantwoordt het gebaar door haar glas te nemen en het in Carla’s richting te heffen alvorens een eerste goedkeurende slok te nemen. Zelf schenkt Carla zich een vijftien jaar oude Single Malt in voor ze recht voor Bonnie komt staan en met uitgestrekte arm haar glas tegen dat van Bonnie tikt.
“Op een goei verstandhouding, Bonnie.”
“Daar klink ik nu nekeer graag op”, knikt ze goedkeurend.
Plots gaat de wijsvinger van Carla de lucht in.
“Het even wat gezelliger maken.”
Dezelfde wijsvinger richt zich al snel tot een achter de bar verborgen controlepaneel. Een paar rake tikken later klinkt er ‘Feeling Good’’ van Nina Simone door de luidsprekers en wordt de bar getransformeerd tot het gezellige oord dat iedereen gewoon is. Voor Bonnie is deze bar een tweede thuis. Dat kan ook niet anders aangezien Bonnie’s moeder de eigenares is van het pand en al heel haar leven erboven woont. 

It’s a new dawn
It’s a new day
It’s a new life
For me
And I’m feeling good.

NINA SIMONE

Bonnie draait zich meteen om als ze de deur hoort opengaan. Amy stapt binnen met een grote bos warrige haren, veroorzaakt door de motorhelm die ze onder haar arm klemt. Ondanks dat Bonnie wel weet dat Amy al vijf jaar bij BB werkt, blijft het voor haar moeilijk om haar te vereenzelvigen met de verhalen die ze over haar heeft opgevangen. Maar ze weet goed genoeg wat een semi-professionele master in de martial arts voor de Bende van den Bar kan betekenen. Volledig in het leer gehuld ziet deze één meter tachtig tellende vrouw er op zijn minst imposant uit. Ze duwt zich met gestrekte armen af op de bar en helt voorover waardoor haar voeten van de grond gaan en ze haar benen parallel met haar romp omhoog hijst. Carla krijgt een kus op haar wang. 
“Dag mama.” 
“Dag schat.” 
Met een sprongetje komt Amy naast Bonnie terecht. 
“Bonnie! Da’s lang gelejen, seg! Gij ziet er goed uit,”, klinkt het.
En of ze er goed uitziet. Ze heeft er een bijna anderhalf uur over gedaan om zich aan te kleden en op te maken. Maar het resultaat mag er wezen. Ze draagt een zwarte strakke jurk, een zwartlederen Perfecto en enkellaarsjes afgewerkt met studs. Haar knalrood gestifte lippen zijn de enige uitzondering op haar monochrome look.
“Ik wist ni… da gij deze vergadering ging bijwonen?”, klinkt het vragend bij Amy.

Terwijl de twee elkaar knuffelen, werpt Amy Carla een vragende blik toe, die deze duidelijk bewust en als een professional straal negeert. Wanneer ze haar stevige motorkledij heeft uitgetrokken, neemt ze plaats naast Bonnie. Carla buigt zich van achter de bar wat voorover richting het tweetal. Heel wat stiller dan ervoor, begint ze stap voor stap de vergadering van vanavond door te nemen.
“Da was nochtans afgesproken in de vorige vergadering, zenne Amy. Bon, genen tijd te verliezen. Een briefing, Bonnie. Houdt u koppeke der ma ewa bij”, zegt Carla licht spottend voor ze verder gaat.
“Victor en Charlie De Raedt zijn grootvader en kleinzoon. Sinds De Raedt Senior tachtig geworden is, staat Charlie, De Raedt Junior, aan den top. Ouder dan een jaar of veertig is ‘m zeker ni. Ge moe weten, we delen nen helen boel geschiedenis met hun, ja, ‘bende’,” klinkt het met een flinke neerbuigende klemtoon.
“Maar wat dat ge vooral moet weten is dat Victor van helemaal in ‘t begin nen trouwe klant is. Hij is trouwens nen oude copain van uw grootvader, Alain. Da maakt dat we al jaar en dag dezelfde overeenkomst hebben lopen. Maar nu Charlie de fakkel gaat overnemen, wilt hij den deal herbekijken.”
Het valt Bonnie op hoe Carla’s wenkbrauw met minachting de hoogte in schiet. Haast met gelijke intervallen knikken zij en Amy om beurten om aan te geven dat ze een en al oor zijn. Carla gaat verder.
“Belangrijk om weten is da zowel Senior als Junior De Raedt het ni meteen begrepen hebben op ‘vrouwen aan de macht’ en ze soms de neiging hebben denigrerend uit den hoek te komen. Ma ‘t is aan ons om daar dan niet op in te gaan. Want laat het duidelijk zijn”, even pauzeert Carla voor ze verder gaat. Ze kijkt eerst Amy, dan Bonnie met een moordende blik recht in de ogen aan.
“Er staat een zeer belangrijke zakenrelatie op het spel.”
De ogen en mond van Bonnie openen zich ietwat verder bij het aanhoren van deze informatie. Hoewel ze haar best doet om het te verbergen, kan ze zich niet van de gedachte ontdoen dat ze bij god niet weet waarin ze terecht is gekomen. Veel tijd om vragen te stellen is er niet aangezien het geluid van een opengaande deur in de bar de komst van grootvader en kleinzoon De Raedt verraadt. Carla springt op.
“Showtime…”, kan ze nog fluisteren voor ze op de twee mannen toestapt. De De Raedts zijn allebei gekleed in een identiek pikzwart maatpak onder hun zelfde brede grijns.

“Carla, schatteke! Da’s lang geleje seg!”
Victor, die voor een man van net tachtig nog erg viriel voor de dag komt, neemt Carla bij haar hand en geeft er, zoals het een echte heer betaamd, een kus op. Carla ontpopt zich meteen tot een onderdanige dame en neemt de handkus met dank aan.
“Den eeuwig attente Victor. Welkom in Den Bar.”
Ze richt zich meteen tot Charlie, die er erg op zijn gemak uit ziet. Hoewel zijn strakke pak het anders doet vermoeden, ademt hij een zekere nonchalance uit.
“Ook gij welkom, Charlie. Da’s ook weer nen helen tijd gelejen.”
Met hetzelfde galante trucje van zijn grootvader, palmt hij Carla in. Al heeft hij meer oog voor de wat jongere dames die zich momenteel nog achter Carla schuilhouden. Carla haalt haar schouders op.
“Curieus, Charlie? Da begrijp ‘k as ge achter een ouw taart as kik twee jonge veulens in ‘t vizier hebt. De dame links is Amy, mijn dochter, ze werkt al een jaar of vijf voor ons. De dame rechts, is de bevallige Bonnie, Anita’s dochter”, benadrukt Carla voor ze verder gaat. “Vandaag is ‘t haren allereersten dag.”
Bonnie’s ogen rollen in haar kassen als ze deze betuttelende woorden hoort, maar ze is al blij dat ze dat verdomde verkleinwoord niet gebruikt heeft. Carla’s woorden maken indruk op de man, want hij komt meteen Bonnie’s richting uit. Wanneer hij haar hand neemt en lieflijk kust, wordt ze in één flits meegezogen door zijn tedere aanraking. Ze kan zich niet herinneren dat ze ooit al zo’n kus gekregen heeft. Naast het erg galante gebaar, zitten de looks van De Raedt Junior er ongetwijfeld ook voor iets tussen. Het maatpak kan zijn strakke, maar gespierde V-vormige bovenlichaam amper verhullen. De combinatie van de lekkere stoppelbaard, een strak naar achteren gekamde stevige grijsblonde haardos en zijn tandpastasmile lijkt er een uit de boekjes. En dan zwijgen we nog over zijn adembenemende lichtblauwe ogen. En dat gevoel is na de volgende woorden duidelijk wederzijds.
“Aangenaam, Bonnie. Ik zal proberen professioneel te blijven, maar met zo’n bom van een vrouw aan tafel kan dat wel eens moeilijk worden”, verkondigt de man met een klok van een stem waar menig radiopresentator jaloers op zou zijn. Door de zware klemtonen die hij legt, lijkt het alsof hij elk woord voor hij het uitspreekt even door zijn mond laat walsen om het dan op de meest perfect mogelijke manier op zijn gesprekspartner af te vuren. En of ze effect hebben. Bonnie voelt meteen hoe ze ongewild een blos krijgt, maar snel probeert ze zich te herpakken en de bal af te ketsen.
“Dat hoop ik ten stelligste.”

Bonnie is van het platte taaltje dat ze daarnet sprak, overgeschakeld naar het Algemeen Nederlands waardoor haar stem wat hoger klinkt. De droge uitspraak doorprikt de magie die Charlie wilde creëren even snel als een te hard opgeblazen ballon. Ook Carla wordt de wat onaangename stilte gewaar en neemt daarom het voortouw om het gezelschap naar een tafel achterin de bar te leiden waar een champagne-emmer met voortreffelijke inhoud hen staat op te wachten. Terwijl de rasechte barvrouw de fles Veuve Cliquot met een zachte zucht, als die van een maagd na haar eerste orgasme, ontkurkt en de glazen één voor één vult, neemt iedereen plaats. Het is Charlie die van wal steekt.
“Dames, we zijn hier jammer genoeg niet samen gekomen om elkaar het hof te maken.”
Even pauzeert hij om een wellustige blik Bonnie’s richting in te sturen, maar gaat dan ongestoord verder.
“Aangezien bompa eind deze maand met verdiend pensioen gaat en mijn vader gepast heeft voor de functie, neem ik het roer van hem over. De laatste tijd loop ik met Victor mee om zijn connecties te leren kennen en zo nodig wat aanpassingen door te voeren in de zakelijke overeenkomsten.”
De nadruk in zijn introductie ligt overduidelijk op de laatste woorden. Opnieuw neemt de man een lange duidelijk doordachte pauze waarvan hij gebruikt maakt om een champagneglas aan zijn lippen te zetten en de helft ervan in een keer naar binnen te werken. Een goedkeurend knikje naar Carla volgt voor hij verder gaat.
“En laat ik nu net aan de deal met de BB graag het een en ander willen veranderen. Ik heb begrepen dat jullie al jaar en dag dezelfde overeenkomst op een vruchtvolle manier handhaven?”
Carla knikt, maar voor ze de kans krijgt hem van een repliek te dienen, neemt Charlie opnieuw het woord.
“Wel, ik begrijp dat, aangezien jullie al bij al maar vrouwen zijn, jullie ambities beperkt blijven, maar ík wil vooruit in het leven. Hoe lang maakt bompa al dezelfde bestelling, terwijl hij, mits een tikkeltje overtuigingskracht zeker het driedubbele zou kunnen verhandelen?”
Nu krijgt Carla wél de kans om aan het woord te komen. IJzig kalm lijkt ze, maar haar ogen lijken wel vuur te spuwen.
“Charlie, al vijftien jaar doen we zaken met uw grootvader. Nooit zijn er problemen geweest. Ma da gij zo praat over vrouwen, maakt da ‘k die ‘uitmuntende zakenrelatie’ stante pede wil opblazen. Tenzij da gij natuurlijk ter plekke uw excuses aanbiedt en mij kunt garanderen da ge ons, den BB, zult benaderen als een volwaardige zakenpartner en niet als ondermaats ‘vrouwvolk’.”
Bonnie schrikt van de felle reactie van Carla. Hoewel ze voor de vergadering nog blijk van acceptatie ten opzichte van de familie De Raedt had getoond, is daar nu niets meer van te merken. Ook Charlie lijkt even onder de indruk, maar niet voor lang.
“Dit is net de reden waarom ik terughoudend ben tegenover een professionele relatie met… een bende vrouwen. Jullie kunnen jullie emoties helemaal niet controleren!”

Amy, die al de hele tijd geen stom woord gezegd heeft, schiet nu uit haar startblokken. Ze springt recht en kijkt Carla vragend aan. Alsof ze bevestiging nodig heeft om erin te vliegen. Maar in plaats daarvan is het Bonnie die tot actie over gaat. Ze legt rustig haar hand op Amy’s schouder en maakt duidelijk dat ze zich terug moet trekken. Even kijkt ze Carla aan, die haar aanmoedigend toe knikt. Het startsignaal voor Bonnie om te spreken.
“Sta me toe Marilyn Monroe, toch een toonbeeld van vrouwelijkheid, te citeren. Women who seek to be equal with men lack ambition. En laat dat net de manier zijn waarop ik, en ik ben ervan overtuigd dat ik voor elk lid van de Bende van den Bar spreek, in het leven sta. We hoeven dus helemaal niet op dezelfde manier als mannen benaderd te worden. Integendeel! Maar laat het duidelijk zijn. De ambitie is er wel degelijk.”
Ondertussen staat Bonnie als enige recht en kijkt ze neer op de vier andere personen in haar gezelschap, die veel lager elk in een fauteuil hebben plaatsgenomen. Als antwoord krijgt Bonnie een brede grijns van zowel De Raedt Senior, die zich al de hele tijd verdacht stil heeft gehouden, en Junior. Het is Charlie die uit het niets in een lachbui uitbarst.
“Ik kan niet meer!”
Bonnie begrijpt zijn reactie en uitspatting niet, en kijkt verward om zich heen in de hoop enige duidelijkheid te kunnen scheppen rond deze onverwachte wending. Maar ook Carla en Amy kunnen een lach niet langer onderdrukken. Carla is de eerste die uit de gezamenlijke lachbui geraakt.
“Bonnieke, sorry Bonnie, we zijn een spelleke aan het spelen!”
Terwijl ze de woorden uitspreekt, springt de rest van de Bende van den Bar uit het niets tevoorschijn.
“Surprise!”
Bonnie, helemaal overweldigd door de onverwachte ontwikkelingen, springt recht en loopt haar moeder tegemoet.
“Gij teef!”, is het eerste wat eruit komt.
Anita, die duidelijk van de show genoten heeft, slaat haar arm om haar dochter heen.
“Graag gedaan, schattie. Now it’s time to party!”

Nog steeds wat onder de indruk zit Bonnie een uurtje later op een barkruk van haar derde glas champagne te sippen. Rondom haar zit de sfeer er al goed in. De bar is ondertussen open voor het publiek en overal waar ze kijkt ziet ze bekende en minder bekende gezichten. Ze schrikt op wanneer Charlie opeens naast haar plaats neemt op een hoge barstoel. Hij klinkt zijn glas whisky tegen haar coupe champagne.
“Op ambitie!”
Bonnie kan een glimlach niet onderdrukken en hoewel ze haar best doet om niet overweldigd te worden door zijn aanwezigheid, blijkt ze daar niet meteen in te slagen. Dat is nooit haar beste kant geweest, de venten van zich afslaan. Meer dan eens heeft dat nefaste gevolgen gehad, maar ze blijkt niet uit haar fouten te leren. Met haar mooiste blik staart ze hem recht in de ogen aan waarna hij meewarig zijn hoofd schudt. 
“Ik kan niet geloven dat Anita u al die tijd voor mij verborgen heeft gehouden”, zegt hij zonder ook maar een seconde zijn ogen van de hare af te wenden.
“Dat zal ongetwijfeld wel zijn redenen hebben, Charlie.”
Haar antwoord doet hem even wegkijken, maar al snel staren zijn hemelsblauwe kijkers opnieuw haar richting uit.
“Zo afstandelijk? Je denkt toch niet echt dat ik zo’n vent ben die ervoor strijdt om de vrouwen terug aan de haard te krijgen?”
Bonnie trekt een pruillip en haalt haar schouders op. Duidelijk tot grote ergernis van Charlie.
“Hoe kan ik je van het tegendeel overtuigen?”
Bonnie neemt de tijd om een antwoord te bedenken, maar Charlie is haar voor.
“Zeg me niet dat het schip al gezonken is. Alsjeblieft, Bonnie. Geef mij een kans. Ik zal je tonen hoe hard ik vrouwen respecteer.”
Ze rolt met haar ogen. Een gebaar dat Charlie naar zijn hart doet grijpen.
“Uw ogen, Bonnie. Die doorboren mijn hart.”
“Daar zal je maar beter gewoon aan moeten worden als je met mij zaken wilt doen.”

Sterk in haar schoenen laat Bonnie hem verbouwereerd achter en zoekt ze haar weg naar het toilet. Maar Desirée houdt haar tegen. De dame, eveneens een lid van BB, is voor Bonnie altijd als een soort doopmeter geweest. Bij haar kan ze terecht met vragen die ze niemand anders durft te stellen. En ook nu heeft Desirée een tip klaar.
“Bonnieke, éne gouwe raad: don’t mix work with pleasure. Been there, done that. En neem het van mij aan. Da’s vragen om problemen.”
Opnieuw verschijnt er een gezonde blos op Bonnie’s wangen.
“Aan uw kleureke te zien, zit ‘m al onder uw huid.”
Bonnie probeert het nog te ontkennen, maar slaagt er niet in. Voor ze verlost wordt uit haar lijden, neemt Desirée haar vast en fluistert haar in het oor.
“En als ge’t toch wilt mixen, zijt dan ma éxtra voorzichtig. Voor raad kunt ge altijd bij mij terecht. Maar dat wete wel, hé?”
De greep op Bonnie verslapt waardoor de jongedame de kans krijgt om na een kort knikje haar weg naar het toilet verder te zetten. Terwijl ze zich ontdoet van wat geel lichaamsvocht krijgt ze de tijd even op adem te komen. Wat had ze zich deze avond anders voorgesteld! Er al even van proeven, dat had ze verwacht. Niet een of ander inwijdingsritueel of verwelkomingsfeest? Tijdens het obligate handen wassen merkt Bonnie dat de muziek in de zaal opeens verdwijnt en plaatsmaakt voor een piepende microfoon. De stem van haar moeder weergalmt plots doorheen de speakers.

“Mensen, collega’s, partners. Vandaag zijn we niet alleen hier omdat ‘t elke week feest is in Den Bar. Vandaag is den dag da’k net iets fierder ben dan anders.”
Bonnie’s hoofd tolt wat als ze beseft dat ze zich niet lang meer kan schuilhouden in het toilet. Beter de korte pijn dan maar, beslist ze net voor ze de deur naar de zaal opent. Daar zijn alle ogen opeens op haar gericht.
“Bonnie, schatteke, ik weet dat ge niet graag in de spotlights staat, maar zo leert iedereen meteen met wat voor een vrouw ze in de toekomst gaan samenwerken. Welkom bij de Bende van den Bar!”
Anita’s hand met daarin een vol glas champagne gaat de hoogte in  en wordt gevolgd door een zee aan handen met daarin het gouden goedje. In koor klinkt er ‘santé’ voor de glazen synchroon aan de lippen gebracht worden. Tot Bonnie’s grote vreugde wordt er van haar niet verwacht om net zoals haar moeder een speech te geven en klinkt de muziek weer even luid als daarnet.

“Ik kijk ernaar uit om met jou samen te werken”, klinkt het opeens in Bonnie’s oor. Zonder omkijken herkent ze Charlie’s stem. Ze draait zich in een vloeiende beweging zijn richting uit waardoor ze ongewild tegen hem aan botst. Een zweem van zijn parfum brengt Bonnie even van haar melk. Maar Charlie’s afwachtende blik brengt haar snel bij haar positieven.
“Ik weet niet of ik dat als een compliment moet aanschouwen”, kaatst ze terug.
De man lacht zijn tanden bloot en streelt met zijn hand over zijn strak naar achteren gekamde coupe. Hoewel haar hart smelt door deze overheerlijke beweging, tracht Bonnie haar hoofd koel te houden. Maar Charlie is duidelijk nog maar aan het opwarmen.
“Weet je welke vrouwen me opwinden?”
De ogen van Bonnie rollen in haar kassen waarop Charlie zijn handen in de lucht gooit.
“Komaan! Geef me toch een kans!”
Bonnie lacht schalks en haalt haar schouders op. Het teken voor Charlie om zijn vraag zelf te beantwoorden.
“Vrouwen die zich niet meteen gewonnen geven.”
Opnieuw lacht Charlie zijn tanden bloot en grijpt hij de kans nog dichter te komen staan. Bonnie speelt het spelletje mee en legt haar hand op zijn borstkas. Door het flinterdunne katoenen designerhemd heen voelt ze hoe zijn borstspier zich samentrekt. Langzaam laat ze haar hand zakken en vindt ze de weg naar een verrassend strakke sixpack. Net voor ze de rand van zijn broek raakt, nadert ze Charlie’s oor met haar lippen.
“Dan moet je hier toch een ongelofelijke stijve van krijgen.”
Terwijl ze weg stapt, trakteert Bonnie Charlie op een blik op haar derrière terwijl ze met een brede grijns terug de bar opzoekt. Pas wanneer ze voorzien is van een vers glas bubbels kijkt ze achterom. Waar geen spoor meer is van Charlie.